Sevilla

Voorlopig het laatste grote steden-verslag uit het Zuiden van Spanje. De afgelopen tijd kwamen ze hier allemaal wel een keertje voorbij: verrassend Cádiz, mysterieus Granada, trendy Málaga en indrukwekkend Córdoba. Ieder voor zich onmiskenbaar Andalucía met Moorse roots en overladen met zwaar katholieke praal en protserij.

Ik ben de tel kwijt, maar ik was al een keertje of 5 in Sevilla. Ooit, begin jaren ‘80 twee keer als piepjonge reisleider met 45 Nederlandse cultuursnuivers. Hartje zomer, met temperaturen ruim boven de 40 graden. En altijd wel een reisgenoot die ziek was, bestolen of onhandelbaar. Later weer tijdens de World-Expo in 1992, wat Sevilla toeristisch gezien op de kaart heeft gezet, maar financieel naar de rand van de afgrond heeft gebracht. De linkeroever van de Quadalquivír ligt nog vol met vervallen paviljoens. De laatste keer was ook memorabel. Het Franse bedrijf Elior organiseerde tweejaarlijks een internationaal congres en dan werden alle hotemoten ergens in Europa in de watten gelegd. Van de stad toen in 2004 weinig gezien, van de bars des te meer.

Sevilla is elegant en trots. Haar inwoners vieren het leven in stijl met veel tradities en folklore. De Semana Santa (de heilige paasweek) is wereldberoemd, maar ook de Bienal de Flamenco en Feria van San Miguel zijn altijd druk bezocht. Sevilla is de cultuur hoofdstad van Andalucía met prachtige musea. Één ervan bezochten wij, het Museo de Bellas Artes. Alleen het Prado in Madrid heeft meer kunstwerken. Een werkelijk onvoorstelbaar aantal topwerken vanaf de Middeleeuwen tot begin 20e eeuw hangt er. Vooral veel Spaanse kunstenaars, maar ook verrassend veel Belgen zoals Brueghel. Zet maar op je shortlist als je (nog) een keer in Sevilla bent.

De must sees zijn natuurlijk vooral de Kathedraal met de toren Giralda en het Koninklijk paleis Alcázar. In de kathedraal, de grootste Gotische van de wereld, zie je alle pracht en praal van het rijke Spaanse rijk. Vooral met veel zilver en goud, mee geroofd uit Zuid-Amerika. Het is best symbolisch dat juist Columbus, die Amerika ontdekte en daarmee zorgde voor de Spaanse overheersing, begraven ligt in de kathedraal. Er is sterke twijfel of het wel zijn botten zijn, want hij is een stuk of 5 keer opgegraven, verplaatst en weer herbegraven. Dat is met DNA makkelijk te achterhalen, want zijn zoon ligt er ook. Maar ze laten hem lekker liggen onder een zilveren plaat. Goed voor de business.

De top van de Giralda Toren bereik je na 37 lange hellingbanen omhoog klauteren en ik denk dat aardig wat bejaarde Amerikanen happend naar zuurstof terug naar beneden zijn gerold. Het uitzicht maakt alles goed. De Joodse wijk Barrio Santa Cruz is van boven net zo’n mystiek doolhof als vanaf beneden. Buiten een voortreffelijke lunch in een prachtig pand zijn we ook twee keer in die wijk beland bij een tourist trap tent. Dat is wel het nadeel van Lonely Planet, Tripadvisor etc. Door de enorme drukte wil iedereen een graantje meepikken, ook al kunnen ze nog geen fatsoenlijke tapa klaarmaken. So be it.

Na een uitgebreide lunch is het heerlijk uitbuiken op het mooie Plaza de España. Onder de imposante bogen wordt dan vaak een flamenco-show gegeven. Voor een paar euro’s fooi hoef je dan niet naar een theater. Hier en daar schildert er nog iemand, er wordt viool gespeeld. Of ligt er een rondborstige grijze buitenlander op één van de vele bankjes een heerlijke siësta te doen.

Twee dagen is eigenlijk te kort voor een stad als Sevilla. Het Alcázar was volgeboekt tot de week erna, van de wijk Triana hebben we alleen de authentieke markt gezien (een trouvaille!), we hebben geen koetsje gereden, we zijn vluchtig onder de bekende Metropol Parasol (een grote overkapping in het centrum met als bijnaam Las Setas; de Paddestoelen) doorgelopen, geen boottochtje over de rivier Quadalquivír gemaakt. Maar wel in twee dagen 35 kilometer door de stad gestruind.

Als ik heel eerlijk ben, is mijn bewondering voor kleine broertje Córdoba groter. Vooral ook omdat daar na de katholieke herovering op de Moren la Mezquita als enige moskee gespaard is gebleven. Daar kan geen kathedraal tegenop, ook omdat de extravagante rijkdom van de katholieke kerk me tegen staat.

Maar aarzel niet, ga buiten de zomermaanden om naar Sevilla. Deze aristocratische dame verdient het.   

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *