Reizen door Spanje capítulo 2: Ruige kusten, kunst & cultuur.

We zijn dus in Baskenland. Het is altijd een apart stukje Spanje geweest, meer nog dan Catalunya. De Basken hebben hard voor hun onafhankelijkheid gestreden, met lange tijd de ongrijpbare en meedogenloze ETA als het extreem gewelddadige clubje. Die tijden zijn gelukkig voorbij, maar het blijft een eigenaardig volkje. Hun taal is zo vreemd, dat niemand het verstaat. Met de meeste lettercombinaties zou je met Nederlands Scrabble glansrijk winnen, want ‘txakur’ zou op 3x letter-en woordwaarde goed scoren. Zykruni of gizakia vast ook. De meeste plaatsnamen staan trouwens ook in het Spaans vermeld, zodat je er nog wat van maken.

Vanuit onze Casa Rural maakten via smalle, gevaarlijke kustweggetjes een betoverende tour van vier uur naar San Sebastián. Kleine dorpjes aan imposante baaien, woeste kustlijn, hoge kliffen; het woord ‘ruig’ heeft een nieuwe dimensie gekregen.

Pas ver na tweeën kwamen we aan in dé culinaire hotspot van Spanje. Trouw aan onze tradities begon de tapastour met oesters, maar ik kon ’s avonds niet meer herinneren wat we allemaal daarna hebben vermorzeld. Het was bombastisch, zo veel en zo lekker. Donnostia (de Baskische naam voor San Sebastián), beschut gelegen in een schitterende baai, heeft vast mooie toeristische attracties, maar die zijn pas de volgende keer aan de beurt.

De volgende dag begon serieus met een bezoek aan het Vredesmuseum in Gernika. Dit plaatsje is in 1937 platgebombardeerd door de Duitse Luftwaffe, die mochten oefenen van Franco om het verzet van de Basken te breken. Gernika (Guernica) was de symbolische hoofdstad van Baskenland en verloor die dag +/- 1600 van de 4000 inwoners. Het museum was een  ingetogen eerbetoon aan de slachtoffers, maar ook een roep om vrede en vergeving. Picasso heeft over Guernica een beroemd (maar spuuglelijk en luguber) schilderij gemaakt, dat vroeger bij ons thuis hing. We waren zo onder de indruk dat we pas in de auto erachter kwamen dat onze rugzak nog veilig in de kluis van het museum lag…

We vervolgden onze kustroute, maar nu westelijk naar Bilbao. We besloten de pittige wandeltocht naar het schiereiland Gaztelugatxe (168 punten!) te maken. Het was zeer de moeite waard, met veel klimmen en dalen, want we raakten de helft van de pintxos van de vorige dag kwijt. Ook bijna de helft van de andere wandelaars, want een groep bejaarde Amerikanen hing onderweg half dood over de reling. Bizar dat er bij het begin niet werd gewaarschuwd, maar wellicht heb ik de Baskische tekst niet goed begrepen.

Laat in de middag reden we Bilbao binnen om via een bijzonder brug naar het centrum over te steken. Deze beroemde Puente Colgante Vizcaya uit 1893 is ontworpen door een trouwe leerling van Eiffel en dat is duidelijk te zien. Er kunnen een paar auto’s mee naar de overkant en dus ging onze Zafi mee, hangend aan metalen kabels in een soort uitvergrote dubbele bouwkeet naar de overkant. Wij moesten zelf in de auto blijven zitten en kregen een licht Titanic gevoel, maar het liep goed af.

Na een fantastische nacht in de kasteelkamer van de superdeluxe Casa Rural La Torre de la Quintana, ditmaal met echte receptionistes i.p.v. theelepelvrouwtjes, reden we opgetogen naar Bilbao voor één van de hoogtepunten van onze reis, een bezoek aan het Guggenheim Museum. Voor mij ook wel een beetje beladen, want het zou de volgende bestemming zijn geweest voor het jaarlijkse Mama-weekend. Helaas is dat er niet meer van gekomen, maar ik had haar beloofd er snel naar toe te gaan.

Van de buitenkant is het unieke gebouw apart en futuristisch en ook als je naar binnen loopt word je overdonderd door het architectonische vernuft. Maar de exposities vielen ronduit tegen. Tien  van de 30 zalen waren dicht i.v.m. renovatie of nog te starten nieuwe tentoonstellingen. De tijdelijke exposities van Morandi en Jesper Just  waren teleurstellend en de permanente exposities te beperkt. We stonden na een uur al buiten, terwijl het KUMU museum in Talinn ons in december uren heeft kunnen bekoren.

En toch ben ik blij dat we er geweest zijn, er is een emotioneel cirkeltje rond gemaakt. Er wordt soms gesproken over het Bilbao-effect als een doodgewone of oninteressante stad door één geweldige attractie een hotspot voor toerisme wordt. Misschien verdient Bilbao langzamerhand wel meer, want het is van een saaie industriestad een relaxte plek geworden. De vraag is echter hoeveel van de 1,2 miljoen jaarlijkse Guggenheim-bezoekers  naar Bilbao waren gereisd, zonder dit museum. We gaan nog een keer terug naar Baskenland, want het is een fantastische bestemming en we hebben nog lang niet alles gezien. De kust en de pintxos-cultuur waren de hoogtepunten, niet het museum.

Santander, net buiten Baskenland in Cantábria, was een quick visit en verdient de volgende keer ook meer tijd. We bezochten het kasteel Magdalena en wandelden met honderden lokale toeristen door het te keurige Disney-achtige park, met zeeleeuwen en pinguïns achter hekken in waterbassins. De stranden zagen er aanlokkelijk uit, maar het werd tijd voor onze volgende bestemming: La Rioja! Eindelijk tijd voor een hapje en een drankje…..

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *