Vrijheid

Er is de afgelopen week al veel over geschreven, ook door bekende columnisten. Een groepje droeftoeters dreigt de Dodenherdenking op de Dam luidruchtig te verstoren. Omdat ze het hypocriet en eenzijdig vinden, met te weinig aandacht voor onze eigen duistere geschiedenis.

In Nederland kan dat, want we zijn vrij. En dus mag de grootste randdebiel een mening over alles hebben wat je maar kunt bedenken. Over de lengte van de snavel van Pino, over de flauwe opmerking van een zwemmeisje tegen een prinsesje. En dus ook over onze 4 mei Dodenherdenking. In Rusland vieren ze op 23 februari Dag van de Verdedigers van het Vaderland. Maar het lijkt me niet verstandig om dan op het Rode Plein tijdens de Parade tegen Poetin te klagen over de oorlog in Afghanistan. Ook in Turkije knuppelen de loopjongens van Erdogan er vrolijk op los als de Armeniërs willen protesteren tijdens de Dag van de Overwinning op 30 augustus. En misschien moeten we dat ook maar een keertje doen. Het hele groepje van een man of 50 bij elkaar drijven en in het Ijsselmeer kiepen.

Het is pas 73 jaar geleden dat we bezet waren door de Duitsers. Zelf lukte het ons niet, maar er waren buitenlanders bereid het leven te laten om ons onze vrijheid terug te geven. Geen Duitser hadden ze gezien in hun eigen land, maar toch kwamen Amerikanen, Canadezen en Engelsen ons bevrijden. Vijf donkere jaren waren voorbij en het moest nooit meer gebeuren. Het is te schandalig voor woorden dat iemand deze dappere mensen en alle andere slachtoffers niet zou willen herdenken. Dan ben je goed ziek in je bovenkamer en is een permanent verblijf op Antarctica misschien de netste oplossing.

Vrijdagavond was de beklemmende film Dries Riphagen op TV. Deze Amsterdamse penoze-pooier heeft in de 2e WO Joden verraden, hun bezit afgepakt, met de Sicherheit Dienst samengewerkt, veel verzetsmensen verraden en op laten pakken. Het was goed gefilmd en de angst kwam door het scherm mijn huiskamer binnen. In zo’n oorlog worden alle karaktereigenschappen sterk uitvergroot. Dapperheid (actief zijn in het verzet), Empathie (onderduikers onderbrengen) en pragmatisme (onopvallend tegenwerken) zijn dan de mooie kant van de mens. En angst is een logische drijfveer om geen risico’s te nemen, maar leidde vaak tot passief meewerken met de vijand. Collaborateurs werden vaak gedreven door eigen belang en vreemdenhaat. Maar bij types als Dries Riphagen kwamen de meest walgelijke eigenschappen bij elkaar: hebzucht en meedogenloosheid.

Toch leven we in Nederland langzaamaan op het randje van de haalbare vrijheid. Want we kunnen er niet meer mee omgaan. Vorige week kwam naar buiten dat Nederland gezien wordt als het land van de Haat. De Nederlandse moderators van Facebook krijgen dagelijks 8000 meldingen van discriminerende, racistische of haatdragende berichten. Daarmee zijn wij (procentueel gezien) koploper bij Smoelboek. En je hoeft maar even naar de reacties bij bepaalde berichten te kijken en je schrikt je echt lam. Zelfs bij relatief onschuldige posts vliegen de doodsbedreigingen en enge ziektes je om de oren. Ik probeerde hier en daar nog wel eens een tegengeluidje te laten horen, over bv. de Oostervaarderplassen, maar ben dan blij dat ik over de grens kan onderduiken.

Wat moeten we doen om weer normaal voor je mening te durven uitkomen, zonder dat je wordt afgemaakt of aangevallen? Hoe zorgen we ervoor dat Joden in Rotterdam weer met een keppeltje over straat durven te lopen? Moet artikel 6 van onze grondwet (vrijheid van meningsuiting) niet nog meer ondergeschikt gemaakt worden aan artikel 1 (gelijkheid en geen discriminatie)? Kunnen we mensen die zich ernstig misdragen een tijdje buitenspel zetten? Een soort van Tijdelijk Ongeschikt Verklaring , dus niet stemmen, demonstreren of je mening openbaar ventileren?

Maar wie maken we dan scheidsrechter? Het clubje van Mark Rutte in ieder geval niet. Die moet je geen memo’s laten schrijven. Laatste klusje misschien voor Jan Terlouw? Want wie vertrouwen we nog? Wie staat in Nederland boven de partijen? Wie is Nederlands onbetwiste morele leider? Wij zijn het land van 1000 meningen, zoals in het liedje van Fluitsma & van Tijn over 15 miljoen mensen.

Ik geniet van mijn vrijheid en kan mijn stukjes schrijven zonder bang te zijn. Dat heb ik aan dappere mensen te danken. Laten we dat nooit vergeten!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *