NÈK-NÀK

Vandaag is het zover. Dan weet de oudste stad van Nederland of hun cluppie weer met de grote jongens mee mag doen. Niet meer naar stadion de Braak in Helmond of de Krommedijk in Dordrecht. Weer naar de Arena, de Kuip, het Flipse Stadion of de Galgenwaard. Heel ‘Nimwegûh hêt vlèkkuh in de nèk’ na jaren van ‘pien in het hert’.

De affiche voor deze apotheose is het Nederlandse equivalent van Flu-Fla, de klassieker tussen Fluminense en Flamingo in Brazilië. 4 jaar geleden daalde NEC af naar de donkere spelonken van het betaalde voetbal, nadat ze verloren hadden in de nacompetitie van: NAK! Vandaag is het dus dé uitgelezen kans om deze geelzwarte Harrie Nakkers te veroordelen tot nog een jaar kunstgras-geklooi in de Keuken Kampioen Divisie. Alleen die naam al…. Je gaat spontaan alleen nog maar eten bestellen bij thuisbezorgd.nl.

Voor clubliefde maakt het niet uit hoe oud of lelijk een stadion is. Camp Nou, ooit hagelnieuw toen ik vlak ernaast werd geboren, is nu een rottende betonnen kolos uit 1957. Ik pies nog liever in mijn Tena Lady for Men dan naar de door urinezuur aangevreten urinoirs van de vervallen tempel te gaan. Er ligt een ambitieus plan, Espai Barça, klaar voor een nieuw stadion. Maar met een miljardje schuld toch even lastig om Nationale Hypotheek Garantie aan te vragen. Ik ben ook bang dat Coutinho, Dembele en Griezelman niet meer de € 500,= miljoen gaan opbrengen die ze ooit samen gekost hebben….

En natuurlijk blijf ik altijd een N.E.C.-fan, ook in de teleurstellende achterliggende jaren. Dan ging ik wel eens met vriendje en technisch commissaris Leen Looyen naar uitwedstrijden om de club te vertegenwoordigen en werden we op de tribune van Telstar, Almere City of MVV consequent uitgelachen door de dronken businessleden van de lokale middenstand. En dan, na weer een 3-1 nederlaag, nog handjes schudden in de bestuurskamer om vervolgens 2 lange uren terug te rijden. Mooier kon je weekend niet beginnen, zo op vrijdagavond…

Maar nog één keer winnen, tegen die geel-zwarte Nakkers en dan mogen we ons volgend jaar weer 2x opmaken voor dé titanenstrijd tegen die andere geel-zwarte wespen, Vitàs uit Ernem. Ons volkse clubje tegen de kakkers uit de provinciehoofdstad. Mijn oud compagnon Erik Langedijk, bekend als het NEC-hooligan-typetje Schele Daan van de Krayenhofflaan, werd deze week al gevraagd om live te worden gevolgd vandaag. Maar met zijn act roept hij aan de andere kant van de rivieren heftige reacties op. En je moet tegenwoordig iets voorzichtiger zijn, met al die oververhitte mafketels met een heel kort lontje. Voor je het weet, dobber je in de Waal onder de duwbakken.

Als het vandaag lukt, dan kan onze burgemeester Hubert Bruls zijn imposante borst natmaken. Afgelopen donderdag lukte het nog om met (te) veel politie machtsvertoon de boel uit elkaar te slaan. Maar bij terugkeer naar de Eredivisie gaat Nijmegen ontploffen. Opgekropte frustratie van de afgelopen jaren, ontlading door een totaal onverwachte promotie en heel veel lokale trots dendert dan als een sneeuwstorm over de stad. Als ik horeca-ondernemer was, zou ik mijn terrasstoeltjes nog een dagje achter de gesloten rolluiken binnen laten staan. Ik zeg het uit ervaring: fijnbesnaard en bedeesd wordt er nooit gevierd door NEC-fans…

Het is de bedoeling dat Marcel Boekhoorn, de suikeroom en geldschieter van N.E.C., dan weer zijn poeplap trekt om fors te investeren. Want met dit elftal jonge knulletjes kun je een jaar later alweer de weg terug bewandelen. Natuurlijk zijn we blij dat Edgar Baretto na 14 jaren in Italië uit clubliefde terug is gekomen om N.E.C. met zijn ervaring verder te brengen. Ooit was hij als broekie bij ons kind aan huis, omdat hij als 17-jarige Paraguyaans jochie in het koude en kletsnatte Nijmegen kan voetballen. Onze vakantie naar Paraguay stond al gepland, totdat we onverwachts Rosamar kochten. The rest is history.

Maar wat nou als het niet lukt? Als alle euforie gestoeld was op drijfzand? Dat die Nakkers ons van de mat spelen en zelf een treetje hoger gaan ballen? Dan gaan wij Nijmegenaren doen waar we ook goed zijn: nuilen! Dat is Nimweegs voor zeuren-zeiken-janken-klagen. En doen we volgend jaar weer hetzelfde kunstje. Zoals de Duitsers zeggen: Himmel jauchzend oder zu tode betrübt!

Taal is echt mijn ding

Al een jaartje of 8 val ik jullie Vroeg op Zondag lastig met mijn hersenspinsels. In het begin vooral korte stukjes met veel emoties, de laatste jaren gevarieerde potpourri van rond de 700 woorden. Midden 2019 kreeg ik last een stevige writer’s block en zat ik vaak, zoals een konijn verstijfd in de koplamp van een auto staart, naar mijn monitor te kijken: waarover in godsnaam deze keer?”

Het krankzinnige begin van de Corona-tijd in maart 2020, was de aanleiding om de draad weer op te pakken. Want ik vind schrijven gewoon een leuke hobby. Na de HAVO was ik aangenomen op de School voor Journalistiek Utrecht om wellicht in de voetsporen te treden van mijn vermaarde peetoom Rob Wouters, maar een speling van het lot én de drang om veel te kunnen beunen bracht me uiteindelijk op de Middelbare Hotelschool in Wageningen. En na vier uiterst relaxte en vochtige jaren, was het tijd om de werkwereld in trekken in plaats van verder te studeren. The rest is history!

Ik kan me scheel ergeren aan taalvouten in brieven, mails of comments. Maar ik ben geen taalnazi, zo’n iemand die een ander op zijn/haar fouten wijst en daarna de verbeterde variant erbij zet. Het is een misplaatst superioriteitsgevoel, alsof je als taalpurist een beter mens zou zijn. Bah. Meestal ontspoort daarna de communicatie en vooral op Twitter en Facebook wordt het dan heel snel heel lelijk. Ik ben daarom gestopt met Twitter, want dat is dé vergaarbak van onbeschofte reacties geworden. Maar op Facebook, vaak net zo erg, kan ik soms genieten van een domme opmerking  die honderden comments oplevert. Ik gluur dan heerlijk mee, maar waag me niet aan commentaar. Een duimpje hier, een smiley daar, meer ook niet.

Hét woord van de week is natuurlijk ‘sensibiliseren’ geworden. Omdat ‘sensible’ in het Frans, Spaans en Engels allemaal met gevoel te maken heeft, kon ik de opmerking van Hoekstra in de kabinets-notulen niet zo goed plaatsen. Was het nou de bedoeling dat Omzigt gevoelig werd gemaakt voor het regeringsstandpunt in de toeslagen-affaire? Of wilde ze Pietertje een beetje kortwieken en terug in zijn kamerhok duwen? Of moest Pieter Omzigt bewust worden gemaakt van een mogelijke burn-out als hij zo doorging? Dat laatste is niet gelukt, want Pieter zit voorlopig nog wel even ziek thuis.

Het is een riskant standpunt in dit pro-Omzigt tijdperk, maar ik ben geen fan van deze saaie en soms taaie politicus. Hij heeft samen met Renske Leijten van de SP tegen de windmolens van dit kabinet gevochten om de hufterigheid van de belastingdienst aan de kaart te stellen. Chapeau, hulde, een diepe buiging.

Maar hij heeft zich ook als een naïeve Alfred Jodocus Kwak laten misbruiken in de lijsttrekkers-verkiezingen van het CDA. Alleen die afkorting al: Christen-Democratisch Appèl. Ik heb nog nooit een kneuzerigere interne machtsstrijd gezien als bij het CDA. Eerst duwde Hugo de Jonge Pieter van het podium met een laf bosje tulpen en daarna walste Hoekstra over Omzigt heen. Dan ben je toch helemaal klaar bij zo’n clubje linkmichels? Maar deze droeve Cockerspaniel bleef loyaal. En ging niet als een valse Doberman Pincher vol in de aanval op de knieschijven van Hoekstra. Laf en treurig.

Sinds 1997 waren er geen grammaticale aanpassingen aan de Nederlandse taal meer gedaan, maar in april 2021 zijn er een paar doorgevoerd. ‘Groter dan’ mag nu ook ‘groter als’ zijn. Wat nu ook mag is een dubbele negatie: “hij heeft nooit geen geld”. Maar de ergste van allemaal is nu toegestaan: ‘Ik heb hun een drankje gegeven.’ Ik weet niet hoe het jullie vergaat, maar ik krijg kortsluiting in de bovenkamer van deze mutaties. Wat een armoede!

Dan heb ik nog liever die schattige foutjes: ‘Dat vindt ik ook!” . ‘Hoera, geslaagt!’ ‘mondkapje verplicht, geld voor iedere bezoeker!’ ‘Hij steekt er met kop en schotel bovenuit!’ ‘Ik heb een verassing voor je!’

Bij het nalezen van mijn column heb ik veel fouten ontdekt. Voor de competitieve lezers: schrijf bij de comments hoeveel jij denkt dat het er zijn en win een fles Spaanse Cava. Die kom ik, met één van mijn 12 negatieve sneltesten in mijn achterzak, persoonlijk brengen en meehelpen soldaat te maken. Dat heb ik wel goed geleerd in Wageningen.

Meppen met een stokje

Echt verbaasd was ik over alle reacties op mijn column vorige week. Blijkbaar was mijn bekentenis over verslavingen hét ultieme Coming-Out moment. Met stip op nr. 1 staat drop als grootste boosdoener. Dit zwarte troostvoer helpt ons wel door Corona heen…. En dan komt vanzelf een kilootje drop d’rop.

Deze week gaan we het hebben over mijn grootste frustratie: golfen. Gisteren was weer zo’n dag. Na een week snoeihard werken en een paar uurtjes rommelen met de hogedruk spuit in de tuin, gingen mijn lieftallige ega en ik naar golfbaan Bleijenbeek voor een rondje van 9 gaten (holes). Sinds mijn bezoek aan de chiropractor donderdag jl. krijg ik doorlopend prikkels in mijn rugspieren, alsof er stroom op is gezet. Na 30 jaar rugproblemen weet ik dat dit een goed teken is, omdat de boel weer een beetje los getrokken is. Maar mijn golfclubs weten dat niet. Die ijzeren klojo’s zijn wereldvreemd en hebben schijt aan de baas.

Bij mijn eerste afslag onthoofde ik bijna een hitsige knoflookpad, die niets vermoedend wat kikkerdril aan het bevruchten was. Angstig keek ik om heen: gelukkig waren nergens Ester Ouwehand van de Partij vd Dorre Dieren of Jesse Klaver van Groezelig Links te bekennen. De met uitsterven bedreigde knoflookpad mag in modderpoeltjes op onze golfbaan nog proberen de opwarming van de aarde te weerstaan om in 2038 in een pannetje met knoflookboter te belanden. Gaan we niks aan missen, aan die lelijkerd.

Marion wist meteen hoe laat het was en trok zich terug in haar eigen golfbubbel. Vorig jaar raakte ze nog van slag als ik weer vloekend, tierend en scheldend achter haar aan hobbelde. Maar haar nieuwe approach (mij negeren en zelf blijven concentreren) werkt prima. Sterker nog, mijn infantiele gedrag maakt haar alleen maar beter, onder het motto: “What doesn’t kill you, makes you stronger.” En dus sloeg ze de ene na de andere wereldbal. Kaarsrechte afslagen, keurig veldspel, mooie chips en strakke puts. Wat ik ook deed, ze vertrok geen spier. Toen ik op hole 6 demonstratief mijn bal de vijver in ramde, putte zij voor een birdie. Fijn voor d’r…….

Iedereen die een keertje met mij gesport heeft, kent mijn handicap. Ik kan heel goed tegen mijn verlies, maar kan er helemaal niet tegen als ik zelf er geen reet van bak. Ik speel tennis in Nederland met Gaico en die is technisch gezien veel beter. Dus ik weet dat hij mooiere en betere ballen slaat en daar kan ik van genieten. Maar als ik zelf loop te klooien en makkelijke ballen mis word ik helemaal gek. Scheld ik mezelf verrot, wil ik mijn racket kapot slaan. In Spanje tennis ik met vriendje Gerard. Zijn vrouw Lenny dacht in het begin dat al dat getier tegen haar man was. Totdat ze zag dat Gerard lachend mijn domme frustratie onderging:  “Hé, niet met je racket gooien, Frank”.

Of ik er wat mee bereik, met al die frustratie? Niks, nada, noppes. Pas als ik op mijn eigen reset-button druk, kom ik uit mijn psychose. Word ik weer voor rede vatbaar en ga ik, diep door mijn neus ademhalend, overnieuw beginnen. Met een beetje mazzel heb ik dan nog één racket over wat niet kapot geramd is of heeft mijn golfclub Iron7 de harde klap tegen de dichtstbijzijnde boom overleefd. Het is interessant voer voor psychologen, mijn gedrag. Maar niet echt van toegevoegde waarde, als ik sport met mijn vrienden. Want het is best gênant.

In een jaartje tijd ben ik met golfen op handicap 35 uitgekomen. Voor de niet-golfers: als je heel slecht bent heb je handicap 54, als je heel goed bent onder de 10. Ik ben dus een labiele midden-motor. Voor de golfers onder ons: ik kom eraan! Ben bloed fanatiek, heb wekelijks les,  ga net zo lang door totdat jullie allemaal zenuwachtig worden, koop net zo veel stokken als er kapot gaan.

Maar het allerlastigste van golfen is dat je tegen jezelf speelt. Tuurlijk loop je een rondje met een ander, maar iedereen heeft zijn eigen niveau en dito score. Mijn grootste tegenstander ben ik dus zelf. Niks nieuws onder de zon, dat is al mijn hele sportleven zo. Misschien toch tijd voor een cursusje Anger Management. Zou Gordon tijd vrij hebben? 

Curling

(Repost februari 2014)

Er wordt wat afgezeurd in ons land. Nu vinden we weer dat Lex en Maxima minder uitbundig onze schaatsers moeten toejuichen. Hoe dan? Zoals die Belgische koning Zakdoek Flip en Graftak Mathilde? Geen wonder dat ze daar geen medailles winnen. Gewoon lekker aan de kopstootjes vodka met Poetin en de volgende dag je kater wegzwaaien.

Ik heb al best veel gezien deze Winterspelen, maar zit heimelijk te wachten op het Curling. Geen winterspelen compleet zonder bezemende postbodes. Hele jeugd achter op het schoolplein gestaan. Maar uit de anonimiteit gelanceerd door de gave om gehurkt te kunnen dweilen. Met passie en overgave getraind om een halve bowlingbal met handvat te manipuleren. Dus a.s. vrijdag 21-2 om 14.30 uur allemaal klaarzitten voor de finale. Ik denk dat Canada het ijssjoelen wint, want Jeremy heeft de hele zomer door geoefend op een zeepbaan in de Rocky Mountains. Bikkel!

Misschien kijk ik wel veel, omdat Mart Smeets niet meer in de studio zit. Wat een verademing. Krijg ook geen lasogen meer van de patronen op zijn sneue skitrui. Door het pensioen van Mart Smeets is het afhangmondje van Diona ineens een sensuele variant van Halle Berri’s goddelijke lippen geworden. Het ego van Smeets is ongeknakt, getuige zijn pedante optreden bij Pauw en Witteman. Maar naar P&W kijkt toch bijna niemand meer, nu Humberto een vrolijkere versie presenteert. Ik heb Mart Smeets een keer meegemaakt als gastspreker bij een partycatering klusje in mijn Toonen-tijd. Moest-ie door salesmanager Els van het station opgehaald worden, want meneer Mart rijdt geen auto. Na een uurtje dom gewouwel voor Hfl 2750,- ging Martje aan de wijn en viel twee uur later op terugweg naar het station bij Els in de auto in slaap. Kwallebal.

Ben overtuigd dat de medailleregen ervoor zorgt dat we nog sneller uit de crisis komen. God, wat snakken we naar positief nieuws en wat worden we op ons wenken bediend. Dat we alleen bij schaatsen, het korfbal van de Winterspelen, plakken halen is irrelevant. De lente zit weer in ons hoofd, de vogels fluiten en het opgespaarde geld klopt in de zak. Is ook wel nodig, want van onze regering moeten we het nog steeds niet hebben. Nieuwste blunder? Gerekend om in jan-feb 2014 € 90 miljoen op te halen met extra accijns op benzine. Na 1,5 maand al € 180 miljoen misgelopen, doordat iedereen (incl. beroepschauffeurs) over de grens gaat te tanken. Lekker doordacht. Dat kun je toch inschatten en uitrekenen? Ik vind dat persoonlijk veel erger dan het akkefietje met Plaszwak. Niemand nam die snoetige tuinkabouter toch serieus? Een hele nacht lullen of hij mag blijven. Tuurlijk, elk circus heeft twee clowns. Eentje lacht altijd en de ander kijkt verdrietig. Klaar.

Ik merk trouwens dat ik steeds vaker moeite heb met de ongelooflijke onzin die DJ’s op de radio uitkramen. Hoe later de avond, hoe lager het nivo. Gisteravond ene Martijn bij Qmusic over Els Borst. Dat hij zich nu wel onveilig voelde. Dat hij niet veilig over straat kan. Nou, dat kan kloppen. Als hij oversteekt, rem ik niet. Hij praat ons onveiligheid aan, terwijl alle statistieken erop wijzen dat het juist veiliger is geworden. Houd dan je snavel domkop, zodat al je 134 volgers geen stomme smsjes sturen dat ze ook ‘iets’ hebben meegemaakt. Vertel wat over de kledingkast van Michael Bubble, maar in godsnaam geen onderwerpen waar je over na moet denken. Vertel wat over FC Barcelona, dat gisteren Rayo Vallecano verpulverde met 6-0. Heerlijk genoten in Camp Nou met Renė en Michel.

En ter geruststelling, het bezoek aan dietiste Pleun is goed afgelopen. Ben nu 6 kilo kwijt in 4 maanden en ik ga door voor de Epke Zonderland Award. Heb gister al stiekum mijn gele Speedo zwembroek van zolder afgehaald. Die lag daar al 5 jaar te wachten op een Dries Roelvink momentje.

Topsport

Diploma!

Wat een opluchting. Geslaagd. Met vlag en wimpel. Nog net niet cum laude, maar het schuurde er tegenaan. Ik hoor nu tot het selecte clubje van 350.000 Illuminati. Allemaal lotgenoten die dezelfde marteling ondergingen, afgezien hebben en met klotsende oksels aan het examen begonnen. Maar allen nu in het bezit van het hoogst haalbare: Het Golf Vaardigheid Bewijs!

Als je nu besmuikt zit te lachen, snap je de ernst en de noodzaak niet. Al 10 jaar beweeg ik me als een lomp illegaal wild zwijn op de Golfbaan, zonder de finesse en noodzakelijke etiquette te kennen. Ik was een regelrechte schande voor deze nobele sport. Een patjakker, een tokkie, een pauper. Natuurlijk had ik als Nouveau Riche alle materialen aangeschaft: de stokken, de golfrollator, de OJ Simpson-handschoen, de kakkineuze schoenen. Maar toch was ik door mijn ongeciviliseerde gedrag van grote afstand te herkennen. En te horen…

Want, net zoals al 45 jaar op de tennisbaan, kan ik er met sporten slecht tegen als iets niet helemaal lukt. Dan vloek ik als een bootwerker of sla een racket of golfclub kapot. Ook een struikje wat iets te dicht in de buurt staat en mijn slag belemmert, blijft als een napalm-stompje over, na mijn wraak. Vriendje Gerard ligt met tennissen regelmatig aan de andere kant van het net in een deuk. Marion vindt het met golfen meestal minder prettig, maar is er wel beter door gaan spelen. Als je je in het golfspel leert afsluiten voor storende elementen, maak je sprongen vooruit. Graag gedaan, Marion!

Met veel bluf heb ik jarenlang het gemis van het GVB omzeild. Ik kan zonder blikken of blozen in zes talen uitleggen dat ik dat in Australië en Amerika helemaal niet nodig had als ik op de Champion-Course van Sydney of LA speelde. Maar nu ik het spelletje steeds vaker speel en aan wedstrijden mee wil doen, heb ik dat flut papiertje nodig om serieus te worden genomen. Ik verwacht de aankomende jaren, zeker nu ik samen met compagnon Marcel een business-abonnement heb afgesloten, vaker met klanten of relaties te gaan ballen op vrijdagmiddag. Toch lullig als een ijverige receptioniste je bullshit-verhaal niet gelooft en je de toegang tot de baan weigert.

Iedereen die mij een beetje kent of mijn columns volgt, weet dat ik er heel slecht tegen kan als iets verplicht moet. Typisch gevalletje van een stevig autoriteitsprobleem. Dus zo’n examen-oproep ligt eerst 12 maanden onderin een la. Af en toe vraagt Marion voorzichtig of ik er al aan toe ben. Maar mijn gegrom nam de laatste tijd af en het onomkeerbare moment kwam dichterbij: lezen, oefenen, leren en examen doen. En zo geschiedde.

Het GVB gaat alleen maar over etiquette en wedstrijdregels. Zoals: wat moet je doen als je bal in een konijnhol terecht komt? (de fik erin steken en konijn roosteren). Mag je je medespeler advies geven over een slag? (als je het bij mij doet, ben je suïcidaal). Hoeveel strafpunten krijg je als je de verkeerde bal uit de bosjes slaat? (hoezo straf?). Wat gebeurt er als je de verkeerde punten hebt ingevuld? (bek houden en door spelen). Je raakt per ongeluk een los takje en daardoor beweegt je bal, wat doe je? (schelden dat Groen Links alles naar de kloten helpt). Kortom, zinloze info die ik nooit ga gebruiken, maar wel uit mijn hoofd moest leren.

Op een donderdagavond zat ik met 15 nerveuze jong bejaarden in een dompig vergaderzaaltje van de golfclub 30 geneuzel-vragen te beantwoorden. Ik was na 10 minuten als eerste klaar, net als vroeger. Niet nadenken, eerste ingeving, niet terugkijken of veranderen, inleveren en naar buiten lopen. Toen iedereen klaar was, mochten we terug naar binnen en kreeg je je score uitgereikt. Ik had er 25 goed, ruim voldoende. Als ik vroeger vergelijkbare scores had gehaald, had ik waarschijnlijk nu niet meer zo hard hoeven werken om broodjes te verkopen in lege kantoorpanden…

Acht jaar geleden heb ik mijn Vaarbewijs gehaald. Nooit hoeven laten zien op zee. Maar overal waar ik nu kom met golfen, leg ik pontificaal dat GVB-kaartje op de balie. Want het is het laatste diploma wat ik heb gehaald. Zeker als je het kinderlijke diplomaatje bekijkt. GVB staat bij mij voor Geen Verdere Behoefte. Ik ben uitgestudeerd. Met een handicap…

De Puppies

Het werd tijd voor een reünie, dus ze zijn er weer. De Puppies. Deze geuzennaam is vijf jaar geleden ontstaan toen een paar jonge, voetbalgekke collega’s een weekendje bij hun oude kompaan op bezoek kwamen. Voor een potje voetbal van FC Barcelona, avondjes doorhalen in Barcelona en Lloret en vooral veel lachen en lol.

De meesten zitten ondertussen stevig in de kleine kinderen, dus zijn ze harder dan ooit toe aan een weekendje mannenhumor en slap geouwehoer. Marion zag de bui al hangen en is vanmorgen vroeg al door mij op de vliegbus naar huis gezet. Dinsdag komt ze weer terug en dan zijn William, kleine Frank, Dave en Roger allang weer vertrokken. De rust wedergekeerd en de biervlekken op het terras opgedroogd. Denk ik..

We hadden mazzel, want precies deze wedstrijd kon Barcelona kampioen worden tegen het nietige Levante. Voor de 8e keer in 11 jaar kampioen, dan ben je gewoon de beste. Més qu’un club! We waren bijtijds bij Camp Nou om de laatste kaarten te bemachtigen. Het succes kent namelijk als supporter ook een keerzijde. Voor een potje voetbal tegen pak ‘em beet het FC Zwolle van Spanje betaal je tegenwoordig zomaar  € 134,= voor normale kaarten. Met dan een verdubbeling t.o.v. 3 jaar geleden. Waanzin. Locura!

Maar het stadionnetje zat met 95.000 man lekker gevuld en de sfeer was opgewonden. Iedereen had er zin, het stikte van de toeristen, de vlaggetjes zwaaiden vrolijk rond en duizenden selfies met de machtige groene mat als achtergrond werden rond de wereld geappt. Maar het potje was eigenlijk niet om aan te gluren. Met woensdag a.s. de zware halve finale CL tegen Liverpool in het verschiet, wilde niemand moe worden of een blessure oplopen.  Gelukkig kwam kleine kabouter er in de tweede helft in om het winnende doelpunt gemaakt. Waar zou FCB zijn zonder Messi????

Daarna sukkelde het potje ballen zenuwslopend naar het eind en konden de festiviteiten beginnen. Een puike show volgde met veel vuurwerk, alle spelerskinderen erbij op het veld en het verwende publiek in Barcelona met heel veel toeristen was tevreden. Nu nog de CL en de Spaanse Beker om weer eens een Triple te halen. Maar dan zal er om te beginnen woensdag tegen Liverpool beter gespeeld moeten worden, want anders blijft dit de enige prijs van dit seizoen.

Het is traditie voor Barcelona om het gewonnen kampioenschap bij de Font de Canaletes (bovenaan de Ramblas) te vieren en dus sjeesten we toeterend en zingend met de Oude trouwe Zafira snel door de stad om erbij te zijn. Wat een feest. Wat een lol. Wel allemaal knulletjes van 16 die vreselijk druk stonden te schreeuwen, maar het leek meer op kattekwaad dan op hooliganisme. Vergeleken bij een kampioenschap van Feyenoord of Ajax was het een tam feestje.

We sloten af met een paar biertjes op het Placa Reial om de schorre kelen te smeren. Vroeg in de ochtend loodste ik de puppies terug naar Rosamar, net op tijd om Marion naar het vliegveld te brengen, om daarna dit stukje te schrijven.

Als klap op de vuurpijl gaan we straks ook nog een tweede potje La Liga kijken in Girona. Deze echte voetbalmaffen wilde de kans niet laten lopen om FC Sevilla te zien ballen in het knusse thuishonk van FC Girona. De locals hebben het zwaar, vechten tegen degradatie en krijgen dus onverwachte steun uit Nederland. We gaan zorgen dat Montilivi, in het universiteitsgedeelte van het eigenzinnige Girona, in vuur en vlam komt te staan. Ik zal de puppies dadelijk nog wat Catalaanse scheldwoorden leren om indruk te maken. Komt goed. Daarna een potje bier misschien….

En maandag wordt dan een dagje bijkomen en natuurlijk voetbalquizzen. Wie er spits was van Feyenoord in 2002 tijdens de finale van de UEFA Cup, wie de meeste eigen doelpunten maakte in seizoen 1998-1999, welke voetballer er met zijn rug scoorde in Schotland en dat soort ongelooflijke triviale weetjes. En daarbij misschien wat Estrellas Doradas om de dorst te lessen.

Maar nu eerst even de oogjes dicht. Heerlijk dromen van een briljante 5-0 overwinning met geweldig voetbal. Wie er scoort in mijn droom? Die kleine kabouter natuurlijk. Met een biertje in zijn hand.

Sóc Culé

Dit wordt een emotionele tranentrekker. Van een subjectieve dimensie die alle realiteit uit het oog verliest. Omdat ik intens blij ben, en ook een beetje opgelucht. Op zaterdag werd een week keihard buffelen beloond met een gelukzalig potje voetbal. Maar het is veel meer dan dat!

Mijn voorliefde voor het clubje uit Barcelona is alom bekend (neem ik aan). Dat is twee dagen na mijn geboorte ontstaan. Voordat mijn vader mij goed en wel bekeken had, had ik al de voetbalgeluiden van FC Barcelona gehoord in mijn geboortekribje. De geboortevleugel van de Clinica Maternitat grensde aan het trainingsveld van FC Barcelona, aan de voet van het machtige Camp Nou. Ik weet zeker dat er naast dieprood bloed ook een blauwe variant door mijn aderen loopt. Samen vormen ze de clubkleuren van FCB, het Blau-Grana.

Clubliefde overstijgt bijna alle andere liefdes-varianten. Niet zozeer in belangrijkheid, want ouder- of familieliefde heeft een oervorm die geen overdreven expressie nodig heeft. Dat is er gewoon, altijd en doorlopend. Maar het irrationele van clubliefde is voor normaal denkenden volstrekt onbegrijpelijk en ondenkbaar. Niet slapen om een verloren potje? Belachelijk. Een hekel hebben aan elke kleur van de aartsvijand? Ridicuul. Verlamd en strontnerveus zijn, een uurtje voor die belangrijke wedstrijd? Zielig.

Maar zo werkt het wel, als doorwrochte supporter. Ik krijg geen hap door mijn keel, als het echt een cruciaal potje wordt: d’rop of d’ronder. Mijn dames zien het gelukkig bijtijds aankomen en gaan elke onnodige confrontatie uit de weg. Ze zullen ook geen misselijk makende opmerkingen maken, zoals: “het is maar voetbal..”. Wijselijk hebben ze besloten dat gelijk hebben en gelijk krijgen heel leuk functioneert in de normale wereld, maar rondom een voetbalwedstrijd een regelrechte provocatie is die kan leiden tot een gezinsdrama van ongekende omvang.

Afgelopen week moest mijn clubje 2 keer tegen de aartsvijand, die Witte Natnekken uit Madrid. Je hebt over de hele wereld wedstrijden tussen rivalen. In Engeland City tegen United, in Duitsland de Kohlenpot Derby tussen Schalke tegen Dortmund, in Nederland Ajax tegen Feyenoord. Maar het zijn zoutloze varianten op de titanenstrijd tussen Barcelona en Real Mierda. Omdat een eeuwenoude machtsspel inclusief een vuile burgeroorlog ervoor zorgen dat dit potje voetbal zwaar beladen was, is en zal blijven. De Catalanen tegen de Castillanen, de Republikeinen tegen de Koningsgezinden. Het zit heel diep en overstijgt het voetbal. Niet voor niets is de slogan van FC Barcelona ‘Més que un club’; meer dan een club.

Maar we hebben twee keer gewonnen, deze week! Met 0-3 en 0-1! In het hol van de leeuw, in Bernabeu, het stadion van Madrid. Door Catalanen steevast Merdabeu genoemd; ‘ik zie stront’. Als een brugpieper van 12 jaar heb ik losgeslagen door de huiskamer gerend. Bij elk doelpunt en na afloop van beide wedstrijden. Schreeuwend, vloekend, hysterisch van blijdschap. Volkomen losgeslagen emoties, zoals de Duitsers mooi verwoorden: Himmel jaugzend oder zum Tote betrübt. God, wat voelde het goed om de al jaren durende hegemonie in de Spaanse competitie en beker juist in dat Witte Reus Stadion te verstevigen. ‘Madrid, Cabrón, saludo al Campéon!

Tuurlijk ken ik azijnpissers met een wit T-shirt die dan smalend wijzen op de veelvoud aan bekers met de grote oren die Real Mierda de afgelopen jaren heeft gewonnen. Beter gezegd, gestolen! Zoals in het Franco-tijdperk, toen Madrid ook alles won. Geen scheidsrechter die het op cruciale momenten aandurfde om de Koninklijke niet aan een overwinning te helpen. Eind jaren 70 stond Madrid in de onderlinge duels met 60-23 voor, qua overwinningen. Maar sinds gisteren, dik 80 jaar na de burgeroorlog en 40 jaar na het overlijden van dictator Franco, staat Barcelona weer voor. 96 tegen 95! Je leest het al, het gaat voor de culés (bijnaam voor Barcelona-supporters) helemaal niet alleen over voetbal. Més que un Club!

Vraag je je af wat je ermee moet, met al die non-info hierboven? Niks. Helemaal niks. Het is alleen maar irrationele clubliefde van een dolgelukkige supporter. Die morgen weer een witte boxer-short aan trekt. Omdat je daarin zo lekker scheten kan laten. De maagdelijkheid van dat witte tenue lekker bedoezelen. Misschien loop ik er over 20 jaar wel als de supporter op de foto bij. Heel Culé!

Alle ballen op 10!

Nog een paar laatste stuiptrekkingen, maar dan zijn de meeste voetbalcompetities wel voorbij. Bekerfinale hier, promotiepotje daar. En dan kunnen we ons opmaken voor een WK met maar liefst 32 (!) landen, maar zonder de Oranje Leeuwen.

Vrijdagmorgen vroeg, tijdens de eerste zomervlucht vanaf Weeze naar Girona, zat de vliegbus tjokvol. Groepjes kerels gingen een weekend naar Barcelona en wilden ook een wedstrijdje van de lokale club meepakken. Om mij heen zaten verspreid die Jungens von Mannschaft VV Oberhausen 8 volop aan de lauwe blikjes Heineken’s van €4,50 per stuk. Het was pas 6.30 uur, maar de nacht was vlekkeloos en laveloos overgegaan in de ochtend. Vlak voor de landing viel mein Nachbar teder tegen mijn schouder in slaap. Het weekend was begonnen.

Het is zuur voor al die mannen, maar de kampioenswedstrijd van FC Barcelona tegen Vilareal is kort geleden verplaatst en twee weken opgeschoven. Dat kan zomaar in Spanje. FCB speelde gisteravond de bekerfinale tegen Sevilla, maar wel uitgerekend in het stadion van Atletico in Madrid. Dan heb je dus de vlucht en het hotel al maanden geleden geboekt, maar voor noppes. Je gekochte kaartjes voor de wedstrijd worden wel vergoed, maar de rest is helaas pindakaas. Het gebeurt vaker dat op het laatste moment de wedstrijd wordt verplaatst of de aanvangstijd aangepast. Ik heb zelf een keer de eerste drie doelpunten gemist van een potje, omdat ik aan het strand nog aan de paella zat te knagen.

Mijn kompaan Marcel had ook een potje FCB tegoed, maar belandde dus met mij in het clubhuis van Macanet om daar in verhitte sferen naar Messi te kijken op een TV-scherm i.p.v. live in Camp Nou. Messi spaarde zich al een beetje voor het WK met Argentinië, maar deed meer dan genoeg om de Copa del Rey voor de 4e opvolgende keer te winnen. De zure smaak van de terechte uitschakeling in de Champions League tegen AS Roma is er niet mee weggepoetst, ook niet met het aanstaande kampioenschap. Best bizar, twee grote prijzen winnen en nog niet tevreden. We zijn te verwend geraakt, omdat een klein mannetje al 12 jaar FCB naar grote hoogtes stuwt. Het is ondertussen ook een angstige afhankelijkheid. Één doodschop van een slager als Sergio Ramos en FCB zit met de gebakken peren. Of afgescheurde achillespezen.

Wat hebben Iran, Egypte en Ijsland gemeen met Panama, Saudi Arabië en Tunesië? Zij gaan allemaal naar het WK. En wij niet. 2e in 2010, 3e in 2014, maar de afgezakte nr. 19 van de Wereldranglijst is er niet bij. En best terecht, want we hebben als een natte scheet gespeeld tijdens de kwalificatieronde. Spelers en coaches die niet het verschil kunnen maken tegen echte tegenstanders en alleen plichtmatig scoren tegen Luxemburg of Wit-Rusland. Droeftoeters. Angsthazen. Duikboten. Labbekakkers. Net zoals mijn cluppie N.E.C. Met de beste selectie van de Jupiler-league elke week tenenkrommend voetballen en promotie mislopen. Treurig. Gelukkig heb ik curling als alternatief.

Maar voor wie moet ik dan tijdens het WK zijn? Voor Peru misschien, omdat zij dat waanzinnig mooie shirt hebben met die diagonale rode streep? Voor België, om onze Zuiderburen af te helpen van een aangeboren minderwaardigheidscomplex? Of misschien een keertje voor krijtlijnsnuivend Colombia, omdat er altijd iets tragisch gebeurt als ze worden uitgeschakeld? Portugal wordt het zeker niet, want de manier hoe zij sneaky en met anti-voetbal twee jaar geleden Europees Kampioen zijn geworden, bezorgt mij nu nog oprispend maagzuur. Niet Verliezen werd door dit team Het Nieuwe Winnen.

De aankomende weken staan voor mij in het teken van het afbouwen van mijn Apenrots-functie. Alleen de gedachte al heeft gezorgd voor een psychische boost, die elke tegenslag wegwuift. Over precies een maand zitten Marion en ik boven de Atlantische oceaan op weg naar Zuid-Amerika. Daar gaan we Peru en Bolivia vier weken lang besnuffelen, ontleden en ontdekken. Het is nagenoeg dezelfde reis die we vorig jaar moesten annuleren i.v.m. het overlijden van mijn moeder. Gelukkig heeft ze bijtijds al haar tips & tricks nog kunnen doorgeven en treed ik ook hier in haar reislustige voetsporen. Ze zal elke dag in gedachte meereizen.

Ons leven is kort en vaak onvoorspelbaar. Dus doe wat je wilt doen en doe het NU. Praede diem; plunder de dag!

Moltes Gràcies Johan

Vanochtend even wat later vroegopzondag. Nog sprakeloos. Beduusd. Geraakt. Elke poging om hier te beschrijven hoe de sfeer rond deze Clásico was, is kansloos. 102.000 socios hebben gisteravond in een uitpuilend, trillend en schuddend Camp Nou afscheid genomen van hun grootste sportheld. Mes qu’un club!

Op de valreep, vrijdagmiddag om 16.38 uur, lukte het nog om 2 kaartjes te bemachtigen. Via de website van de club werden de laatste kaarten aan de socios aangeboden. Met wachtnummer 1721 leek het kansloos, maar na de langste 36 minuten van 2016 kon ik de kaarten selecteren, betalen en printen. In mijn Duitse huiskamer heb ik als een 15-jarige bakvis staan te gillen van euforie. Om daarna vriendje Gerard te bellen om mee te gaan. De stakingen van de Franse luchtverkeerlijers hebben geen roet meer in het eten gegooid. Om 8.15 uur touchdown in Girona en de hele dag nerveus en geprikkeld de uren van de klok afgekeken.

Omdat ook de Catalaanse tram- en metroboeren dit soort momenten aangrijpen om eeuwig onbegrip te kweken en alle sympathie verliezen door te gaan staken, banjerden we al 3,5 uur voor de wedstrijd in de wijk rond het stadion. Tapaatje, drankje, krantje en nageltje bijten. Overal heerst een opgewonden sfeer, het besef iets uniek mee te maken zoemde door de straten. Opa’s legden nog eens aan hun kleinkinderen uit wat Cruyff sinds 1974 voor deze club heeft betekent. Dat hebben ze al tig keren gehoord, maar is onderdeel van hun Catalaanse roots en het streven naar meer vrijheid en onafhankelijkheid.

Vooraf lag Real Madrid als een aangeslagen boxer in de touwen. De vorm van de laatste weken, 39 wedstrijden niet verloren en de dodelijke efficiëntie van El Tridente (Messi, Suarez en Neymar): niets kon deze grootse avond vergallen. IK was er niet helemaal gerust op. Arrogantie en zelfoverschatting zijn de gevaarlijkste tegenstanders. Het is ook prettig voor een coach; je laat wat krantenkoppen en uitspraken van de tegenstander zien en iedereen staat meteen op scherp. Mourinho is daar een meester in. En Cruyff en afscheidswedstrijden zijn geen gelukkige combi. Denk maar aan Bayern Munchen 1978..

Ver voor de aftrap zat Camp Nou al nokvol. Mijn trommelvliezen doorstonden ternauwernood het helse gefluit bij de warming up van de RM-spelers. Nerveus friemelde iedereen aan zijn kleurposter die het mozaïek moest gaan vormen: de magie van ‘Un Momento Dado’. Deze Cruyffiaanse spreuk is voor altijd in de Spaanse taal vastgelegd.
Het eerbetoon was groots en indrukwekkend. Huilende mensen, nagenoeg doodse stilte (er zijn altijd wel een paar gekken die dan hun moment of glory hebben…), prachtige beelden en daarna een orkaan van geluid. Djogán Croeief zit diep in de aderen van elke Barcelona supporter.

De wedstrijd had alles, maar was niet echt goed. RM speelde ijzersterk, met een hechte defensie, een briljante Modric en een levensgevaarlijke counter. FCB wist zich na maanden geen raad met een echte tegenstander. In een Clásico speelt logica geen rol. De scheidsrechter kan de druk niet aan, legale goals worden afgekeurd en sterren verbleken. Na een intense en emotionele wedstrijd stapte RM volkomen verdiend als winnaar van het veld. Verbaasd liep de menigte het stadion uit. Ik feliciteerde een paar RM-supporters, die zonder problemen blij en vrij rondliepen. Niet voor te stellen na een Hollandse klassieker tussen Ajax en Feyenoord.

Ik wil alle vrienden en familie danken voor de hartverwarmende berichtjes aan mijn vrouw. Ook veel steunbetuigingen en harten onder riem: “sterkte”, “ga maar vast slapen”, “dat wordt geen leuke zondag”, “kun je nog ergens logeren?”, “leeft Frank nog?”. Ook het berichtje van dochter Marloes was wel grappig: “krijg je ervan als je je dochter niet meeneemt…”. Er stond enkele grote GiTo’s klaar bij thuiskomst. Dat verklaart vandaag de trage start…

Misschien is deze nederlaag wel een blessing in disguise. De prijzen moeten dit seizoen nog verdeeld worden en dus moet je elke wedstrijd scherp en gretig zijn. Of zoals Guardiola, de grootste Cruyff-adept, zei: ‘¡Lo que te hacer crecer es la derrota!’. Vrij vertaald: je wordt beter van je nederlaag. Kijken of dat bij mij vandaag nog lukt….. Fijne Zondag!

Johan

Het is onmogelijk om deze week in 700 woorden te proppen. Maandag was het staakgedrag van Franse luchtverkeerlijders irritant, dinsdag en woensdag Brussel ons symbolische Apocalypse Now, donderdagmorgen werden diverse V&D’s bestormd door debiele koopjesjagers.

En toen overleed Cruyff. En vonden wij Nederlanders het tijd om alleen nog daarmee bezig te zijn. Zelfs the Passion, de gezongen variant van RTL boulevard, trok dit jaar minder kijkers. Misschien is een fatsige Jezus die in een VW Lovebus stapt of Judas die wegscheurt in een Range Rover HSE Supercharged V8 toch iets teveel gevraagd. Of keek men de hele avond naar NL2? Waar iedereen die ooit Cruyff op 500 meter voorbij zag lopen, zijn “innige” relatie met het Orakel uit Betondorp mocht toelichten.

Voor veel van mijn vrienden is Cruyff een jeugdheld geweest. Posters aan de muur, shirtjes met 14 erop gedragen, elk jaar de finale van ’74 nog eens bekeken, elk citaat uit het hoofd geleerd. Maar voor mij was Cruyff geen voorbeeld. Vond het vaak een vervelende vent. Betweterig. Een hekel aan sportbestuurders, maar zelf niet vies van vriendjespolitiek. Kon slecht tegen kritiek. Liet ons in 1978 in de steek. Omdat er een streepje teveel op zijn shirt stond. Altijd smoesjes om geen bondscoach te worden. Lange tenen ook. De laatste jaren bij Ajax leek hij het meest op die oude mopperpot Statler van de Muppetshow. Overal commentaar op, alles zo draaien dat hij gelijk had en nitwitten als Tscheu La Ling naar voren duwen als stromannetjes. Werd er een beetje moe van.

En toch zal ik Johan eeuwig dankbaar zijn. Want mijn club FC Barcelona is nu de beste voetbalclub van de wereld. Al jaren. Dankzij hem. Toen hij in 1973 naar Barça kwam, was het laatste kampioenschap 14 jaar geleden. Terwijl de eeuwige vijand, het Franco-team Real Madrid, in diezelfde periode 9 keer kampioen was geworden. Barça was als Feyenoord nu: smachten naar succes, te weinig kwaliteit en gefrustreerde supporters. Elke Catalaan boven de 50 jaar kent de datum Disset Febrer (17-2) 1974. Voor de ogen van de gehate dictator Franco versloeg Barça Real Madrid. In Bernabeú! Ook deze week zag ik op de Catalaanse TV mensen vol schieten als ze daaraan dachten. Teruggewonnen trots. Overwonnen angst. Voor het eerst sinds het verlies van de Burgeroorlog in 1939 durfden men op straat Catalaans te spreken. Tot die tijd alleen in het stadion tijdens de wedstrijden. Omdat daar, in Camp Nou, de geheime politie DGS niet durfde in te grijpen. Cruyff heeft als speler maar 1 kampioenschap bij FCB gewonnen. Maar voor de meesten was hij toen al El Salvador; de Verlosser. Van het Madrid-trauma.

Twee weken geleden heb ik met 6 Foodies in Camp Nou een galavoorstelling gezien tegen Getafe. En thuis de documentaire ‘En Un Momento Dado’ afgespeeld. Om te laten snappen wat Johan hier in Catalonië betekent. En wat zijn dood nu dus los maakt. Vanuit mijn Penya in Maçanet gaat vandaag vast een bus naar het stadion om handtekeningen te zetten in het condoleanceregister. Drie uur in een bus heen en weer voor een handtekening. Op initiatief van een hevig ontdane Quim, voorzitter van de Penya. Voor wie Cruyff een goddelijke status had. Die elke keer tegen mij zegt: “Frank, tenim tots els èxits gràcies a Johan.” (We hebben alle successen te danken aan Johan).

Het is niet moeilijk om de afgelopen 20 jaar fan van FC Barcelona te zijn. Het Dream Team met als trainer Johan Cruyff, het tijdperk Rijkaard, Guardiola als meest pure Cruyff-aanhanger en nu Luis Enrique met in zijn team Neymar, Iniesta, Suarez. En oh ja, ook een ventje genaamd Messi. De beste voetballer ooit. Beter, maar vooral anders dan Cruyff. Opgegroeid en gevormd in la Masia, de beroemde jeugdopleiding van Barça. In de jaren 90 nieuw leven ingeblazen door…. Johan Cruyff. Toen ik geboren werd, kon mijn moeder vanaf haar kraambed in de tuin van la Masia kijken. En hoorde ik de kreten in Camp Nou, voor het eerst, vanuit mijn wiegje.

Volgende week zondag speelt Barça thuis tegen Real Madrid. El Clássico én de hommage aan Cruyff. Ik ga, koste wat kost, proberen daarbij te zijn. Herman Brood zei ooit: “Ik spaar geen geld, maar mooie momenten.” Mooie momenten waren deze week spaarzaam.

johan