Can Prat, het huis van de buren

Totaal gesloopt ben ik vrijdag in Spanje aangekomen. Een stevige griep, gecombineerd met eindeloze autoritten en veel te veel werk, hebben het laatste restje energie uit mijn lichaam geperst. De batterij raakt leeg.

De landing in Girona duurde een half uur langer vanwege de sneeuwbuien. Ondertussen klapten mijn oren uit elkaar door de combinatie van cabinedruk en verstopte oorbuisjes. Na een snelle pizza-lunch in het dorp ben ik meteen doorgereden naar Gualba, in de bergen van Montseny, voor mijn eerste Spaanse begrafenis ooit. Adriana Comas Blanch, beter bekend als Tetina, is op 89e jarige leeftijd overleden. En weer is in 2017 een bijzonder iemand heengegaan.

In de jaren ’70 hebben mijn Spaanse ‘ouders’ Ria en José Can Berenguer, een 300 jaar oude boerderij, gepacht in het Montseny-gebergte, 50 km boven Barcelona. Mijn hele jeugd hebben wij daar vakanties door gebracht. Er was geen stroom, leidingwater of telefoon, maar wel veel natuur, gezelligheid en drank. En elke dag kwamen we wel een keer bij de buren, Tetina en Pepe. Zij woonden in Can Prat, 3 kilometer verderop. Het waren aristocraten, met veel grondbezit en familiekapitaal. Ze hadden ondanks alles een sobere levensstijl en Pepe werkte als professor aan de Universiteit van Barcelona. Het is in Nederland niet voor te stellen, maar hun grondgebied in de bergen was meer dan 1000 hectare en besloeg twee bergen, talloze waterbronnen en eindeloze bossen.

Elke zomer was er in Gualba het Festa Major, het dorpse zomerfeest. Op het grote plein werd twee avonden een traditioneel dansfeest met orkest georganiseerd, waar we met la Familia Can Prat glorieus acte de présence gaven. Op mijn 18e verscheen ik er met een knipperend vlinderstrikje.. De vrouwen van de drogisterij en de bakker kregen onderling ruzie welke dochter van 14 met mij mocht dansen. Laat in de nacht probeerden we dan beneveld de berg weer op te komen, een slingerende onverharde route langs ravijnen en rotsblokken. Mijn in elkaar geknutselde Alfasud 1.5tii eindigde een keer met afgebroken schokdempers tegen een rotswandje, waarna ik er 2 uur overdeed om in het pikdonker zwalkend de berg op te lopen.

Ook met mijn meiden hebben wij veel zomervakanties in deze bergen doorgebracht. Elke dag was er wel een wandelingetje naar Can Prat. Om eieren te halen, de geiten te gaan bezoeken of een biertje te drinken met Pepe en Tetina. Dat eindigde meestal met zelf gebrouwen ratafía, een kruidendistellaat waar je amandelen kramp van krijgen. Ooit zaten mijn vader en Pepe heftig met elkaar te discussiëren, waarbij Pepe in vurig Catalaans oreerde en mijn vader halsstarrig Gronings bleef praten. Ratafía doet dat met je.

Toen Pepe een paar jaar geleden overleed, hoopten hun kinderen Adriana en Carlos dat ze hun moeder Tetina konden overhalen om bij hen in Barcelona te komen wonen, waar nog wat familiebezit voor handen was. Het was kansloos. Tetina wilde alleen nog voor de boodschappen en de zondagse kerkdienst de berg verlaten. Haar huis, de bijgebouwen en de verpachte boerderij waren het begin en zouden ook haar eindbestemming worden. In alles deed ze me denken aan de personages uit de boeken van Isabel Allende: Malena, het Huis met de Geesten. Altijd was je welkom, moest je wat mee-eten en vooral ratafía wegslobberen. Soms doet het woord markant iemand nog tekort.

De afscheidsdienst, in het kerkje van Gualba uit het jaar 1099, was sober en streng katholiek. De piepjonge priester was door zijn gewaad en baard een spitting image van Jezus. Achter het altaar was een adembenemend mooie fresco op de kale kerkmuren te zien, die zo uit het Museo Nacional de Catalunya leek te zijn verdwenen. Na de mis gingen we allemaal naar de begraafplaats, waar de kist ter plekke in de vrijgemaakte nis werd geduwd en meteen met cement werd dicht gemetseld. Nog een korte omhelzing en de ceremonie was voorbij. Ieder ging weer zijn eigen weg. Voor Nederlandse begrippen een kort en sober afscheid van 60 minuten. In Spanje is binnen 48 uur na overlijden alles achter de rug. Er is geen tijd voor frivoliteiten.

Maar het verdriet is er voor Adriana en Carlos niet minder om. Onze generatie neemt afscheid van zijn ouders. Vorig jaar op deze dag waren allebei mijn ouders er nog. 2017, het mag voorbij.

Girona

Het heeft jullie allemaal goed gedaan he? De manier waarop ik vorige week zwaar in de boot ben genomen. Het werd nota bene één van de meest gelezen columns van dit jaar. Leedvermaak doet het altijd goed in ons grijze kikkerlandje. Fijn..

Over een uurtje ga ik een potje tennissen met grapjas Gerard. Natuurlijk ben ik nog niet begonnen met mijn wraakacties. Al zijn psychische sensoren staan op scherp. En zijn arsenaal aan alarminstallaties ook, denk ik. Ik heb wel een paar briljante tips gekregen. Ook uit Gerard’s entourage. Dank daarvoor.

Na een voor ons eindeloze afwezigheid van 4 hele weken stapten wij gisteren van de vliegtuigtrap af op Girona Airport, pardoes de felle zon en warme lucht in. Om meteen naar Girona te rijden, voor een handjevol boodschappen en afspraken. Girona is een beetje het Haarlem van Catalunya. Grote broer Barcelona slokt alle aandacht op, maar Girona is verfijnder, authentieker en overzichtelijker. En daarnaast ook de rijkste stad van Spanje, waardoor het winkelaanbod breed en divers is. De meeste toeristen slaan deze stad over, maar het is echt de moeite waard. De eerste wijntjes op het zonovergoten centrale plein van Girona (dat al decennia het Plein van de Onafhankelijkheid heet) maakte ons na een vermoeiende week een beetje rozig, maar ook blij en gelukkig.

Marion moest snel door naar de kapper. Ik kreeg het dringende verzoek daar pas veel later naar binnen te lopen. Haar Catalaanse kapster Helena was de vorige keer vurig met mij in discussie gegaan en knipte ondertussen vrolijk verder, zodat één kant van Marion’s haar een paar centimeter korter eindigde. In de categorie Vrouwen Met Een Pittig Kort Kapsel. Toen ik me vanmiddag meldde, was de (vrouwelijke) burgemeester van Girona, Martha Madrenas, net vertrokken met een door Helena fris geknipt en geföhnt kopje. Ze is een goede vriendin van Carles Puigdemont, de ‘gevluchte’ Catalaanse president, die (vóór Marta) zelf 6 jaar burgemeester van Girona was.

Op 7 december vindt er een pro-Catalaanse demonstratie in Brussel plaats. Daar zit angsthaas Puigdemont af te wachten of hij en 4 andere ministers door België uitgezet gaan worden naar Spanje, waar hij meteen achter de tralies zal verdwijnen. Het is haast niet voor te stellen in Nederland, maar in Spanje kan het gewoon. De Spaanse premier Rajoy zou eigenlijk achter slot en grendel moeten zitten voor zijn rol in een zware corruptiezaak, maar doet net of zijn neus bloedt. In heel veel opzichten is Spanje nog een bananenrepubliek qua machtsverhoudingen, bestuur en wetgeving. Kapster Helena vroeg of ik vanuit Nederland met bussen naar Brussel kon komen om zoveel mogelijk steun te komen geven voor de Catalaanse onafhankelijkheid. Toen ik zei dat ik geen separatista was, viel het stil in het kapperszaakje….

Na een fantastische buitenlunch zijn we huiswaarts gereden. Rosamar stond er nog, er hing geen bordje aan het hek…. De aankomende dagen gaan we de opgelopen culinaire achterstand inhalen. Het grappigste is vandaag de Kliekjesdag bij de Belgen in Romanya de la Selva. Ons favoriete restaurant gaat ’s winters vijf maanden dicht en wij schuiven samen met onze mede-smulpapen Gerard en Lenny aan om de overgebleven gerechtjes van de menukaart op te peuzelen. It’s a dirty job, but somebody got to do it.. Maandag wordt het samen met vriendje Robert laven bij restaurant Granja Elena in Barcelona, een verborgen parel. Bah.

Ik heb het geluk dat ik in horecaomstandigheden ben geboren en opgegroeid. Eten en drinken heeft van jongs af aan altijd een belangrijke rol gespeeld. Tot mijn 30e stond kwantiteit onbetwist bovenaan: als het maar veel en vaak was. De laatste vijftien jaar gaat het vooral om de kwaliteit: als het maar oprecht en puur is. We hebben steeds vaker de neiging om door de weeks gezond en mager te eten en ons met name in de Spaanse weekenden te verwennen. Dat kan hier in Spanje echt voor de helft van een Nederlandse restaurantrekening. Mooi, want dat is dubbel genieten!

Ik weet zeker dat ik dit één van de slechtst gelezen blogs van dit jaar gaat worden. Niet grappig, saai en taai onderwerp, non-info. En toch heb je het gelezen tot hier haha. Daar heb ik dan leedvermaak over. Staan we weer quitte. Tot volgende week.

House for sale

Mijn dochters zijn er gek op, dat MTV-programma Pranked. Mensen worden goed in de maling genomen, verwonden zichzelf met een bizarre actie of worden zwaar aan het schrikken gebracht. Het zal je maar gebeuren…

Afgelopen dinsdag zat ik in een strategische apenrots-sessie met 100 man. Beetje bizarre locatie, want de rouwkapel werd ’s middags commercieel benut als conferentie-locatie. Alle denkbare grappen werden gemaakt (“ben benieuwd van wie we nu weer afscheid gaan nemen..” / “dadelijk komt onze eigen Jezus aanvliegen”), maar je moest voorzichtig zijn, want het galmde nogal.

Vlak voordat de Belgische wervelwind Leo Bormans zijn inspirerende visie op Geluk ging toelichten (voor de liefhebbers: http://www.theworldbookofhappiness.com/) kwam er nog een appje binnen. Van amigo Gerard: “is het echt waar? Waarom?”. Daarbij een foto van mijn Spaanse huis met op het hek een levensgroot TE KOOP-bord van een makelaar uit Blanes. In de volgende 60 seconden kreeg ik een hartverzakking, een zenuwaanval, uitval naar de linker kant, zweetdruppels op mijn kop, klamme handen en moordneigingen. Marion appte ook nog, geschrokken: “Wat nu?”

Het kopen en registreren van een huis in Spanje is geen eenvoudig klusje. Omdat de nieuwe eigenaar alle schulden van het huis overneemt, is het zaak alles vooraf goed te regelen. Wij hebben zelf in 2005 Rosamar gekocht van een malafide kabouter en zijn onverzorgde heks. Beetje gedeald, donker gekleurd geld gebruikt en tijdens het ondertekenen van de koopacte bij de notaris alles nog on hold gezet omdat het uittreksel van het kadaster niet klopte. Het was tricky.

Toen ik een week later wilde beginnen met verbouwen, bleek ik afgesloten van water en elektra. Kabouter Calvete had het voorgeschoten geld niet gebruikt om de laatste rekeningen te betalen. Ik ben naar zijn ijzersmederij gereden en kreeg hem net te pakken voordat hij via de achterdeur probeerde te ontsnappen. Terwijl ik hem een halve meter van de grond tegen de muur hield, heb ik hem verteld dat ik óf de volgende dag mijn geld had óf dat ik zijn kinderen wel een keer van school ging ophalen. Keurig betaalde hij de volgende dag en ik heb hem nooit meer gezien. Beter..

De afgelopen jaren hebben wij andere problemen, omdat ons huisnummer wordt verwisseld met een huis verderop in de straat. Dat huis is na de crisis onteigend, verlaten, gekraakt en regelmatig komen deurwaarders bij ons beslag leggen. Ik heb al een keer bij de lokale rechter de openbare verkoop tegen gehouden. Dit alles ging door mijn hoofd tijdens de Geluk-sessie bij die blije Belg. Ik had Gerard nog geappt om het bord er meteen af te halen, maar hij meldde dat het niet gelukt was omdat er net politie aan kwam.

Tijdens de pauze belde ik de makelaar in Blanes, die zeer verbaasd was dat een Nederlander zo’n arsenaal aan Spaanse scheldwoorden beheerste. Hij vroeg mij een fotootje te appen, want wist nergens van, kende de straat niet etc. Ik riep nog iets in de trend “amigo de Rajoy”…. En appte het fotootje van Gerard. Binnen 1 minuut had ik antwoord: “de foto klopt niet, het is een oud bord, kun je niet even gaan kijken?” Toen ik antwoordde dat amigo Gerard dat al had gedaan en het bord er niet af kreeg, appte hij : “het bord is gefotoshopt, je wordt in de maling genomen.”… En ineens ging bij mij het licht aan: ik was geprankt. Door mijn (ex-)vriendje Gerard….

Omdat ik er de laatste tijd weinig ben, verveelt Gerard zich een beetje en dat is ook een beetje mijn schuld. Dus werd het volgens hem tijd om eens wat vrolijks te doen. Beetje huisvlijt achter de PC en vriendje Frank hapt in een Betuwse kapel naar adem. Eerlijk is eerlijk: geniaal. Ik ben er vol ingestonken. Wat een f.cking briljante grap.

Maar Gerard komt de aankomende 12 maanden ogen en oren tekort. Overvliegende drones boven zijn Can Pastera, 50 roze flamingo’s in zijn zwembad, 20 zigeuner-caravans op het achter-terrein, gerechtelijke bevelen van boze makelaars i.v.m. inbreuk op huisstijl, dagelijks bedelende Gambianen aan zijn poort, troosteloos varen zonder matroos, een kudde wilde zwijnen op zijn gazon, een dagelijks voorbij komende gierwagen.

Niets is onmogelijk, want het spel is op de wagen: it gît aon!

Mont st. Michel

Het is weer zo ver. Samen met fratello Joost ben ik aan het Michiel-weekend begonnen, ons twee-jaarlijkse tripje Memory Lane naar een plaats in Europa die zijn naam draagt. Als ode aan zijn broer en mijn beste vriend Michiel. En dit jaar is Le Mont St. Michel in Frankrijk aan de beurt.

Het is een dikke zes uur rijden naar Normandie. Maar de tijd vliegt als twee hard werkende vijftigers veel bij te praten hebben, zoefend met een hybrid over dure Franse tolwegen. Ondanks al het doordeweekse ge-app en file-telefoontjes, gebruiken we deze weekenden ook om wat dieper door te dringen tot onze roerbeginselen en werkdillema’s. Het levert, zelfs na 38 jaar vriendschap en 23 jaar gemis, nog verrassingen en nieuwe inzichten op.

Vrijdagmiddag hebben we gebruikt om de D-day stranden van Normandië te bezoeken. Ik ben er al een paar keer geweest, maar het blijft me fascineren. Duizenden jonge Amerikanen, Engelsen en Canadezen hebben daar, op de stijle kliffen van Omaha, Utah, Juno of Gold Beach, het leven gelaten voor onze vrijheid. Kansloos afgeknald op het strand, vanuit zwaar gepansterde bunkers op de hellingen. Als je er een keer geweest bent, snap je wellicht mijn oneindig trieste gevoel dat deze dappere jonge kerels niet ouder dan gemiddeld 22 jaar zijn geworden. De waanzin van een (wereld)oorlog, ontstaan vanuit haat naar andersdenkenden. Let’s never forget.

De volgende ochtend gingen we, minder fruitig als verwacht als gevolg van een copieus diner met alle Franse topspijzen en wijnen, naar het hoofddoel: Le Mont St. Michel. In 1981 was ik er voor het laatst geweest, met mijn vader als kadotripje voor het ter nauwernood halen van mijn HAVO-diploma. Een weekend vol ongemakkelijke stiltes, want zoveel hadden we elkaar niet te vertellen. Ik kon mij nog wel herinneren dat je toen je auto parkeerde op een zompige zeebodem, waar net de vloed was weggetrokken en dat je om 17.00 als de wiederweerga weg moest sjeesen om niet door de vloed te worden meegesleurd. Das war einmal.

Le Mont St. Michel anno 2017 is een strak georganiseerd massa-event, wat begint op het immense parkeerterrein, ver buiten de kritieke vloedlijn. Met hypermoderne shutllebussen wordt de wereldbevolking afgezet voor de hoofdpoort van het eiland. De Berg is een onvervalste tourist-trap geworden, met het hele arsenaal aan souvenirshops, fastfoodmeuk, saaie massa-menu restaurants en prulleriawinkels. En ondanks dat, is het de moeite waard. De ligging in een eindeloos groot wad vlakbij de Atlantische oceaan, de unieke bouw op een rots met talloze smalle straatjes en oude huisjes en de immense abdij St. Michel op de top zijn absoluut een must-see.

Nadat we een kaarsje hadden aangestoken, werd het tijd om de steeds voller wordende rots te verlaten. Joost had nog een trouvaille in petto, het vissersplaatsje Cancale, 50 km verderop. Beroemd om zijn oesters, kokkels, krab en ander soortig heerlijk zeefruit. Met stip op 3 bij Trip-Advisor stond restaurant à Contre Courant. We laveerden buiten slim door de lange wachtrij, installeerden ons aan een miniscuul tafeltje en bestelden de grootste Plat de Fruits de Mer Exceptionelle met een fles Chablis. We hebben er precies 2,5 uur over gedaan om alles op te krijgen, met hulp van een tweede fles Chablis…. It’s a dirty job, but somebody has to do it. En verder, Eurocard, Mastercard.

Straks rijden we terug en gaan we op de terugweg alvast filosoferen over de volgende bestemming. Wordt het Saint Michael’s in Schotland? Of Michaël’s kerk in Galata op Cypres? Elk Europees land biedt wel een mogelijkheid om deze traditie voort te zetten. Om te zorgen dat we sommige dingen niet vergeten. Dat we blijven mijmeren hoe de wereld er mét een afwezig iemand uit zou hebben gezien. Bekenden of onbekenden, zoals de dappere duizenden op Omaha Beach.

Maar laat ik vrolijk eindigen. Het is geen straf om een paar dagen met je beste maat te laven, te lachen en elkaar te challengen. Om oude koeien uit de sloot te halen en een smeuige, nieuwe kleur te geven. Old soldiers never die.

Ryanne

Rommelig weekje achter de rug. Thuis veel kluswerk gedaan. Muurtje schilderen hier, plafondgaten dichten daar. En daarnaast zijn we allebei weer in het winterritme terecht gekomen. Met lange intensieve werkdagen, gezond eten en vroeg naar bed.

Als beloning zijn we dit weekend naar ons andere thuis gevlogen, na een absentie van zes hele weken. Nog nooit zo lang Rosamar in de steek gelaten, het was bijna een onwennige ontmoeting met een verre neef. Gelukkig had de Catalaanse “kwestie” onze status niet besmet en werden we welkom geheten door de buren. Er is iets blijvend beschadigd in de Catalaanse maatschappij, maar wij gaan ons Nederlands DNA inzetten om er goed uit te komen. Een beetje meewaaien, doorbuigen en terugveren.

’s Winters vliegen we meestal van Eindhoven, omdat Ryanair dan de Weeze-route naar Girona eruit gooit. Afgelopen maand hebben ze er onverwachts nog wat routes uitgegooid, zo’n 2000 (van de 100.000). Iedereen sprak er schande van, maar ik verbaas me nergens over bij Ryanne. Ze hanteren nog steeds het nagenoeg uitgestorven Amerikaanse sales-principe Triple F: Find them, Fuck them, Forget them.

Ik denk dat Ryanne de beste psychologen van de wereld in dienst heeft. Ze kennen het menselijk gedrag door en door en maken daar onbeschaamd gebruik van. Onze krenterigheid is hun succes. Wij hebben een hekel aan dierenleed, maar kopen wel de kiloknaller van de Jumbo. Kinderarbeid vinden we walgelijk, maar 70% van alle Esprit-shirtjes wordt door Aziatische kindjes in elkaar geflatst. En alle meuk van de Action is binnen een week kapot en dus weinig duurzaam, maar wel lekker goedkoop. Schijnheiligheid, ook zo’n mooie Nederlandse eigenschap.

Een grove schatting leert dat Marion en ik ergens volgend jaar ons 1000e Ryanair-enkeltje gaan boeken. Maar ik verwacht geen bloemen, gratis reischeque of een gouden Loyalty-Card. Sterker nog, ik denk dat hun BIG DATA systeem ons in het mapje ‘Assholes’ heeft geplaatst. Met daarbij een algoritmische analyse wanneer we meestal boeken, tegen welke prijs, welke route en met welke extra’s. Er valt te weinig aan ons te verdienen, want met een gemiddelde van €60,= per retourticket zitten we onder hun break-even point. Marion is hun vijand, want die heeft het spelletje door. Hoe? Hier volgen haar tips & trics.

1. Niet telkens naar dezelfde vlucht blijven speuren om prijzen te checken. They are watching you! Kijk nooit de 2e keer rechtstreeks op je gewenste datum als je gaat zoeken op de Ryanair-site.
2. Boek niet op zondag of maandag. Het hele weekend wordt er naar vluchten gekeken en naarmate het drukker wordt (ook zonder boeken), gaat de prijs omhoog.
3. Meestal op woensdag gaan de prijzen omlaag. Omdat dan het “in het weekend kijken en maandag aan de baas vragen”- effect voorbij is.
4. Gebruik een andere plek (ander IP-adres) om te boeken dan waar je gezocht hebt. Het cookie-effect zorgt voor prijsverhoging: “hédaar heb je Frank weer, die wil op 3 februari vast nog naar Girona…”
5. Pak een rustig moment om te boeken. Elk foutje wordt je fataal. Als je voor anderen moet boeken, vraag per Whatsapp een foto van hun ID/paspoort. Dan heb je zeker de goede voornaam en achternaam.
6. Denk na of je wel naast elkaar wilt zitten. Dat kost extra, maar in het vliegtuig nog iets ‘ritselen’, wordt steeds lastiger. En dat is logisch, want als ik wel betaald heb om op een bepaalde stoel te zitten, sta ik hem niet af voor een treurmoeder die niet kan lezen.
7. Denk goed na over je bagage. Koffers zijn duur. Binnenkort moet je wellicht ook je (gratis) handbagage-koffer afgeven bij de check-in balie.
8. Lees alle info goed (op de site en het ticket). Door de regels continu te veranderen ontstaan er steeds nieuwe “verdienmomentjes” voor Ryanne.

En als je eenmaal aan boord zit, doe het Gordon-lapje voor je ogen en sluit je af voor de buitenwereld. Koop geen koffie (recyclede tuinaarde), neem geen frites (hangen als een bosje dode narcissen over de rand van het bakje), vergeet de goede doelen-loterij (80% is voor Ryanne zelf), ruik niet aan de oksel van je buuf. Val snel in slaap en droom lekker van de 1st Class Lounge van Emirates. Dan is die twee uur zo voorbij.

Ryanne heeft ons zomer-vakantiehuis omgetoverd naar ons 2e permanente thuis. Je hoort mij niet klagen!

¿QUÉ PASA?

Ik heb het lang voor me uitgeschoven, maar ik wil toch een keer de Catalaanse situatie uitleggen. Dus als je geen zin hebt in een taaie analyse, klik dan gauw naar een gemiste uitzending van Boer Pakt Vrouw of de nu al legendarische nieuwe soap De Sauna. Het wordt een helse klus.

De Catalanen en de Castilianen zijn nooit vrienden geweest. Daarvoor zijn de culturele verschillen te groot. Al vanaf de vroege Middeleeuwen is er wantrouwen, zijn er oorlogen gevoerd en hebben ze elkaar gehaat. De Catalanen dreven met name handel rond de Middellandse zee en maakten deals met iedereen waar ze geld aan konden verdienen. Net Nederlanders. De Castilianen waren altijd aan het veroveren, oorlogen aan het voeren en gewend om met harde hand de boel te onderdrukken. Kijk maar naar de manier waarop ze te keer zijn gegaan in Zuid- en Midden Amerika na de ontdekking door Columbus.

In 1714 verloor Catalunya, na een lange en bloederige strijd met het Castiliaanse koningshuis, de oorlog en haar onafhankelijkheid. Barcelona werd bijna met de grond gelijk gemaakt en de volgende 150 jaar waren de Catalanen weer gedoemd om hun eigen identiteit te verbergen. Dat gaat ze trouwens elke keer prima af, want ze zijn het historisch gewend. Na elke verloren oorlog (eigenlijk nog nooit één keer gewonnen) gaan de Catalanen zo snel mogelijk over naar de orde van de dag en lekker zaken doen. Het zijn geen vechters.

Rond 1900 brak er weer een nieuwe “vrije” periode aan, die ook veel onrust en chaos bracht. Na het uitroepen van de republiek was de maat vol bij de conservatieve Castilianen en ontstond er een bloedige burgeroorlog. Generaal Franco, in het begin stevig geholpen door Nazi-Duitsland, veroverden vanaf Marokko langzaamaan Spanje. De republikeinen vochten voor wat ze waard waren, maar in 1939 vielen de laatste bolwerken, Barcelona en Madrid. Vanaf dat moment beheerste de wraak van dictator Franco op de verliezers tientallen jaren het dagelijkse leven in Catalunya. Één miljoen Spanjaarden werden uit de armere gedeeltes van Spanje (met name uit het Zuiden) naar Catalunya verhuisd. Alleen thuis en in het stadion van Barcelona (teveel mensen om op te pakken) durfden men Catalaans te spreken. Er was continu angst en de haat naar het centrale Spaanse regiem is daarna voor altijd gebleven.

Na de dictatuur ontstond er vrij snel een prille democratie met (weer) een Castiliaanse koning. Er kwam een nieuwe grondwet met beperkte autonomie, er werden voorzichtige stappen vooruit gemaakt. Catalunya werd al snel de grootste motor van de Spaanse economie, maar men vond altijd dat ze er vanuit Madrid weinig voor terug kregen. De economische crisis van 2007 raakte Spanje hard. Catalaanse politici gingen steeds harder roepen om meer zelfbestuur. Ook onderhandelingen met de Spaanse regering over o.a. een nieuwe grondwet verliepen stroef. Toen ze er na 4 jaar toch met elkaar uit waren gekomen, wonnen de conservatieven (Partido Popular van premier Rajoy) de verkiezingen en werd (bijna) alles teruggedraaid. Koren op de molen voor de separatisten.

Er is één voorbeeld wat typerend is voor de verhoudingen. In 2011 nam het Catalaanse parlement een wet aan dat stierengevechten vanaf dat moment in Catalunya verboden waren. Dat was logisch, want Catalanen waren er nooit dol op geweest, maar na de burgerloog werd het “meegenomen” uit Zuid-Spanje door al die migranten. De Partido Popular was tegen en startte een procedure bij het Hoge Spaanse Gerechtshof om de wet te verbieden. En met succes, want in 2016 besliste het Gerechtshof dat stierenvechten Cultureel Spaans Erfgoed (..) was en dus overal moest worden toegestaan, ook in Catalunya. “Zie je wel,” zeiden de Catalanen, “zo gaat het altijd hier in Spanje.”

Het referendum van vorige week is conform de Spaanse Grondwet (die van 1978) onwettelijk en dat klopt. Dan kun je eigenlijk niet gaan stemmen en geen onafhankelijkheid uitroepen. Het is de Catalaanse politici zwaar aan te rekenen dat ze die richting hebben gekozen en het Catalaanse volk op ramkoers naar de afgrond hebben geleid. De regering in Madrid, hoe krampachtig of dom ook, heeft alle juridische troeven in de hand en zal zeker ook door de EU gesteund worden.

En nu? Het is bijna grappig en typerend voor het Catalaanse karakter, maar het gaat ze heel veel geld kosten, die onafhankelijkheid. Want bedrijven willen weg uit Barcelona. En als je de Catalaan in zijn portemonnee treft, gaat hij draaien. Of twijfelen. Of bewegen. Dus zal die eenzijdige onafhankelijkheidsverklaring er, denk ik, niet komen. De Catalanen willen nu weer praten, maar dan staan ze ineens wel zwak. Want in Madrid kunnen ze niet luisteren, anders hadden ze al eerder voor een dialoog gekozen i.p.v. alleen maar ‘NO!’ zeggen.

Er is een gapend sociaal gat geslagen in Spanje, niet alleen in Catalunya. Ook in mijn dorp merk je de ondemocratische hardheid bij de fanatieke JA-stemmers. Het waren dus ook geen eerlijke verkiezingen, want NEE-stemmers bleven weg. Die 90% JA-uitslag is een farce. Wat wel overblijft is dat de meerderheid nog steeds boos is op regering in Madrid. En op de Koning, want die heeft geen enkele handreiking gedaan om het conflict op te lossen. De Spaanse samenleving is verdeeld en ontwricht.

Wat doe je als volk (of minderheid) met wetten waar je het niet mee eens bent en die je niet veranderd krijgt? Rosa Parks pleegde in 1955 een onwettelijke verzetsdaad door te weigeren haar zitplaats in de Amerikaanse bus af te staan aan een blanke. Blijf je praten? Begin je een revolutie? In een democratie gaat het niet alleen om de meerderheid, maar vooral ook om de rechten van de minderheid. Vraag maar aan Erdogan of Poetin hoe ze omgaan met hun wettelijke meerderheid.

Ik pretendeer niet dat mijn uitleg hierboven compleet is of de waarheid. Het is maar mijn mening. Ik ben geen Catalaan, maar voelde me er tot nu toe altijd prettig. Het is triest dat falende politici met een verkeerde agenda zoveel schade kunnen aanrichten als nu in Catalunya is gebeurd. Hopelijk pakken de gematigde Catalanen weer de draad en het leven op. Op zoek naar een gezamenlijke oplossing in een democratisch en wettelijk kader.

Dat ik te laat ben vanmorgen, heeft niets met de complexheid van deze column te maken. We hadden gisteren een topbruiloft van onze society-tandarts Ruud. Wat een feest, wat een heerlijke band met vooral Surinaamse muziek. Ik heb op zondag nog nooit zo los in mijn heupen gezeten haha.

En oh ja, sorry voor het lange epistel. Volgende week beter, okay?

Koh Chang 2

Elke vezel uit mijn losgemasseerde lichaam verzet zich. Elke smaakpapil eist verlenging van de culinaire ontdekkingsreis. Elk nog niet bezocht, verborgen baaitje smeekt om uit de vergetelheid te worden gehaald. Chæ̀ng mạn; Verdomme, we moeten terug.

Het is ons bevallen, dit minder toeristische eiland. Op een paar drukkere plaatsen hokken altijd wel toeristen samen, met helaas ook alweer veel kakluizen uit Rusland. Maar verder hebben we ongestoord de hele week kunnen scooteren (voor € 25!) naar afgelegen baaitjes en dorpjes. Gegeten bij 16 verschillende Thaise restaurantjes, omdat twee keer bij hetzelfde tokootje eigenlijk zonde is. Je weet nooit wat je dan misloopt.

Grappig dat ik tussen 14.00 en 17.00 ’s middags geen bier kon kopen, dat de supermarktjes Seven-till-Eleven ’s middags een paar uur dicht gingen, dat ik hier en daar iemand wakker moest maken om een fruitshake te laten maken. Thailand blijft gewoon een heerlijk land waar je je minder druk maakt.

Het intigreerde mij waarom er zoveel Chinezen waren op het verder rustige Koh Chang. China staat nog steeds niet hoog op mijn landen-bucketlist, want ik vind het een eigenaardig volkje. Acht van de 10 vrouwen hebben een Schumachertje gedaan, met als gevolg bv. de lippen van Patrica Paay op de smoel van een dunne duif. Aan de ontbijttafels zaten kersverse gezinnetjes heerlijk op de oversized Iphone te gamen, terwijl de dochter van 4 onopgemerkt het gekookte ei onder tafel verstopte. Nul aandacht voor hun kind, druk met het schermpje. Voor het fijnere ontbijteffect ook nog de geluidjes van ‘Pokemon in Beijing’ aan laten staan…

In het zwembad hield een ander stelletje continu een paraplu boven het hoofd van hun made in China zwemmende godje, zodat zijn perkamente velletje niet verkleurde. Kan nooit wat worden, zo’n weekdier. Navraag leerde dat de Thaise ANWB gratis visa hadden weggegeven aan de Chinezen in verband met het laagseizoen. Tja, en dan komen er 200 miljoen Chinezen in beweging, waarvan er 5000 op Koh Chang waren beland. Maar verder leuke gasten, gezellig bijgekeuveld….zelfs het woord ‘NO’ is oeterwaals voor ze.

Ondanks de korte tijd voelde Thailand weer als een warme deken. Wel een vochtige, want in een week viel net zo veel regen als in augustus én september in Nederland. Daarom hebben we de Half Moon Party op het hippie-strand Lonely Beach helaas moeten laten schieten. Het onweerde zo hard dat alle Bob Marley types bang waren dat de bliksem in hun groezelige vogelnest zou slaan. Of de joint nat wordt.

Ook met een scootertje lukt het me om (te) krap met benzine proberen uit te komen. We kwamen bijna op het meest afgelegen puntje van het eiland zonder prut te staan. Ik voelde Marion’s boze blikken alweer in mijn rug prikken en ook haar greep om mijn lovehandles werd minder teder. Heuveltje op leken we nog naar Bangkok te kunnen, heuveltje af leek de tank droger dan de Sahara. Drijfnat van weer een stortbui en met angstzweet voor een ‘talk to the hand’-dagje kon ik ergens een Colafles benzine bemachtigen. Misschien toch maar eens afleren, dat helemaal leegrijden.

Lekker de tijd gehad om twee heerlijke boeken te lezen; Het Geluid van de Nacht van Maria Dueñas en het onbeschrijfelijke epos Victus over de val van Barcelona in 1714. De oorsprong van wat er vandaag in Catalunya gaat gebeuren rondom de (illegale) verkiezingen gaat terug tot in die tijd. En het meest verbijsterende: ook toen waren incapabele politici en hooghartige Spaanse trots de oorzaken van de chaos. Laten we hopen dat er vandaag geen ernsige incidenten gebeuren, want dan is een oplossing heel ver weg.

Dit was ons 4e Thailand tripje in 6 jaar, mede mogelijk gemaakt door een kleine investering in het lokale credietfondsje van een vriend. Dat levert al jaren een prachtig vakantiespaarpotje op, dat we alleen in Thailand verzilveren met een lokale creditcard. Altijd grappig om bij aankomst op de gok een paar toetsen in te drukken van de geldautomaat en dan lachend het pakje Thaise Baths in de zak te steken. Geen idee wat er nog op staat, maar over twee jaar gaan we vast ergens anders in Thailand een nieuwe poging wagen.

Dadelijk beginnen we aan het laatste stukje terugreis, van Abu Dhabi naar die Heimat. Uitgerust, opgeladen en ontspannen de herfst in. Heerlijk, heb er nu al zin in.. Jullie ook?

No Tinc Por

En toen was ook Barcelona aan de beurt. Het was al voor de zomer bekend dat de Stad der Wonderen op een shortlist stond, maar gezien het toeristisch belang werd het een beetje in de doofpot gestopt. Struisvogelpolitiek.

Is het voor mij erger omdat Barcelona ‘mijn’ stad is? Natuurlijk niet. Het is net zo erg als Nice, Parijs, London of Stockholm. Is het dan minder erg omdat er (nog) geen Nederlandse doden zijn gevallen? Ik krijg een allergische kots reactie als ik die toevoeging zie verschijnen in de Telegraaf, bij de NOS of op Social Media. 1500 doden bij een aardbeving in Nepal, maar er zijn gelukkig geen Nederlandse slachtoffers. Er zijn weinig dingen voor de mensheid die gênanter zijn dan het ene leven belangrijker te maken dan het andere.

Op de 17e augustus ’17 heeft een 17-jarige knul om 17.00 uur het leven beëindigd van 14 kansloze passanten. Samen met de slachtoffers in Sant Just en Cambrils zitten we op 16. Dat zullen er wel 17 worden.. Voor alle doden en gewonden geldt: wel op de juiste plek, maar op het verkeerde moment. Dat is botte pech of, als je niet in toevalligheid gelooft, het is gewoon je tijd.

Ik ben de afgelopen weken veel via Carrer Pelai langs de bovenkant van de Ramblas gereden. En eerlijk is eerlijk, het was een koud kunstje om daar de mudvolle Ramblas op te sjezen. Daar waar in goede jaren de kampioenschappen van Barcelona uitbundig worden gevierd op de Rambla de Canaletes, stonden geen betonnen blokken. Dat was rond de jaarwisseling wel aanbevolen door de Politiechef n.a.v. de kerstmarkt-aanslagen in o.a. Berlijn, maar stond pas in het najaar gepland om uit te voeren. Tja….

De Ramblas is de afgelopen 15 jaar overgenomen door de toeristen. Het was een prachtige wandelpromenade, waar op zondag Barcelonezen een bloemetje kochten voor hun vrouw, een taartje gingen eten bij Pastiseria Escribá en waar de vogelstalletjes vrolijk fluitend iedereen begroetten. Daar is niks meer van over. Eenheidsworst, 5 Haagen Dasz ijstentjes en prulleria-shops in allemaal dezelfde behuizing zijn het straatbeeld. Evenals de hordes Oost-Europese zakkenrollers. Ik ging er vroeger wel eens met mijn peetouders Ria & José ‘un paseo’ maken, maar Barcelonezen mijden tegenwoordig de Ramblas. Zelfs de Boquería, de befaamde markt aan de Ramblas, is no go area aan het worden voor de locals.

Barcelona is sinds de Olympische Spelen in 1992 een enorme toeristenmagneet, maar dreigt nu aan zijn eigen succes te onder te gaan. Buurten komen massaal in opstand tegen de Air BNB’s, de kots van stomdronken (Engelse) vrijgezellen-groepen ligt overal en de overlast van elektrische steps en Segways is bizar. Miljoenen toeristen komen jaarlijks naar Ciutat Comtal. De ene helft van de stad heeft een pesthekel aan het toerisme, de andere helft leeft ervan. Mijn mooie stad zit in een moeilijke spagaat.

Toch blijf ik met een knagende vraag zitten. Wij denken graag zwart-wit, in daders en slachtoffers. Maar zijn die 11/12 knullen die samen de terroristische cel vormden in Catalunya ook geen slachtoffers? Waar gaat het mis als je in staat bent om 110 gasflessen te verzamelen om bommen te maken die duizenden doden kunnen veroorzaken? Zijn wij echt niet bij machte om te achterhalen hoe dat kan en hoe dit op te lossen? Als dat niet lukt, zullen we lang moeten blijven leven met de angst dat het overal kan gebeuren. En overal is ook een keer in Nederland. Angst en haat zijn altijd de drijfveren geweest voor oorlogen, crisissen en armoede. Het lijkt wel of de mens niet zonder kan…

Nog één ding. Waarom moeten politici ook nog over de rug van deze aanslagen zieltjes winnen? Rajoy, de Spaanse Premier, die het ineens heeft over een verenigd Spanje dat vecht tegen terrorisme, terwijl Catalunya streeft naar onafhankelijkheid? Rutte, die wel tijd heeft om te melden dat hij alle hulp wil bieden, maar geen coalitie in elkaar kan zetten? Trump, die twittert dat er hard teruggeslagen moet worden? Houd allemaal je mond, bel elkaar op en ga werken aan echte oplossingen i.p.v. politieke prietpraat.

Barcelona likt zijn wonden, maar komt er wel weer bovenop. Dinsdag en woensdag ga ik gewoon met mijn meisje zoals gepland naar Barcelona. Loop ik weer een keertje over de Ramblas. Omdat ik niet wil leven met angst. No Tinc Por. Catalaans voor ‘ik heb geen angst’.

Lloret

Zondagmorgen, half zeven. Net terug uit Lloret de Mar en toch broodnuchter. Ik was taxi-chauffeur voor mijn dochter Marloes en vriendinnetje Nicole. 23.00 uur heen, 06.00 uur terug. Het is maar een ritje van 20 minuten, maar de Rosamar-taxi blijft de goedkoopste. Tijden veranderen.

Lloret blijft een apart fenomeen, zelfs in Spanje. Toen eind jaren ’60 het toerisme naar Spanje op gang kwam, was Lloret er als de kippen bij. Tot die tijd was het een slaperig vissersplaatsje, met gammele sloepen op het vieze strand en de netten uitgespreid om te boeten. De krakkemikkige vissershuisjes werden voor bodemprijzen opgekocht door louche geldwolven met goede connecties in het gemeentebestuur. Zo werkte dat in Spanje, je strooit wat geld rond en dan mag je een foeilelijk 6 verdiepingen gebouw pal aan de boulevard bouwen. Wijlen Ad Latjes vulde de eerste touringcars met nieuwsgierige zonaanbidders, die één week lang in een kamer van 10m2 met een te laag plafond, mini-toilet, dwergbed en prutsbalkon doorbrachten. Zonder airco.

Na de dictatuur van Franco werd Spanje liberaler en het toerisme massaler. En Lloret werd dé zomerbestemming van de jeugd. Bussen vol eindexamen-jongelui kwamen vanaf eind mei naar Lloret. Het was voor mij in 1983 een mooi instapmoment om reisleider te worden en een graantje mee te pikken. Elke week ving ik samen met drie assistenten 2 bussen vol met ongeleide projectielen op, die routineus werden verspreid over campings en pensions in Malgrat, Blanes en Lloret. Voor de meeste kids hun eerste vakantie zonder ouders, maar wel de zakken goed gevuld met eindexamenpremies van Opa, Oma, Tante Truus en Ome Henk. Het spel kon beginnen.

Al snel had ik het saaie standaard-excursie programma van het reisbureau aangevuld met een rits illegale varianten die veel meer geld opbrachten dan die schamele 10% commissie. Karten, rodeo in de bergen en strand-nachtBBQ’s waren best populair. Maar de disco-bus naar LLoret was twee maal per week de real moneymaker. Mijn vaste Spaanse buschauffeur José “leende” dan van zijn baas het oudste wrak op wielen waar 60 man in konden. Voor 400 pesetas (€2,50) werd je opgehaald op de camping en als het goed ging ook weer thuisgebracht. Als José en ik om 7.00 uur ’s morgens het laatste kots plakkaat uit de bus hadden verwijderd, zat het erop. José verdiende meer met de disco-bus dan met zijn normale baan.

In Lloret lag het geld voor het oprapen: 20% commissie bij de Hawaii cocktail bar over alle dranken, gratis groepsentree bij de grote disco’s (ik vroeg er maar 500 pesetas voor) en ook 20% over alle dranken. Het werkte simpel; ik vertelde dat we alleen bij de achterste bar konden bestellen als groep met het rode lintje en nam het barlijstje aan het eind mee naar de bedrijfsleider om af te rekenen. Tijdens zo’n avond deden we het trucje een keer of 4: Tropics, Revolution, Moefgaga, Colossos.

Soms had de alcohol een vervelende bijwerking en verloor een knul zijn controle. Op straat liep ik dan ongemerkt naar de Guardia Civil, wees het knulletje aan en die werd vakkundig in de boeien gehesen en een nachtje opgesloten. De rest was meteen rustig en ik ging zelf de volgende dag het jochie ‘bevrijden’ op het politiebureau, gewapend met een fles Spaanse Cognac voor de Hermandad. Het werkte ook zo bij iets te populaire jongens op de camping die het meeste herrie maakten of teveel concurrentie boden op amoureus gebied. Even bij de receptie van de camping de Guardia Civil opvangen, jochie in kwestie omschrijven, flesje drank in de kofferbak van de Landrover en hups daar gingen ze het strand op om in één beweging de boosdoener eruit te pikken en mee te nemen.

Na drie maanden was het ik helemaal zat. Steeds vaker regelden mijn assistenten de disco-bus. Als ik maar lekker tegen Montse, de eigenaresse van de camping, aan kon blijven liggen. Elke dag twee ziekenbezoeken (gebroken tenen, zonnesteken, glaswonden, knalpijpbrandwonden, deliriums), continu op het politiebureau voor aangiftes en ophaalacties, verzekering bellen voor heimwee-repatriëring , het komt na een tijdje je strot uit.

Ik zag net in Lloret 5 politiebusjes en een man of 50 Spaanse ME op straat. Zal wel nodig zijn. Maar mijn dochter ligt lekker in bed en gaan Papa en Marion zo naar het strand. That’s life. Gelukkig.

Captain Bluff

Godzijdank weer in Spanje. Het huis vol, de sfeer goed, het weer top en het meisje blij dat ik er weer ben. Tijd voor een lanterfanterweekend.

De hele week pijn in mijn harses gehad. Afkickverschijnselen, maar waarvan? Sinds de 4-daagse stapavond niet meer gedronken. Maar door de weeks drink ik zelden, dus dat kan toch eigenlijk geen reden zijn? Ook al 6 dagen de Ipad + Iphone niet mee naar de slaapkamer genomen ’s avonds. Is dat het, Social Media-Detox? Daarnaast nogal stevig de koolhydraten aan het afbouwen, van 3x per dag naar max. 1 keer. Zou ik door mijn suiker-verslaving ontwenningsverschijnselen hebben? Of heb ik gewoon zakelijk teveel aan mijn kop, wat ik met alsmaar harder werken denk op te lossen? Ook een kansloze missie.

Die Ipad is trouwens een vloek en een zegen. Ik ben een nieuws-junkie en check een paar keer per dag alle bronnen om mijn honger te stillen. Ik haal er ook vaak inspiratie uit voor dit wekelijkse epistel, want er gebeuren genoeg maffe dingen om dagelijks iets te posten. Maar Steve Jobs heeft ons wel helemaal gebrainwashed. We swipen ons suf op zijn Retina-schermpjes van € 600. Zou Petrus in de hemel al een correctie-gesprek gehad met Stevie? “Joh Jobs, praat eens tegen mij zonder naar dat kl.tescherm te kijken?” Maar goed, hij deed zijn naam eer aan, Jobs. De helft van Generatie Z heeft zijn baan aan mannen als Steve te danken. Maar ondertussen heb ik mijn grote passie, boeken lezen, al jaren verwaarloosd. Meer dan 100 boeken staan smachtend te wachten om uit hun lijden te worden verlost: “Pak me, lees me, verslind me, bewonder me, absorbeer me!”

Deze zomer ga ik de meest veelbelovende boeken uit hun lijden ga verlossen. Zoals Victus, het magistrale epos van Albert Sanchez Punol; 800 pagina’s over de Catalaanse strijd voor onafhankelijkheid in 1714. Nu weer zeer actueel, want het broeit in Catalunya en ik verwacht eigenlijk een rumoerig en onzeker najaar. De die-hards vóór onafhankelijkheid liggen op ramkoers en er is geen ruimte voor een genuanceerd tegengeluid. Er vinden politieke zuiveringen plaats zoals wij dat in West-Europa niet meer gewend zijn en daarnaast maakt de centrale Spaanse regering blunder op blunder. Ik ben geen voorstander van een onafhankelijk Catalunya, maar vrees het ergste. De haat tegen de Madrileense dominantie is gewoon te groot. Al eeuwen.

Maar gelukkig kan ik bier- en drankspelletje doen. Er zijn hier een paar jonge honden in huis en die willen die oude grijze duif wel even onder de tafel zuipen. En mijn puberale ego maakt dan zoveel dopamine aan dat ik weer 16 ben. En net als vroeger in café Du Commerce met toepen wil winnen van De Witte van Gelder, Bulleke, Fredje Pijp of Ciske de Rat. Zuur verdiend beun-geld dat in 30 minuten verdween in de louche zakken van doorgewinterde valsspelers. Daardoor te weinig geld om de lat te betalen, dus de week erna extra hard werken.

Het bierpongen heb ik met overmacht gewonnen. Appeltje, eitje. Wel jammer voor de verse voorraad Desperado’s, Heineken en Estrella, maar met doorgewinterde handvastheid alle potjes overleefd. Daarna schakelden we over naar Captain Bluff. Een paar weken geleden ben ik daar specialist in geworden. Onze Engelse vrienden Les en Sheilla Currie hebben mij een spoedcursus gegeven tijdens een lange lunchsessie met 6 nationaliteiten in Sant Feliu de Guixols. Verraderlijk eenvoudig en toch verdomd moeilijk om foutloos te doen. Een foutje betekent helemaal overnieuw en dat hakt er na een rondje of 8 hard in. Kijk maar naar het videootje.

Het werd een slagveld. Erik haakte al snel af, Berend en Jim bleef fouten maken en na de witte wijn was de Malibu aan de beurt. Volkomen onverwacht trok de laat aangehaakte Marion de overwinning over de streep. Als enige foutloos. Elk detail vlekkeloos uitgevoerd. Zij wel… Uit pure frustratie hebben de overgebleven mannen daarna de robuustheid van het zwembad getest. De hoogste bommetjes, de raarste duiken, de vreemdste waterfiguren.

Één ding is zeker: die jonge honden zijn voorlopig nog niet wakker haha! Terwijl ik lekker om half zeven al een baantje heb gezwommen. Niet helemaal fris, maar zeker in staat om te praten en te bewegen. Ontspannen en zonder koppijn. Eindelijk.

Captain Bluff-video