Reizen door Spanje capítulo 3: La Rioja en de Delta de Ebro

Met een melancholische ondertoon verlieten we Baskenland om onze trip voort te zetten in de Rioja-streek. Na alle gelukzalig lekkere pintxos was het nu tijd om ons op vloeibare producten te concentreren. Het is een zware opgave, maar iemand moet het doen. Dan offeren wij ons wel op, voor jullie.

Eerst deden we nog Burgos in de regio Castilla-Léon aan, voor een snel bezoekje aan de immense kathedraal, éen van de grootste van Spanje. Maar door tijdsgebrek skipten we de rondleiding van twee uur, omdat er natuurlijk wel eerst geluncht moest worden. We hebben Maria, aan wie de kathedraal is gewijd, beloofd dat we een keertje terugkomen. Met een vette knipoog gaf ze haar zegen. 

Laat in de middag kwamen we bij ons volgende schattige Casa Rural aan, in een pittoresk dorpje midden tussen de wijnvelden. In de dorpskroeg proefden we alvast wat heerlijke varianten. Langzaam liep het tentje vol met lokale bottelaars, die er zelf niet in spuugden. Toen mijn cluppie FCB begon te spelen haakte Marion af en bleef ik met de dorpsgek over, die nog nauwelijks uit zijn ogen kon kijken. We schakelden over op cognac en bier en vierden de mooie goals van Ansu Fati en de Jong alsof we eindelijk weer de Champions League hadden gewonnen. De kroeg ging daarna meteen op slot.

De volgende ochtend begon natuurlijk stroef, mede omdat ik ‘s nachts ondanks aandringen van Marion vertikt had  om de koelboxstekker uit te zetten in de auto, en dus een lege accu.. Gelukkig hielpen bezorgde locals om  onze Zafira weer aan de praat te krijgen, want het werd tijd voor de wijnproeverijen in Haro, de wijnhoofdstad van La Rioja.  We begonnen bij de gerenommeerde bodega Gomez Cruzado en proefden tussen de wijnvaten in het pakhuis vijf topwijnen. Daarna nog snel voor de lunch een proeverij bij Cuné, één van de grotere jongens. Gelukkig was op zondagmiddag verder alles dicht, dus we lunchten uitgebreid en heerlijk op een werkelijk fantastische locatie, Claustro Agustino. Als hoofdgerecht deelden we een T-bone steak van één kilo, die met een Viña Ardanza Reserva 2009 van wijnhuis La Rioja Alta S.A.  toch verrassend soepel verdween.

Uitgeput kwamen we aan in het dorpje Clavijo, niet meer dan een paar huizen vlak onder een kasteel uit de 9e eeuw. Ook hier was de lokale kroeg de enige plek waar nog leven was, maar al vroeg haakten we af om ons lichamelijk voor te bereiden op nog een zware dag met proeverijen. Gelukkig maar, want precies om 10.50 uur staken we onze neuzen in het eerste glas, ditmaal bij de  kleine bodega Tritium, waar slechts 15.000 flessen per jaar worden gemaakt. De gedreven eigenaar, de middeleeuwse ambiance in de gewelven, de fenomenale wijnen en alle verhalen achter de wijn familie waren een topbeleving. Het bezoek daarna aan het schilderachtige dorpje LaGuardia en het centrum van Logroño was slechts uitstel van het onvermijdelijke; we moesten La Rioja verlaten..

 

Het laatste onderdeel van onze rondreis was een bezoek aan de Delta de Ebro, aan de Middellandse Zee en twee kasteelovernachtingen in de Parador van Tortosa. Het tripje ernaar toe was het langste traject van de hele reis, maar ook vol natuurschoon. Na alle ontberingen en aanslagen op onze lever en nieren was deze Parador de verdiende beloning. We werden geüpgraded naar de torenkamer, waar we als Spaanse koningen, helaas zonder hofhouding, neerkeken op het gepeupel onder ons, ook al viel onze kleding en auto een beetje uit de toon in deze omgeving.

De Delta de Ebro is de rijstschuur van Spanje én daardoor ook één van de bekendste vogelgebieden. Zo ver als je kunt kijken zie je rijstvelden, die in deze tijd van het jaar worden geoogst. Aan de zuidkant bevindt zich een smalle zandstrook waar de zee aan twee kanten voor bij stroomt. Helaas (maar misschien terecht) was het gedeelte van de flamingo’s voorgoed gesloten om ze rust te geven.

Om op onze leeftijd toch Instagram waardige foto’s te maken parkeerde ik Zafi op een verlaten stuk strand, maar dat was een fikse misrekening. Door de enorme regen van de laatste tijd was het zand zompig geworden en zakte Zafi bij het wegrijden tot zijn enkels weg in het zand. We zaten muurvast. Na een paar kilometer lopen, een onverwachtse lift en veel hulp kregen we de auto eruit en konden we proestend van het lachen aan de lunch. Het was best een domme cowboy-actie, maar het liep goed af.

Met het bezoek aan de Parador was weer een cirkeltje rond, want het was de laatste overnachtingsplek met mijn moeder geweest en in Delta de Ebro heb ik haar mooie afscheidsfoto gemaakt.  En nu zijn weer in Rosamar. Een hele ervaring rijker en ook een hele partij prachtige wijnen. Het zit erop, maar het smaakt alweer naar meer. Reizen verveelt nooit!

Reizen door Spanje capítulo 2: Ruige kusten, kunst & cultuur.

We zijn dus in Baskenland. Het is altijd een apart stukje Spanje geweest, meer nog dan Catalunya. De Basken hebben hard voor hun onafhankelijkheid gestreden, met lange tijd de ongrijpbare en meedogenloze ETA als het extreem gewelddadige clubje. Die tijden zijn gelukkig voorbij, maar het blijft een eigenaardig volkje. Hun taal is zo vreemd, dat niemand het verstaat. Met de meeste lettercombinaties zou je met Nederlands Scrabble glansrijk winnen, want ‘txakur’ zou op 3x letter-en woordwaarde goed scoren. Zykruni of gizakia vast ook. De meeste plaatsnamen staan trouwens ook in het Spaans vermeld, zodat je er nog wat van maken.

Vanuit onze Casa Rural maakten via smalle, gevaarlijke kustweggetjes een betoverende tour van vier uur naar San Sebastián. Kleine dorpjes aan imposante baaien, woeste kustlijn, hoge kliffen; het woord ‘ruig’ heeft een nieuwe dimensie gekregen.

Pas ver na tweeën kwamen we aan in dé culinaire hotspot van Spanje. Trouw aan onze tradities begon de tapastour met oesters, maar ik kon ’s avonds niet meer herinneren wat we allemaal daarna hebben vermorzeld. Het was bombastisch, zo veel en zo lekker. Donnostia (de Baskische naam voor San Sebastián), beschut gelegen in een schitterende baai, heeft vast mooie toeristische attracties, maar die zijn pas de volgende keer aan de beurt.

De volgende dag begon serieus met een bezoek aan het Vredesmuseum in Gernika. Dit plaatsje is in 1937 platgebombardeerd door de Duitse Luftwaffe, die mochten oefenen van Franco om het verzet van de Basken te breken. Gernika (Guernica) was de symbolische hoofdstad van Baskenland en verloor die dag +/- 1600 van de 4000 inwoners. Het museum was een  ingetogen eerbetoon aan de slachtoffers, maar ook een roep om vrede en vergeving. Picasso heeft over Guernica een beroemd (maar spuuglelijk en luguber) schilderij gemaakt, dat vroeger bij ons thuis hing. We waren zo onder de indruk dat we pas in de auto erachter kwamen dat onze rugzak nog veilig in de kluis van het museum lag…

We vervolgden onze kustroute, maar nu westelijk naar Bilbao. We besloten de pittige wandeltocht naar het schiereiland Gaztelugatxe (168 punten!) te maken. Het was zeer de moeite waard, met veel klimmen en dalen, want we raakten de helft van de pintxos van de vorige dag kwijt. Ook bijna de helft van de andere wandelaars, want een groep bejaarde Amerikanen hing onderweg half dood over de reling. Bizar dat er bij het begin niet werd gewaarschuwd, maar wellicht heb ik de Baskische tekst niet goed begrepen.

Laat in de middag reden we Bilbao binnen om via een bijzonder brug naar het centrum over te steken. Deze beroemde Puente Colgante Vizcaya uit 1893 is ontworpen door een trouwe leerling van Eiffel en dat is duidelijk te zien. Er kunnen een paar auto’s mee naar de overkant en dus ging onze Zafi mee, hangend aan metalen kabels in een soort uitvergrote dubbele bouwkeet naar de overkant. Wij moesten zelf in de auto blijven zitten en kregen een licht Titanic gevoel, maar het liep goed af.

Na een fantastische nacht in de kasteelkamer van de superdeluxe Casa Rural La Torre de la Quintana, ditmaal met echte receptionistes i.p.v. theelepelvrouwtjes, reden we opgetogen naar Bilbao voor één van de hoogtepunten van onze reis, een bezoek aan het Guggenheim Museum. Voor mij ook wel een beetje beladen, want het zou de volgende bestemming zijn geweest voor het jaarlijkse Mama-weekend. Helaas is dat er niet meer van gekomen, maar ik had haar beloofd er snel naar toe te gaan.

Van de buitenkant is het unieke gebouw apart en futuristisch en ook als je naar binnen loopt word je overdonderd door het architectonische vernuft. Maar de exposities vielen ronduit tegen. Tien  van de 30 zalen waren dicht i.v.m. renovatie of nog te starten nieuwe tentoonstellingen. De tijdelijke exposities van Morandi en Jesper Just  waren teleurstellend en de permanente exposities te beperkt. We stonden na een uur al buiten, terwijl het KUMU museum in Talinn ons in december uren heeft kunnen bekoren.

En toch ben ik blij dat we er geweest zijn, er is een emotioneel cirkeltje rond gemaakt. Er wordt soms gesproken over het Bilbao-effect als een doodgewone of oninteressante stad door één geweldige attractie een hotspot voor toerisme wordt. Misschien verdient Bilbao langzamerhand wel meer, want het is van een saaie industriestad een relaxte plek geworden. De vraag is echter hoeveel van de 1,2 miljoen jaarlijkse Guggenheim-bezoekers  naar Bilbao waren gereisd, zonder dit museum. We gaan nog een keer terug naar Baskenland, want het is een fantastische bestemming en we hebben nog lang niet alles gezien. De kust en de pintxos-cultuur waren de hoogtepunten, niet het museum.

Santander, net buiten Baskenland in Cantábria, was een quick visit en verdient de volgende keer ook meer tijd. We bezochten het kasteel Magdalena en wandelden met honderden lokale toeristen door het te keurige Disney-achtige park, met zeeleeuwen en pinguïns achter hekken in waterbassins. De stranden zagen er aanlokkelijk uit, maar het werd tijd voor onze volgende bestemming: La Rioja! Eindelijk tijd voor een hapje en een drankje…..

Reizen door Spanje capítulo 1: De Pyreneeën en Baskenland

Ja, die zagen jullie niet aankomen, hè? Na bijna vier maanden radiostilte, op wat oude blogs na, vanuit het niets weer een post. Maar beloofd is beloofd, mijn reisverhalen zou ik voortzetten. En na een lange zomer, voor mij werkend in NL en voor Marion als gastvrouw fungerend  in een drukbezet Rosamar, hebben we ons reisplan omgegooid om in ons eigen Spanje toeristje te spelen. Geen Bali of Koh Samui deze keer, dat heeft echter niets met vliegschaamte te maken. Ik moet nog 1 miljoen bomen planten om ons Ryanair-gedrag te compenseren…..

Vorige week zijn we vertrokken richting Huesca, een lieflijk provinciestadje vlak onder de Pyreneeën. Rustig cruisend over B-wegen, bewust de snelwegen vermijdend, kwamen we aan in Loporzano, vlakbij het Natuurpark Sierra de Guara. Marion heeft allemaal Casas Rurales uitgezocht, oude luisterrijke privé-huizen van eigenaren die er nog een beetje B&B bij doen. Casa Boletas kwam zo uit een boek van Isabel Allende. Onze kamer keek uit op de imposante bergen van de Sierra. Het dorpje Loprozano bestond uit 16 huizen, een gammele kerk, twee paardenstallen en iets wat op een kroeg leek. Daar waren de lokale vutters verwoed aan het kaarten en mochten wij aan de bar hangen, de pindabasten onder onze voeten aanstampend. Bij het afrekenen kwam de grote schok; 3 bier, twee grote bellen Rode wijn en een halve vrachtwagen pelpinda’s voor € 4,20. Toen Marion een briefje van € 20,= trok, brak er paniek uit of er wel genoeg wisselgeld in de kluis achter de toiletrollen in de bar aanwezig was. Na een vrolijke afscheidsceremonie vielen wij uitgeput in slaap in ons hemelbed.

De volgende ochtend koersten we over uitgestorven bergweggetjes naar het stuwmeer. Het was overdonderend mooi, groots en imposant, het water intens turquoise.  De wandeltocht leverde hilarische momenten op. Vleermuizen zoefden over ons hoofd in de grottunnels, bokken en geiten stoven mekkerend en geïrriteerd weg. Dit was hun terrein en ze wensten mid september niet meer gestoord te worden door een stampende ‘Duitser’ en een chocoladebruine ‘inheemse’.

Enthousiast en goed gemutst koersten we richting Pamplona in Navarra, beroemd om zijn jaarlijkse San Fermín feesten in juli.  Maar voor ons was de eetcultuur het absolute hoogtepunt. Ik heb nog nooit zoveel restaurants, tapabars, en eetcafés bij elkaar gezien. Het was een Walhalla voor twee smulpapen. In Pamplona, op de rand van Baskenland, worden honderden varianten van Pintxos geserveerd. Het zijn serieus grote hapjes, bijna altijd op brood geserveerd, die je met moeite in twee keer verorbert. Ze doen trouwens ook niet misselijk met de wijnen die ze erbij schenken. Bijna  alle wijnen worden per glas geserveerd, ook de topwijnen uit de naburige streken.

Na het bacchanaal en een prinsjesnacht in Casa Rural Lakoak besloten we de volgende dag de toeristische kant van Pamplona te ontdekken. Dat lukte aardig, met o.a. de indrukwekkende tentoonstelling Occidens in de kathedraal. Daarna liepen we de beroemde (of beruchte) route van San Fermín, waar de stieren door de straten worden gejaagd in de richting van de arena. Elk jaar vallen er doden en we snappen wel waarom. Ik gleed in de gevaarlijkste bochten twee keer uit en landde pardoes aan de bar van de beste pintxos-tenten. Je wordt vanzelf wankel en dan kan de stier gemeen wraak nemen op deze eeuwenoude traditie, die wij nooit zullen begrijpen..

Het was tijd om de ruige kust van Baskenland op te gaan zoeken. We hadden veel geluk met het weer, want de Golf van Biskaje zorgt 250 dagen per jaar voor stevige buien. Maar de zon scheen uitbundig, het landschap wisselde continu en de route was adembenemend.  We kwamen laat in de middag aan bij Metuxku, een Casa Rural midden in de wijnvelden, waar de lokale witte Txakoli wordt gekweekt. Ook hier een hartelijk ontvangst met veel tips & tricks voor de omgeving. Het zijn trouwens allemaal dames van rond de 60 die dit soort guesthouses runnen. Ze lijken ook een beetje op elkaar, een soort van vriendinnenclub, met minder aandacht voor uiterlijke schijn, mooie kleding of make up. Maar ruimschoots gecompenseerd met een tomeloze gastvrijheid en hartelijkheid. En overal snuisterijen.Theelepel-vrouwtjes noem ik dat.

Met de bezoekdagen aan San Sebastián, de culinaire hoofdstad van Spanje, in het verschiet, besloten wij deze avond kalmpjes aan te doen en ons geestelijk voor te bereiden op de Baskische dagen. Woensdag meer daar over. Fijne zondag!

Geland!

Nederland geniet van het mooie Paasweer. Onze Oosterburen hebben op KarFreitag massaal der Bayerische Motor Werke gepakt om onze kusten te overspoelen, Chinezen en Japanners lopen de Keukenhof plat en een paar Fransen beklimmen weemoedig de Utrechtse Dom, in gedachten bij hun geruïneerde Nôtre Dame. Zelf zijn wij donderdag met de nieuwe Spaanse auto naar Spanje gesjeesd.

Het is voor ons geen plezierritje, maar we maken er het beste van. Onze oude, kreunende Zafira wordt deze zomer vervangen door een jonger zusje, die we in Duitsland hebben gevonden. En met die nieuwe troelewapper zijn we tot onder Lyon gereden om in het pittoreske Tain l’Hermitage te overnachten. Via Booking.com vonden we een grappig hotelletje en via Tripadvisor een heerlijk lokaal restaurant. Goed beneveld door prachtige Rhône-wijnen en lekker afgevuld door de heerlijke Bavette de Boeuf vielen we als een blok in slaap.

Door toeval zijn we een weekje met zijn tweeën in eigen huis, zonder gasten. En dus kan de klussenlijst op tafel om Rosamar klaar te stomen voor het seizoen. En godzijdank is Ibrahim terug, na vijf maanden huisbezoek in Gambia. Hij heeft als een koning geleefd, daar in zijn dorp Dampha Kunda. Zijn bruiloft met Hadja was dé happening van het jaar, waar wij getuige van mochten zijn. Onze aanwezigheid heeft hen status gegeven en Ibrahim is toegetreden tot de Dorpsraad, waar alle belangrijke zaken worden besproken en beslist.

Daarnaast heeft het halve dorp meegeprofiteerd van onze inzamelingsactie. In amper drie maanden heeft Ibrahim van onze gezamenlijke bruidsschat een nieuw woonblok op zijn erf gebouwd. Klaar voor de toekomst en zelfs voorbereid om ooit een badkamer en toilet te voorzien van stromend water. Want dat is voor Ibrahim een must, als wij de volgende keer in zijn huis blijven slapen in plaats van in een hotel 10 kilometer verderop. Alle vakmannen uit het dorp hebben geleverd; de zandman (voor het cement), de ijzerman (voor de golfplaten op het dak), de houtman (voor de balken), de stroman (voor de riet-isolatie van het dak), de steenman (voor de kleistenen blokken) enz. enz. Namens Ibrahim nogmaals ontzettend bedankt.

Het blijft voor ons altijd een wonder. Ibrahim schakelt na vijf maanden bij vrouw, kinderen en familie in zijn thuisomgeving ogenschijnlijk makkelijk om naar het totaal andere Spaanse leven. Waar je moet struggelen om de kost te verdienen en niet de succesvolle Gambiaan bent die het gemaakt heeft in Spanje. Het moet een raar, triviaal gevoel zijn: dé Fons in Gambia en de (haast) genegeerde asielzoeker in Spanje. Maar wij zijn trots om deel van zijn leven uit te maken en samen met velen van jullie hem én zijn gezin te kunnen helpen.

Het weekje Spanje is voor ons twee ook de afronding van een hectische en lastige periode. Marion heeft haar werk bij het Radboud umc afgerond en dat is qua timing precies op tijd. Zelf heb ik mijn handen vol aan die Groene Artisanen. We maken grote stappen en komen steeds vaker in de positie die we voor ogen hebben: de uitdager (challenger) van de grote cateringjongens. Dat gaat gepaard met twee soorten stress; de korte termijn/operationele problemen en de lange termijn/strategische druk. Iedereen die met mij heeft gewerkt de afgelopen 10 jaar weet dat ik slecht kan omgaan met die dagelijkse shit en dan niet bepaald subtiel communiceer…..  Er sneuvelt ook wel eens wat…

Het is ook een feit dat deze fase van ondernemen op mijn leeftijd teveel energie kost. Te klein voor het tafellaken en te groot voor het servet. Je ontkomt er niet aan om je bezig te houden met de alledaagse details, terwijl je in je hoofd bezig bent met het grotere geheel. Je bent de onverwachte, late ziekmelding van een één-mens locatie nog aan het oplossen, als de mail binnenkomt die vraagt om aanvullende informatie om een langdurig contract af te sluiten met een grote klant.

Maar deze week knap ik vogelhuisjes op. Leg ik nieuwe dorpels op de oprit. Wordt de lekkende houtopslag aangepakt. Worden de garagedeuren opnieuw afgesteld. Stort ik beton om het terras te verhogen. Geen stress, wel fysieke inspanning. Kop leeg en handen vuil maken. Lekker landen.

Samen met mijn meisje en mattie Ibrahim. Fijn dat hij er weer is. Hij kent gelukkig mijn nukken..

Silencio!

Soms kijk ik verwonderd terug op een week, in de aanloop naar een nieuwe column. Dan vraag ik me op zondagmorgen serieus af hoeveel er in een week past of hoeveel een hersenpan verdragen kan. Mijn oren hebben het deze week opgegeven. Het werd teveel voor ze.

Nadat we op zondagavond onze Andalusische vrienden weer in Barcelona op de vlucht terug naar het Zuiden hadden gezet, reden Marion en ik zwijgend terug naar huis. In die anderhalf uur was de enige tekst: “mag ik even het pasje voor de tol?” Het was een prachtig, gezellig, hilarisch en ook oorverdovend weekend. Niet geheel toevallig meldde ik me maandagmorgen bij de CAP, de Catalaanse Eerste Hulp Post, voor een pijnlijke oorontsteking. Met een anti-biotica kuur om een paard plat op zijn rug te leggen, reed ik naar terug naar Rosamar. Daar sijpelden de eerste Utrechtse berichten binnen..

Weer is een eenzame, mislukte, agressieve looser in staat gebleken een heel land figuurlijk te gijzelen. Vorige week waren in Nieuw-Zeeland meer dan 50 mensen op het verkeerde moment op de verkeerde plaats. Nederland was tot nu toe de dans ontsprongen, maar een doodgewone tram op een alledaags moment werd een horror-scene. Je zult je vader, dochter of echtgenoot maar op die manier voor eeuwig verliezen. Ik heb ooit een brief geschreven aan die egoïstische Duitse piloot die een heel vliegtuig tegen een Franse berg aan knalde. De vraag is hetzelfde: Waarom? In godsnaam waarom?

Ons land reageerde eigenlijk on-Nederlands ingetogen, maar na een dag konden sommige politieke partijen het niet laten om er nog snel politieke munt uit te slaan voor de Provinciale verkiezingen op woensdag. En ze werden voor dat schandalige gedrag nog beloond ook met extra zetels. Ik werd niet stil van de onverwacht grote overwinning van Forum voor Democratie. Ik was wel sprakeloos én gefascineerd door de elitaire overwinningsspeech, waar de meeste FvD-stemmers niets van zullen begrijpen. Er zaten nogal wat Trumpiaanse beweringen in. Ook in Nederland is het vanaf nu blijkbaar normaal om “alternatieve” feiten als waarheid te verkondigen. Vreemde tijden.

Op de dag dat wij een plaatsje zijn gestegen op de wereldranking van gelukkige landen ( nr. 4!!!) stemmen we massaal op een partij die ons het tegenovergestelde voorspiegelt; wij zijn een onveilig land met teveel binnenkomende asielzoekers, klimaatverandering is een hoax en de linkse elite helpt het land naar de kloten. Maar wat ik er ook zelf van vind, deze onrust heeft de laatste jaren diep in onze maatschappij wortel geschoten. En het lukt nu Thierry Baudet, zoals voorheen Fortuyn en Wilders, om deze  ontevredenheid goed te mobiliseren. De tijd van negeren is voorbij.

Aan het einde van de week slonk mijn oor weer naar normale proportie, zodat ik niet meer als Dr. Spock door het leven hoefde. Er drongen ook weer wat positieve geluiden binnen, zoals het gejuich van een volle Kuip na een makkelijke zege van het Nederlandse Elftal. Door het onverwacht mooie weer draaide de ongeduldige vogelgemeenschap in mijn Duitse tuin de volumeknop helemaal open. Precies onder ons slaapkamerraam dient de grote satellietschotel ook als podium voor twee innig verliefde houtduiven. Je zou verwachten dat na 10 jaar amoureuze perikelen dat geroekkoek weleens klaar is, maar het enthousiasme van een monogaam tortelstel is ongeëvenaard. Klotenbeesten..

Om de geluidsarme week goed af te sluiten zijn we gisteren, dankzij vriendje Bob, naar de  Ziggodome geweest  voor een live concert: heel Holland zingt Hazes. Het werd een gezellige meezing-avond zonder pretenties. De uil van Minerva kwam er in ieder geval niet in voor. Drie uur lang kwetterden bekende NL-artiesten de liedjes van volksheld Hazes door de concert-tempel. Dochter Roxanne viel een beetje uit de toon, het duet van André jr. met zijn vader was best creepy. Op het podium verscheen een hologram van Hazes sr, zo griezelig echt dat je hoopte dat de slachtoffers van de Utrechtse tram ook op die manier weer terug gehaald konden worden. Ooit moet dat toch lukken.

Vroeg in de ochtend trof ik in mijn brievenbus het tekeningetje aan, wat bij deze column staat. Het handschrift wat mijn naam erbij heeft gezet, komt mij heel bekend voor. De boodschap is even hard als duidelijk. Ik werd er stil van. Past helemaal in deze week.

İViva los Malagueños!

Hèhè, ik heb een beetje stoom afgeblazen de afgelopen week. Het bleef wel onrustig op de mail en Whatsapp, maar tussendoor was er genoeg te genieten. Eigenlijk zou dat ook de enige tijdsbesteding voor een volwassene moeten zijn; Enjoy life, disfrutar la vida, joie de vivre.

Maandag hebben we ons ouwe trouwe Zafiraatje aangeslingerd om naar Andorra te rijden. Tot onze stomme verbazing had hij er zin in, want alle meters op het dashboard deden het weer! Het is voor Zafi ook een soort afscheidstournee langs alle plekken van de laatste 10 jaar. Hij bracht ons in het oude rovershol Andorra Stad naar een prima hotel, wat door Marion’s gegoochel met Booking.com voor een habbekrats was geregeld. Dat we ook gratis gebruik mochten maken van het avondeten in buffetvorm was eerder een straf dan een pré. Onder fel T-licht tussen veelal bejaarde Franse bustoeristen is geen smakeloze hap door je keel te krijgen.

Het skiën maakte alles goed. Volkomen ongetraind en gebruik makend van mijn eigen middelpunt-vliegende kracht sjeesde ik met Marion van maagdelijk witte, verlaten pistes af. Gelukkig kennen we het grote skigebied GranValira op ons duimpje, zodat we in de betere restaurants aan de pistes de matige avondprak konden compenseren. Met een paar glazen Cava en een mooie fles wijn lukte het meestal nog net om de laatste middag-afdelingen goed af te ronden. Donderdag, op weg naar huis, wilden we nog snel de auto afladen met goedkope Gin, Bacardi, sigaren en andere tax-free artikelen uit Andorra. Maar helaas had het minuscule bergstaatje een feestdag en bleven alle winkels hermetisch gesloten. Misschien maar beter….

Vrijdagmorgen zaten we al vroeg in de auto op weg naar El Prat, het vliegveld van Barcelona. Daar zou om 08.30 uur onze vriendengroep uit Malaga aankomen. Al jaren probeerden wij Emilio en Christina, Pradeep en Toñi, Kunmar en Conchi, Isabel en mijn neef Bart over te halen om een weekend naar ons te komen voor een rondje Cataluña. In mei vorig jaar hebben we allemaal in Malaga op een gefrommeld servetje de afspraak gemaakt voor een “Visita Cataluña” in maart 2019. En zo geschiedde!

Het Zuiden van Spanje heeft door de onafhankelijkheids-perikelen in Cataluña een verwrongen beeld gekregen, vaak ook aangewakkerd door eenzijdige persberichten. De werkelijkheid is dat in Barcelona er weinig meer van te merken is. Politiek is het nog onrustig, maar de meeste Catalanen zijn overgegaan tot de orde van de dag. Wij hebben de Malagueños vier uur lang wandelend rondgeleid langs de mooiste plekken van BCN om te eindigen in El Born, the place to be in Barcelona de laatste jaren. In het authentieke restaurant Señor Perallada genoten we samen met Ria en José van een heerlijke lunch, voordat we een bezoekje brachten aan de Kathedraal van de Zee en de Mercat de Born, waar een permanente tentoonstelling over de geschiedenis van Barcelona veel duidelijk maakt over de eeuwige strijd tussen Catalanen en Castillanen.

Vroeg in avond kwamen we allemaal uitgeput in Rosamar aan, waar alle echtparen een eigen kamer kregen toegewezen en wij zelf daarna vertrokken naar de Air BNB Can Pastera. We hadden onszelf uitgenodigd bij onze lieve vrienden Gerard en Lenny, om de extreme drukte in ons eigen huis te ontlopen. De weldadige rust na een volle dag Andalusisch geratel werkte helend, de gezamenlijke Gin-Tonic was genoeg voor een volle knock-out. We vielen als een blok in slaap in een supercomfortabele kamer, 5 sterren-nivo. Maar pas nadat vriendje Gerard via een onder het bed verstopte portofoon vunzige liedjes door de kamer liet schallen…

En voor diegenen die nu denken dat wij ons misschien vaker uit ons eigen huis laten jagen door vrienden en gasten heb ik een teleurstellende mededeling: Never nooit niet! Het komt ons nu een keer goed uit, want het is vooral een welverdiende geste aan Bart en Isabel, waar wij al jaren als een koningspaar worden ontvangen en prinsheerlijk kunnen slapen. De bonus is dat alle Malagueños mee zijn gekomen en intens genieten van een heerlijk weekend. Dat genieten kun je wel aan ze overlaten!

Gister was de Costa Brava-tour met  bezoeken aan Lloret, Tossa, San Feliu en Girona. Morgen nog een extra rondje Barcelona en dan gaan onze amigos happy terug naar het Zuiden. Missie volbracht; Promesa Cumplida!

Kasteelheer

Deze kasteelheer is even de accu opladen. Niet goed genoeg nadenkend over afnemende  actieradius op latere leeftijd stond ik bijna zonder prik. Dus gisteren zonder vliegschaamte met Rianne vertrokken naar Spanje. Opladen, bijladen, terugschakelen en reserves opbouwen.

Ik ben trouwens zelfbenoemd kasteelheer, omdat ik volgens mijn dames over mijn eigen wallen naar buiten kijk. En eerlijk is eerlijk, de kipnuggets onder mijn ogen zijn gegroeid tot met water geïnjecteerde kiloknallers van een pond per stuk. Als ik recht naar beneden kijk, zie ik de eerste 30 cm voor mijn buik dingen als door een vleeskleurige panty. De carnaval is net achter de rug en het Dalí-masker van  Casa de Papel was heel populair, maar volgend jaar wordt mijn gezicht in masker-vorm de hit van het jaar. Als Poltergeist the Remake.

Afgelopen week hebben we met De Groene Artisanen een fantastisch mooi project overgenomen in Rotterdam. Against all odds gewonnen van de grote jongens, die zich nu nog vertwijfeld afvragen: Who the fuck is De Groene Artisanen? Dat is als catering-ondernemer eigenlijk het leukste: de onderschatting van de New Kids on the Block door de gevestigde orde. Vorig weekend hebben we met ons kleine team doorgewerkt om er een hip en modern bedrijfsrestaurant van te maken, want afgelopen maandag zouden de medewerkers van de Grote Verzekeraar voor het eerst ons concept ervaren.

Iedereen was vooraf op de hoogte gebracht dat we al vanaf 10.00 uur elke dag open zijn, maar er gebeurde niets. Tot 12.01: alsof er op alle afdelingen een lunch-luchtalarm afging, stormden 300 gasten onze counter binnen. Al onze goede intenties vielen meteen weg. We ploegden, buffelden, anticipeerden ons gek om de rijen zo snel mogelijk weg te krijgen, terwijl ik de gasten bleef uitleggen dat ze echt van 10.00 tot 14.00 uur terecht konden. De kop was eraf, zowel letterlijk als figuurlijk.

In de loop van de week kregen onze gasten steeds beter door dat gespreid eten de moeite waard was. Al jaren is dat in mijn vak het grootste euvel; het kudde-gedrag om allemaal tegelijkertijd te gaan lunchen. Maar met een grotendeels onervaren team, aangestuurd door 50 jaar catering-management en onze geheime keuken-troef Bob, hebben we een prachtweek gedraaid. Met als beloning blije gasten, supertevreden opdrachtgevers en rinkelende kassa’s. Het was wel elke middag moeilijk om op de stroperige A-15, kijkend over mijn wallen, wakker te blijven. De sloopkogel bleef onbarmhartig tegen het afgepeigerde lichaam beuken.

Daarom komt het voorjaarsweekje Spanje als geroepen. Ik had Marion eerder al een weekendje alleen laten gaan en wist dat een tweede keer Sjaak Afhaak spelen het meest op Russische Roulette zou lijken. Het jammere is wel dat ze in dat Only the Lonely Weekend een nieuwe klussenlijst heeft opgesteld, die binnenkort als paperback bij de Bruna te koop is… Ik ben gister maar gewoon begonnen, want een beetje fysieke inspanning na al die opstartstress is best een goede remedie. En ik denk dat ik deze week meer sport dan de afgelopen vier maanden bij elkaar.. Beetje tennissen met vriendje Gerard, een paar dagen skiën in Andorra en misschien een potje golfen is een begin. Toch?

Als Nederlander heb ik gisteravond in Macanet alle complimenten in ontvangst mogen nemen over de fenomenale prestatie van Ajax eerder deze week. Zoals de insiders weten, heeft FC Barcelona veel te danken aan Johan Cruijff, omdat hij als speler en als coach grote successen heeft gebracht in Catalonië. In de Penya, de supportersclub in mijn dorp, bedankte iedereen mij omdat het gehate Madrid uit de Champions League is geknikkerd. Door die broekies en lefgozers uit Nederland. Waarvan er in ieder geval één, Frenkie de Jong, nu al met hoge verwachtingen wordt binnengehaald. Als dat maar goed gaat..

Ons huis in Spanje en de tweewekelijkse tripjes erheen hebben een therapeutisch effect op ons. Marion dartelt als een blij veulen rondom het huis, ongeacht de Bruna-lijst aan klussen. Zelf gesp ik, na 20 minuutjes op het ligbed bij het zwembad, de zwaar professionele bosmaaier aan mijn middel. Want stilzitten is geen optie, ook niet bij 22 graden. Word je moe van, denk ik.

Zaragoza

Soms brengt het leven je op plekken die je niet snel zou kiezen. En dat is toch meestal een garantie voor positieve verbazing. Dat geldt ook voor Zaragoza, waar we dit weekend zijn beland om dochter Anne-Roos te bezoeken.

Als laatste onderdeel van haar studie moest er nog een buitenlands strikje om. Valencia was qua studie-programma niet interessant en Madrid natuurlijk onbespreekbaar. Zo viel de keuze dus op Zaragoza, de vijfde stad van Spanje en toch onbekend. Steden als Malaga, San Sebastian, Sevilla, Cordoba of Granada staan hoger in de ranking van Spaanse city-trips. Dat komt ook omdat Zaragoza in niemandsland ligt, precies in het midden tussen Barcelona en Madrid. Het voelt een beetje als Den Haag; je komt er alleen als het moet.

De bevolking is hartelijk, de prijzen zijn laag en de stad is niet platgewalst door goedkoop toerisme. Zelfs de World Expo 2008 heeft niet meer blijvende aandacht opgeleverd. Er wordt ook weinig energie in gestoken om dat te verbeteren. Een soort mix van luiheid en gelatenheid, met een hoog Calimero-gehalte. Aragón, de provincie waarvan Zaragoza de hoofdstad is, was in de Middeleeuwen een trots koninkrijk dat aanzien genoot. Maar daarna kwam het klem te zitten in alle oorlogen.

In de Spaanse burgeroorlog (1936-1939) is er in deze regio vreselijk gevochten door de Franco-troepen en de Republikeinen. Belchite is zo’n spookstad die helemaal aan flarden is geschoten en als herinnering nooit meer is opgebouwd. We krijgen er straks een rondleiding, die indrukwekkend moet zijn. Zaragoza is toen en nu altijd overdreven loyaal geweest aan het nationale gezag vanuit Madrid. Ze hebben een pesthekel aan Catalanen en dat is geheel wederzijds. Anne-Roos hoeft nergens in de stad een pleidooi te houden voor een dialoog in het ‘Catalaanse’ conflict. Gewoon onderdrukken is hier de mening.

Los daarvan is de sfeer zeer relaxed in de stad. De stad heeft een waanzinnig uitgebreid pallet aan horecazaken, die allemaal vol zitten, mooie concepten hebben en goed zaken doen. De grootste bezienswaardigheid is El Pilar, de gigantische kathedraal. Waar je ook loopt in de stad, vanuit alle kanten doemen de enorme torens en ronde koepels op. Van binnen viel hij een beetje tegen, ook al was Maria-verering het overduidelijke thema. Het plafondwerk was maar half af omdat ze 100 jaar geleden de kunstschilder hebben weggestuurd omdat hij te somber was. Het enorme orgel, de grootste van de wereld, staat als een stalen ros tegen de achterwand lelijk te zijn. En zoals zoveel Spaanse steden zit Zaragoza vol met statige grote gebouwen uit begin 20e eeuw.


Gisteren zijn we naar het Monasterio de Piedra geweest, een must-see op 110 km van Zaragoza. Het droge, genadeloze landschap onderweg veranderde pas 10 km voor aankomst in een oase van groen, vermengd met een regenboog aan herfstkleuren. Verscholen tussen een paar ongastvrije heuvels liggen een prachtig natuurpark, met een schitterende variatie aan watervallen, grotten, beken vol forellen en ongerept natuurschoon. De vogelshow met gieren, adelaars, valken en uilen was een mooi slot op het bezoek. Mocht je ooit in deze contreien verdwaald zijn geraakt, dan is een bezoek echt de moeite waard.


Morgen nemen we de snelle route naar Barcelona airport om daar de auto van vriendje Gerard te droppen. Vervolgens een lunchbezoekje bij Ria en José om even bij te praten en dan met de trein terug naar Rosamar. Door het gehannes met Ryanair ligt ons hele winterschema overhoop en komen we nog ‘maar’ één keer per maand deze winter. Maar er is dit jaar in Barcelona meer regen gevallen dan in London, dus veel hebben we niet gemist. Onze achtertuin lijkt meer op een moeras, mijn openhaardhout wordt niet droog en het mos groeit via de muren omhoog naar het dak. Dat wordt klussen in het voorjaar om alles weer spik en span te krijgen.

Daarom past het onverwachte bezoekje aan Zaragoza prima in ons ritme. Want waar één deur dicht gaat, gaat ergens anders weer een deur open. Met een verrassend nieuw uitzicht. Zoals Zaragoza, de onbegrepen trouvaille in een dorre omgeving. Waar we een weekend lang la vida española met goed eten en drinken hebben ervaren.

En wat dan het meeste opvalt? Alle leeftijden zijn buiten, tot diep in de nacht. Bij 10 graden. Het kan dus wel!

Opvliegers

Ik raak steeds verder ontregeld door dat mooie weer. Ik kan dat Spaanse hutje beter verpatsen als het zo mooi blijft. En Ryanair werkt ook al niet meer mee.

Het Ierse bedrijf is al een jaar of 30 actief in de luchtvaart, maar de laatste 10 jaar gaat het echt hard: van 42,5 miljoen passagiers in 2007 naar 120 miljoen in 2017. Daarmee zijn ze grootste maatschappij van Europa. De baas is Michael O’Leary, een klein onderkruipseltje die schijt heeft aan iedereen, als de resultaten maar goed zijn. Hij is grof gebekt, bot naar zijn personeel, hekelt vakbonden en is niet vies van een relletje. Toen Alitalia voor de zoveelste keer bijna failliet ging, plakte Ryanair op zijn Italiaanse vliegtuigen de tekst: Bye Bye Alitalia.

Ryanair wil in marketingtermen alleen maar Costleader zijn. Daarvoor moet alles wijken, zelfs klant-tevredenheid (Customer Intimacy) of perfecte service (Operational Excellence). Gewoon goedkoop vliegen en niet zeiken. Eigenlijk werken ze volgens een oude salestechniek uit Amerika; Triple-F. Dit staat voor: Find them, Fuck them and Forget them. Op zijn Hollands: zoek nieuwe klanten, laat ze erin trappen en vergeet ze (draai je om, loop weg). Er zijn zelfs Nederlandse bedrijven die dit lang hebben volgehouden, maar ze zijn allemaal failliet of weggevaagd; DSB-bank is een mooi voorbeeld.

Tot zover de masterclass Saaie Weetjes. Het wordt tijd voor de reizigers-insights. We zijn grootgebruikers met meer dan 500 vluchten in de afgelopen 10-12 jaar en hebben alle trucs al een keer mee gemaakt. En toch werden wij vorige week ouderwets verrast door een rits van 10 annuleringen. Allemaal in de periode november tot en met maart vanaf Eindhoven, terwijl Weeze ’s winters ook al niet vliegt naar Girona. Vervelend? Ja. Erg? Nee. Dan vliegen we maar een keertje minder. Ik vind het altijd intens zielig voor mensen die eindelijk een weekendje weg gaan of een jong gezin met krijsende kinderen die dringend toe zijn aan Hotel Marisol in Malgrat de Mar.

Ook al zijn we nog zulke loyale klanten, ik weet zeker dat de Chef Algo-Ritmen bij Ryanair een pesthekel aan ons heeft. En helemaal aan Marion, die uitgekookte boekingsbitch. Elke truc die ze uithalen, elke ontmoedigingspoging om geld terug te krijgen, elke debiele verandering van regels; volkomen kansloos. Omdat Marion alles omzeilt (geen koffers, geen priority, geen stoeltoewijzing etc. etc.) waren we dit jaar gemiddeld minder dan € 65 retour kwijt. Ze verdient zelfs nog aan de annuleringen. En die twee uur niet naast elkaar kunnen zitten, vind ik wel fijn. Soms vragen vliegburen of ik misschien naast Marion wil zitten. Na mijn antwoord (“liever niet”) heb ik meestal twee uur lang geen last meer van ze.

En nu valt Ryanair zwaar in zijn eigen mes. Te veel lak hebben aan je eigen medewerkers breekt je vroeg of laat op. In economisch mindere tijden, als iedereen blij is met werk, kom je er misschien nog mee weg. En ontevreden klanten kiezen soms toch voor de goedkope deals. Maar ontevreden medewerkers kunnen je bedrijf kapot maken. Zeker als ze gaan staken en daarmee een kettingreactie aan annuleringen in gang zetten. Nu al een paar keer in korte tijd. Want bij Ryanair werkt het personeel volgens het Triple-D principe: Dumb, Dirty and Demeaningfull: dom, vies en zinloos werk. Dus niet zeiken. Geen eisen stellen. Bek houden.

Als Ryanair niet begrijpt dat je daar anno 2018 niet meer mee wegkomt, zijn ze op lange termijn ten dode opgeschreven. Zelfs Aldi en Lidl zijn van horkenbedrijven overgegaan in moderne bedrijven met een doordacht HR-beleid. Anders houd je geen hond meer binnen. En met toenemende schaarste en vergrijzing op de arbeidsmarkt heb je ook geen keus. Meedoen(maar wel gemeend) of afhaken. Zeventien Nederlandse piloten kregen vorige week te horen dat hun basis in Eindhoven per 5 november dicht gaat. En dat ze dus vanuit een ander land moeten gaan vliegen. Compensatie? Alleen de vlucht naar de nieuwe basis. Verder niks, geen verhuiskosten of buitenlandtoeslag.

Elk nadeel hep zijn voordeel, is een mooie Cruyffiaanse uitdrukking. Begin december gaan we nu als alternatief een weekendje naar Talinn. Talwie? Talinn, de hoofdstad van Estland, aan de Finse Golf. Niet omdat het moet, maar omdat het kan. Met wie we vliegen..? Met Ryanair voor € 24,99. Was het goedkoopst. Als het doorgaat..

Kathedraal van de zee

We zitten op Netflix! Ja, die zagen jullie niet aankomen, hè? Al jaren proberen mijn dochters de voordelen uit te leggen, maar ik was er schijnbaar nog niet aan toe. Ik ben nogal verslavingsgevoelig en kan sommige prikkels beter uit de weg gaan.

Tuurlijk hadden ze alles al uitgelegd en de meest fantastische series de hemel in geprezen. Narcos, Breaking Bad, House of Cards, Peaky Blinders, La Casa de Papel, The Crown en God weet wat nog meer. Maar wij kochten nog gewoon een DVD-box met 4 blinkende schijfjes die we dan 1 voor 1 in de kerstvakantie op een Spaanse bank verorberden. Penoza 3 als seizoen 5 net is afgelopen, Homeland 4 tijdens jaar 6 en alles van House en Broadchurch. Lekker ouderwets, maar we hadden niet het gevoel iets te missen.

Maar nu we mogen meeliften op het abonnement van Anne-Roos, zijn we los. Getriggerd door de serie Kathedraal van de Zee, de verfilming van het magistrale boek van Ildefonso Falcones. Samen met de Stad der Wonderen (Eduardo Mendoza) en Ik geef je de Aarde (Chufo Llorens) al jaren onbetwist in mijn Top 3 van mooiste boeken. En niet toevallig alle drie boeken over de geschiedenis van Barcelona. Gisteravond meteen 2 delen bekeken, vanavond weer twee. Ik voel meteen de dwangmatige neurose opkomen om nachten over te slaan en door te kijken. Binge watching in optima forma. Gelukkig dwingt Marion mij tot samen kijken en wordt het geen nachtwerk.

De Kathedraal van de Zee wordt in Barcelona Santa Maria del Mar genoemd. Het ligt in het hippe wijkje El Born en wordt na jaren van verwaarlozing weer langzaamaan een mooi kerkje. We gaan er best vaak naar toe, om aan vrienden te laten zien of een kaarsje op te steken voor onze dierbaren die al zijn gaan hemelen. Daarna gaan we meestal voor een glaasje cava en tapas bij El Xampanyet of een lekker lunch bij Senyor Parellada, allebei om de hoek. Tuurlijk kan La Santa Maria niet tippen aan de magische Sagrada Familia, maar je wordt er in ieder geval niet door 20.000 Japanners en Koreanen omver gelopen.

Tot zover de gratis toeristische tips. Waar het vandaag echt om gaat, is een zorgelijke persoonlijke ontwikkeling. En ik ben ook bang dat het leeftijd gerelateerde starheid is. Netflix is er een voorbeeld van. Je maakt jezelf en anderen met een beetje dédain wijs dat het niets toevoegt. Een modegrilletje wat wel zal overwaaien. Een tijdelijke hype, net zoals Snapchat en Instagram. In de marketingwereld is er een term voor: Laggards. Als 85% van de mensen allang zijn begonnen met de nieuwste trends, komen deze dinosaurussen pas in beweging.

Maar het gaat veel verder dan dat. Ik zat 10 jaar tegen een foeilelijk, bruin, aftands tuinhuis aan te kijken. En heb hem nu in drie weken omgetoverd tot een strakke trendy antracietgrijze parel. Als we er nu naar kijken, vragen we ons echt af waarom we dit niet eerder hebben gedaan. Nog een voorbeeld: we hebben 17 jaar geen lamp boven de eettafel in de huiskamer gehad. Uiteindelijk vorig jaar een Leen Bakkertje van 87,= erboven gehangen. Een verademing, we kunnen gewoon lezen aan tafel. Ook hebben we sinds vorige eeuw een kapotte zonnebank op de logeerkamer gehad. Voor spinnen en stof een heerlijk onderkomen, totdat hij bij het grofvuil belandde. Waarom zo lang gewacht? Waar zit de blind spot in mijn hoofd?

Mijn grote gasfornuis heeft nog maar 3 van de 5 pitten die werken. Ik ben er handig in geworden en kook er makkelijk voor 15 man op, maar kan ook voor een prikkie het flutding vervangen. Laat ik maar ophouden, want ik begin serieus aan mijn verstandelijk vermogen te twijfelen als ik nog meer opschrijf. Is het misschien een ‘late life’ opleving dat ik me er ineens van bewust ben? Word ik van een extreem zelfverzekerde narcist misschien een ultrasofte twijfelkont die alles op een weegschaal legt? Voor elk overtuigend Ja ook een peinzend Nee? Hoort het bij ouder worden? HELP!

Gelukkig heb ik een relativerende, back-to-earth partner, die zorgt voor een niet aflatende stroom van verbeterpuntjes. Hoef ik het zelf niet te verzinnen. Beter. Denk ik…