Geluk

Jarig. 54. Joepie. Er is er een jarig hoera hoera. Daar moet op gedronken worden, hihaho. Maar niet deze keer. Voor de eerste keer in 40 jaar sta ik droog op mijn verjaardag. Wat een feest.

Gistermorgen reden Marion en ik tussen de sneeuwbuien door naar Eindhoven Airport voor een koud weekend Macanet. Ik had er niet echt veel zin in, maar de laatste fase van Project Zwembad vraagt wat extra aandacht. Zou jammer zijn als er ineens roze tegeltjes met engeltjesmotief op de wanden worden gemetseld. Toch lullig om daar 20 jaar tegenaan te moeten kijken. Dus op naar Rosamar, wetende dat het een graad of 6 zou zijn. Binnen. We zitten al heel lang op de aansluiting van het aardgas te wachten. Mañana duurt nu al twee jaar..

Op Eindhoven Airport stonden the usual suspects keurig op tijd in de rij. We zien ze elke twee weken, maar het blijft bij vriendelijk knikken en hallo zeggen. Voor je het weet word je uitgenodigd voor de Hollandse Club en eet je haring op vlaggetjesdag. We hebben een paar hele goede Nederlandse vrienden in Spanje, maar het hoeft geen clan te worden. Doodsbang dat ik ineens in een clubhuis met Lex en Maxima in posterformaat op de muur sta te wouwelen over de bitterballen, zorgtoeslag en greenfees.

Vanuit het niets stond dochter Marloes voor mijn neus. Het was zo onverwacht dat ik het niet kon plaatsen. Achter haar doemde Anne-Roos met bikkel Philippe op. Mijn hunnybunny had mij het mooist denkbare verjaardagskado gegeven; de meiden stiekem uitnodigen om samen mijn ouwelullen-dag in Spanje te vieren. De afgelopen weken was ik door mijn dochters uitgemaakt voor Sjaak Afhaak, Partypooper en Remi (‘Alleen op de wereld’) omdat ik naar Spanje vluchtte om mijn verjaardag te ontlopen. Ik was erin getuind.

Elke cultuur heeft een andere interpretatie van geluk. Het Catalaanse woord ‘sort’ zit een beetje tussen geluk en mazzel in. Zo voel ik me gister en vandaag; een mazzelkont die gelukkig getrouwd is, met twee zelfstandige meiden die zelf hun geluk bepalen. Daar mag ik als vader af en toe een steentje aan bijdragen, maar het kan niet zonder hun eigen inspanning. En dat ik steeds vaker als sentimentele ouwe knar wordt gezien, is nog terecht ook.

Thuisgekomen bleek Het Project Zwembad onSpaans op schema te liggen. Ik ga zelf maandag de tegeltjes uitkiezen en meenemen, dus het wordt geen Barbie-bad. In no time sjeesden we daarna naar Barcelona om de altijd lastige thuiswedstrijd tegen Las Palmas te gaan bekijken. Neef Luca, diehard FCB-fan en studerend in de Stad der Wonderen, had last minute kaarten geregeld; weer een kadootje. Een goed gevuld Camp Nou smeekte om een ruime overwinning, ondanks de vele B-spelers die meededen. Het werd de door mij voorspelde 5-0 en daarmee werd het arme Las Palmas een nog grotere afstraffing bespaard. Toch zijn het rare verhoudingen in de Spaanse Primera División: de totale begroting van Las Palmas is lager dan het jaarsalaris van Messi….

Ik denk dat er onder mijn lezers mensen zijn die vinden dat ik voor het geluk geboren ben of gewoon altijd geluk heb. Ik wil best toegeven dat het regelmatig de goede kant opvalt, maar ik heb zeker ook momenten in mijn leven gehad dat het tegen zat of ronduit verkeerd ging. Maar in mijn genen of in mijn DNA zit een eigenschap die dan voor de oplossing zorgt: altijd vooruit kijken, nooit blijven hangen in het verleden. Kop schudden, verlies pakken en door. Leren van je fouten, maar nog liever drie keer aan een steen stoten dan nooit een steen tegenkomen. Het is een cliché dat ik vaak gebruik, maar mijn zware faillisement in 1999 was achteraf een blessing in disguise. Luctor et emergo; ik worstel en kom boven.

Straks neemt deze geluksvogel de hele bende inclusief Spaanse peetouders Ria & José en vriendje Robert mee lunchen in het Argentijnse toprestaurant 9Reinas van Barcelona-speler Mascherano. Want geluk is het enige wat zich verdubbelt als je het deelt.

Kersemus 2016

Terwijl in de meeste huishoudens de kerststress tot asferische hoogte stijgt, heb ik het al achter de rug. Mooi op tijd dit jaar; gisteren onze moeders, dochters en aanhang aan laten schuiven voor 7-gangen met alles d’rop en d’ran. Met stip op 1 : Gegrilde coquilles met een saus van Noilly Prat en lychées, op een bedje van saffraan- tagliatelle.

De eerste 10-15 jaar van mijn leven was Kerst niet leuk. Er stonden rijen auto’s voor de Goffert om de kerstbestellingen op te halen. Heel veel huzarensalades. Voor een paar gulden meer was er ook een Russisch Ei Royale; met een paar gerimpelde sardientjes, een klonter tonijn, 3 fliebers paling en 4 kunstig opgespoten gevulde eieren. Als de laatste neuroten om 17.00 uur het parkeerterrein afscheurden, ging de deur op slot en was het familie-avond. In ons gebruikelijke moordende tempo werd het eten vermorzeld. Daarna werd er een poging tot spelletjes gedaan. Altijd vielen de volwassenen in slaap of kregen de kinderen onderling ruzie. We waren gewoon niet gewend om langer dan een uur bij elkaar op de lip te zitten. Op 2e Kerstdag kwamen honderden mensen het kerstdiner bij ons kauwen. Diep in de nacht was Kerst gelukkig achter de rug.

Op de hotelschool was het kerstbeunen een lucratieve bezigheid. We werden bijvoorbeeld twee dagen afgebeuld bij Restaurant Engels in Rotterdam. De hele haven-fine fleur schoof daar aan. Goud blinkte overal, zelfs aan de riemen van de poedels. Die zaten gewoon aan tafel bij hun baasjes en aten mee. Logisch ook, want voor elke stoel moest betaald worden. Onder de live-klanken van Lee Towers en Anita Meijer werden wij als horeca-slaven opgedreven door Spaanse Ober-kelners. Type Manuel van Fawlty Towers, maar met het karakter van generaal Franco. De koks deden ook leuk mee, want de loodzware schalen met het hoofdgerecht voor 12 man werden gewoon nog even 10 minuten in de gloeiend hete oven gezet, voordat ze op onze onderarm de zaal ingingen om geserveerd te worden. Nog steeds groeit daar geen lichaamshaar…

Op de 2 kerstdag, na 30 uur werken in twee dagen, stapten we met 500 brandende guldens discotheek Le Bâteau van het Hilton in Rotterdam binnen. In sneltreinvaart werd het geld er door gejast, ook geholpen door de gehaaide barkeepers. “Geef die meisjes ook wat te drinken” betekende dat zo’n linkmichel meteen een fles Moët et Chandon bij de echte Dolly Dots uitschonk. Met nog 50 gulden over tuften we om 5 uur ’s morgens over de A-15 terug naar Wageningen. Onderweg vergaten we bij een plas-stop weleens iemand, die we 30 km verderop pas misten.

De raarste Kerst ooit had ik in Australië. Hartje zomer, 40 graden en een vol Frans restaurant met vrolijke Aussies, die Chateaubriand met Béarnaise saus wegspoelden met Bourbon & Coke. Na twee dagen buffelen ging ik op 3e Kerstdag met mijn roestige oude V6-Ford Falcon naar de tropische Southcoast om daar twee dagen op een verlaten strand te kamperen, te zonnen, te zwemmen en te bbq-en. Het kerstgevoel en Nederland was heel ver weg.

Omdat Kerst altijd in het teken van werken stond en pas op 3e Kerstdag begon, ben ik pas 15 jaar geleden zelf aan Kerstvieren toegekomen. Bij mijn entree in de familie van Beckhoven werd ik ‘uitverkoren’ om het kerstdiner te koken. Door mijn uitsloverige 6-gangen menu zat ik er daarna voor 10 jaar aan vast. Het waren ongekende momenten; familie in plaats van gasten. Marion en ik stelde voor 15 à 16 man het menu samen, de Hanos werd op kosten van mijn schoonouders leeggekocht, ik buffelde in de keuken en Marion decoreerde de tafel. Na afloop kreeg iedereen een kratje met afwas mee, zodat wij de volgende ochtend met piepende banden richting Oostenrijk konden vertrekken voor een weekje skiën met de meiden.

Voor mijn meiden is het een uitkomst dat het kerstdiner bij Pap nu al achter de rug is. Volgende weekend moeten ze in moordend tempo een minutieus plan uitvoeren om bij alle (schoon)ouders op tijd aan te schuiven. Wij gaan in Spanje op adem komen van een paar intense weken, lekker bij en met vrienden happen en nog een dagje of wat skiën in de Pyreneeën. Tijd voor een reset.

img_8071

PS: dank voor alle mooie reacties van vorige week. Het heeft me goed ge-DAAN.

DNA

De bedoeling was dat ik vanmorgen pas om 6 uur thuis zou zijn. Van het afscheidsfeestje van FeestDJ Ruud in de HMH. Samen met petekind Thijs Baas de hele nacht doorfeesten. Maar ik had een ander afscheidsfeestje. Van mijn eigen vader..

De diagnose in september 2015 liet aan duidelijkheid niets te wensen over. Nog een maandje of 8 en dan zat het er wel op. Het zijn toch nog 16 volle, intense maanden geworden. Waarbij er telkens wel een beetje werd ingeleverd, maar er bleef genoeg kwaliteit van leven over om alles eruit te halen. Pas in de laatste week holde alles achteruit, zodanig dat dinsdag gelukkig de verlossing kwam.

Mijn vader is geboren in 1937, voor de 2e wereldoorlog, in een ander tijdperk. Auto’s waren een bezienswaardigheid, telefoons werden nog ingeplugd via een centrale, op de radio werd alleen gepraat en TV’s bestonden nog niet. De maatschappij was erg verzuild; Roomskatholieken versus Protestanten. Daarom had bijna elk dorp twee voetbalverenigingen, twee fanfares, twee toneelclubs en twee zalencentra. Er waren maar een paar politieke partijen: socialisten, katholieken, protestanten, (semi-)liberalen en een paar verdwaalde communisten. Lekker overzichtelijk, zeker vergeleken bij het versplinterde kamerlandschap anno 2016.

Door mijn innige band met mijn grootouders en de vele reünies weet ik best veel over zijn jeugd en het opgroeien van mijn vader. De laatste tijd zijn ook de ontbrekende stukjes geplaatst in de familiepuzzel. Zij waren met negen kinderen en de belangrijkste vraag bij de geboorte van de laatste was: “Is het een Rooie?” Door het positieve antwoord werd de eindstand 5-4 voor de “Rooien”. In de wederopbouwjaren na de 2e wereldoorlog belandde het elftal op de Goffertboerderij. Daar werkten ze eerst als een hecht team, maar langzaamaan zwierven ze uit over de wereld.

Door een toevallige samenloop van omstandigheden ben ik Barcelona geboren. Mijn jonge ouders moesten door mijn ongeplande komst snel trouwen en daarna uitwijken naar het buitenland om pas terug te komen als niemand meer terug ging rekenen….Zij belandden via een omweg bij zus Ria en zwager José in Barcelona. Daar werd ik in 1963 geboren, pal naast Camp Nou. Het begin van een levenslange verbondenheid met stad en club. Bij terugkomst in Nederland werd mijn vader alleenheerser op de Goffert. Samen met mijn moeder, die meer voor de ‘human touch’ zorgde.

Mijn drie zussen en ik hebben allemaal hun eigen interpretatie van onze jeugd. Door hard thuis mee te werken, veel te sporten en altijd buiten te zijn ontliep ik vaak de stevige spanningen. Het zware horeca-leven én Papa’s hardnekkige karaktereigenschappen waren een onlosmakelijk onderdeel van onze gezinssituatie. Tot op de dag van vandaag weet ik niet of mijn vader dat anders had gewild of er misschien spijt van had. Zo was het leven toen; je deed wat je deed en het was zoals het was. Het is makkelijk om daar nu een oordeel over te vellen, maar de context van toen ontbreekt. Ik vind zelf dat ik een heerlijke jeugd heb gehad. Is dat dan dankzij of ondanks een “afwezige” vader?

Het leven maakt rare sprongen. Van de onregelmatige horeca belandde mijn vader in het routineuze horeca-vakonderwijs. Broodtrommeltje mee op de fiets, ‘s avonds zelf koken, weekenden vrij en 12 weken vakantie. Een groter contrast is haast niet mogelijk, maar het paste bij hem als een tastevin bij een sommelier. Zijn natuurlijke drang om dingen gestructureerd en minutieus te organiseren kon hij in zijn baan kwijt en werden in één vloeiende beweging ook in zijn vrije tijd toegepast. Menig bestuurslid van de tennisclub krijgt nu nog spontaan een epileptische aanval bij de gedachte aan een agendapunt van mijn vader. Hij was als een pitbull en liet niet meer los.

Ik heb maar sporadisch een compliment van mijn vader gehad, terwijl ik weet dat hij trots op me was. Grappig dat elke volgende generatie daar steeds een beetje beter in wordt. Je probeert de minder fraaie eigenschappen van je ouders uit te faden en een betere variant aan je kinderen door te geven. Terwijl je roots altijd zichtbaar blijven en door je kinderen onbarmhartig worden uitvergroot. Misschien wat minder scherp en een tikkie moderner. Maar nog steeds keihard in je eigen DNA geprint. Dus verloochen nooit waar je vandaan komt, want dan verloochen je jezelf.

Dag Pap, ik neem het stokje over.

foto-11-1

Snieklaas

Joh Snieklaas, vage kinderbaas
Met je rode jurk en snikkelkaas
Ben zelf weer even uitgeweken
Mooi in Spanje neergestreken

Je weet het man, elk jaar ben je de klos
Ga ik hier helemaal op je los
Zeik ik je met verwijten helemaal onder
Krijg jij de schuld van al het gedonder

Ben net wakker met een houten kop
Gister toch weer teveel GinTonic op
Na die kopbal van Ramos was ik boos
Zo’n fout van Ardan maakt me moedeloos

Ik ben in Spanje met Mamsie en mijn zussen
Die liggen nog allemaal op het kussen
Moet ik g.v.d. mijn kribje uit
Maar ja, ik ben wel een ijdeltuit

Gister met de zussen naar een film gekeken
Met zijn vieren de bank met tranen ondergezeken
Over een vrouw met Alzheimer; Still Alice
Domme keus, voor ons is er al van alles mis

Onze ouders zijn er niet best aan toe
In ons hoofd zijn we alle vier best wel moe
Geef jij nou eens het goede voorbeeld
Geen cadeaus, maar iets tegen dit ziektebeeld

Jouw feestje is toch al besmet
Uit de samenleving komt steeds meer verzet
En iedereen raakt nog verder verhit
Ik ben zo klaar met die bullshit

Iedereen is continu boos op een ander
Op de politiek, de buurman of een buitenlander
Amerika kiest voor een rasechte populist
Een leugenaar, een draaikont en ook een sexist

Het zegt alles over waar we staan
Waar is het in hemelsnaam fout gegaan?
We denken en leven in het hier en nu
En zijn over alles ontevreden, nondeju

Onze kinderen krijgen dit weekend cadeaus
Maar over 40 jaar is onze planeet waardeloos
Leeggezogen, oververhit, 1 grote snelkookpan
Hebben we niks geleerd van de geschiedenis dan?

Ga jij maar lekker naar Madrid met je bootje
2016 was voor mij toch al een zootje
Dus schudden met mijn houten kop
Niet achterom kijken: Gas er weer op

img_1343

Echte mannen

Het was een mannenweek waarin het kaf van het koren werd gescheiden. De mooiboys verbleekten in het felle spotlight van de diehards, de metroman zette de verwarming wat hoger in zijn vinex-woning, terwijl Neanderthalers in de rook van vochtig hout windkracht 8 trotseerden.

Vrijdagochtend reed ik samen met Marion de Oranjekazerne in Schaarsbergen binnen. Mijn neurotische dwang om nooit precies op tijd te komen, brak me dit keer bijna op. 7.40 uur is in het leger 7.40 uur. En niet rond kwart voor 8. Want meteen na aankomst luidde een Schotse doedelfanfare de binnenkomst van 40 militaire bikkels in. Door een haag van veel familie en beroepsmilitairen marcheerden deze mannen met 45 kilo bepakking de laatste kilometers van een 26 km speedmars. Doorweekt, koud, uitgeput, fysiek bijna aan hun eind. Maar mentaal op hun allerhoogste top. Ze kwamen hun Rode Baret van de Luchtmobiele Brigade in ontvangst nemen.

Onder hen was Philippe, de vriend van mijn dochter Anne-Roos. Wij waren als een Modern Family in volle getale aanwezig: ouders, zussen, oma, stiefvader en stiefbroers, schoonouders en schoonzus met vriend, stiefschoonouders, schoonopa en -oma. Je snapt dat het voor de jeugd tegenwoordig best lastig Kerst vieren is, want je komt eigenlijk twee weken te kort om iedereen tevreden te stellen. Na de intocht mochten we in gemene waterkou op een winderige tribune plaatsnemen voor het officiële gedeelte. Voor de verkleumde rekruten misschien wel het zwaarste deel van de 26 weken opleiding, want sommigen bleven ternauwernood overeind staan.

Ik ben niet geschikt voor het leger. Dat zal niemand verbazen. Met mijn chronische afkeer van gezag zou ik beter in Police Academy 4 kunnen meedoen dan blindelings bevelen opvolgen. Er suist bij mij altijd ‘waarom?’ in mijn oren. Ik ben blij dat ik de dienstplicht ben ontlopen. Tijdens de keuring in 1981 heb ik een nep Spaanse brief gepresenteerd, samen met mijn Spaanse geboortebewijs. Ik werd uitgeloot omdat ik toch naar Spanje zou vertrekken. Maar geen haar op mijn hoofd die overwoog om in Spaanse legerdienst te gaan. Dan werd je, in de tijd van al die ETA-aanslagen, naar Baskenland gestuurd. Neef Bart moest wel en kreeg precies 2200 peseta’s per maand, toch een dikke 15€…

Ik ben niet bangerig aangelegd, maar schrik wel enorm snel en niet alleen van clowns. De kans dat ik een plots verschijnend konijntje in het bos met 387 mitrailleurkogels zou doorboren is bijzonder groot. Conflict vermijdend gedrag, een noodzaak in oorlogsgebied, zit ook niet in me. Daarom ben ik blij dat er mannen als Philippe bereid zijn deze gevaarlijke taak op zich te nemen. Die wel voor onze vrijheid én die van anderen willen vechten. Zonder af te vragen ‘waarom?’. En die dus de discipline hebben om hiervoor keihard te trainen. Zoals de generaal tijdens zijn speech aangaf: om fysiek en mentaal hard te zijn. Bestand tegen druk. En altijd op elkaar kunnen vertrouwen. Blindelings.

Dat is een heel ander type man dan die wielrenner, miesbal Thomas Dekker. Hij zat van de week bij DWDD zijn boek ‘Mijn Gevecht’ te promoten. Wat een misselijke matennaaier. Heeft jarenlang gelogen en bedrogen. Zakken fout bloed via transfusie naar binnen gegoten, vol met doping. Ik denk dat zijn hersens door al die rommel zwaar zijn aangetast. Heeft zijwieltjes nodig om nog recht te kunnen fietsen. Je gaat toch niet je oude maten ongevraagd erbij betrekken omdat je zelf zo graag ‘schoon schip’ wil maken? Tuurlijk waren die ploegmaten ook allemaal junkies met bizarre gewoontes. Samen sjorren op de hotelkamer. Maar waarom moet je dat vertellen? Praat over jezelf, schaam je kapot of zeg gewoon eerlijk dat je poen wilt verdienen met een flutboek. Nu niet ineens iets roepen over ‘het belang van de sport’. Als je dat echt had gewild, had je tijdens je fiets carrière je muil open moeten trekken. Nu ben je te laat.

Als ik een wielrenner zou zijn, zou ik nu de naam verklappen van een ’Spaanse’ vriend die ook een gezagsprobleempje heeft en niet zo gek was op militaire dienst. Maar dat doe ik niet, want dan ben ik net zo’n matennaaier als dat wielerjong. Echte mannen doen dat zeker niet. Die lopen met 45 kilo bagage in windkracht 10. Voor ons.

img_1335

112

Te laat. Deze keer express. Geen writer’s block of lusteloze vakantiepassiviteit. Ik ben gewoon teleurgesteld. Eigenlijk boos, maar dat klinkt zo hard. Op jullie, mijn lees-‘vrienden’. Wat hebben jullie mij een les nederigheid bijgebracht.

Al drie jaar val ik jullie lastig met mijn hersenspinsels. Uit de losse pols, geen vast onderwerp. Het enige zekere is +/- 700 woorden en zondagmorgen vroeg. En één keer per jaar een vrije zondag. Jullie schamperen altijd over mijn werkethos, maar ik werk gewoon 51 weken per jaar. Geen baas die me daartoe verplicht, maar mijn verantwoordelijksgevoel naar jullie zorgt voor deze Oostduitse discipline. Ik wilde jullie altijd belonen voor de oprechte trouw. Maar ik heb in een schijnwereld geleefd.

Vorig week had ik mijn jaarlijkse Columnisten-ATV. Kwam eerlijk gezegd op het juiste moment, want mijn hoofd zit vol met treurige kronkels. Marion vroeg of ze me een keer mocht vervangen. Als gastschrijfster. Ik had natuurlijk wel een vaag vermoeden wat ze in haar schild voerde. Als je zo vaak, ongevraagd, geëxposeerd wordt als de lastige eega, ben je dat weleens zat. Wil je weleens jouw kant van de medaille laten zien. En eerlijk is eerlijk, dat is haar goed gelukt. Geen woord gelogen. En Oh oh, wat was het herkenbaar. Wat een medeleven, wat een reacties, wat een steunbetuigingen.

Weet je wat jullie zijn? Farizeëers! Heulers! Draaikonten! Slapjanussen! Olympische ringcoaches. Ik ben nog nooit boven de 100 likes gekomen op mijn website. Ik kan gelukkig niet zien wie er reageert, maar kijk natuurlijk zondagavond altijd even hoe ik heb gescoord. Soort van kijkcijfers. Kan er soms knap chagrijnig van worden, als het tegenvalt. Leg de schuld dan altijd bij mezelf. Sluimerende onzekerheid. Mijn verhaaltje van twee weken geleden over die obese tapirs was een historisch dieptepunt. Slechts 21 fucking likes. Onbegrijpelijk. Briljant verhaal. Goed gedocumenteerd met feiten en cijfers. Slimme bruggetjes tussen alineas. Hogeschool columnisten-werk. Okay, best wel een flutonderwerp. Idee een 4, uitvoering een 9.

Marion had vorige week 112 likes. 112! ALL TIME RECORD. Ik zit 3 jaar de ballen uit mijn broek te schrijven en de eerste de beste gastschrijfster verplettert me. Ik dacht dat jullie mijn vrienden waren geworden. Een beetje van me waren gaan houden. Dat jullie likes en comments gemeend waren. Ik ben nog harder van die rekstok afgeflikkerd dan Epke Zonder Land. Jullie zijn allemaal Maurits Hendriks-en. In de rug aangevallen. Zonder met de ogen te knipperen. Ik moet vol aan de anti-depressiva om deze 3 verloren jaren een plek te kunnen geven. Emmers GT’s om het verleden te begraven. Met terugwerkende kracht alle trots in mijn leven verdampt.

Ik had vandaag een lekker positief verhaal willen schrijven over deze vakantie. Hoe lekker het is om met mijn eigen Saskia Noort, twee dochters en vriendjes te genieten van ons waanzinnig fijne huis in het fantastische Spanje. Met vriendje Gerard de godsganselijke dag bootje varen over een spiegelgladde zee. Kayakken in eindeloze grotten langs de adembenemende Costa Brava. Fantastische lunches met dito topwijnen met vriendje Robert en dochter. De feesten van de wijk Gracia in Barcelona beleven tot diep in de nacht. Vergeet het maar, ik begin er niet over.

Misschien ben ik volgende week over mijn dip heen. Herrezen als een Phoenix uit de as. Glorieuze rentree als briljante columnist. Vol zelfvertrouwen, zonder spatje twijfel. Kijk ook even goed naar de foto. Naar de groeven in mijn gezicht, de wallen onder mijn ogen en de vaalbleke huidskleur. Zo ziet loutering eruit. En ja, Marion staat er niet op. Die heeft haar Moment of Glory al gehad..

image

Best wel vermoeiend

Voor alle vroege volgers van Frank zijn column:
Frank heeft vakantie en dat had hij best nodig. Dus maak ik er deze zondag dankbaar gebruik van om eens een stukje te schrijven. Een klein inkijkje in het dagelijks leven van zijn thuisfront.

Het beeld dat hij van zichzelf schept in zijn columns, is niet altijd representatief. Om eerlijk te zijn, het leven kan soms best vermoeiend zijn naast de ‘persoonlijkheid’ Frank. Het aantal synoniemen voor het woord ‘vermoeiend’ in de Dikke van Daele zegt het eigenlijk al: uitputtend, afmattend, moemakend, slopend, vervelend, hard, drukkend en slopend..

Naast de altijd leuke, goedlachse, gezellige, loyale, vriendelijke, sociale, empathische, hardwerkende, kindvriendelijke, geduldige, gastvrije, begrijpende, adviserende, loyale, op-en neer reizende en gulle Frank, bestaat er ook nog een andere variant..

Want deze ‘ideale schoonzoon’ heeft ook wat verborgen gebreken:
Hij is nooit iets kwijt, knoeit nooit, vergeet nooit wat, rookt nooit ‘stiekem’, sloopt nooit iets, is nooit knorrig, weet het nooit beter, is altijd de rust zelf tijdens voetbalwedstrijden, verliest nooit een mobiel, duldt makkelijk tegenspraak, zorgt altijd goed voor eigen lijf en leden, ontploft nooit, doet nooit bijdehand, is nooit kort door de bocht, is nooit lomp en tenslotte: hij vloekt nooit..

Vloeken.
Het vloeken (zijn ook mooie synoniemen voor: verwensen, fulmineren, razen, briesen, foeteren, tekeergaan, tieren, razen en schimpen), is toch wel een dingetje geweest waar ik erg aan heb moeten wennen. Ik kende Frank al 5 jaar als collega, maar hij maakte in die tijd niet echt indruk op mij. Ik had dus ook geen oog voor zijn (toen al) onhebbelijkheden. Pas na enige tijd samen, besefte ik dat ik een hele beste ‘Mastervloeker’ had gescoord. Met grote regelmaat had Frank last van ’aanvallen’. Inmiddels lachen we hem gewoon uit, halen onze schouders op of denken we ‘krijg de hik met je aanval’. Al heeft hij met de jaren wel een beetje geleerd tot 10 te tellen..

In het verlengde hiervan, iemand wel eens een autoritje gemaakt met Frank? Is heel ontspannend, NOT.. Iedere twee minuten wordt er wel iets in de Duitse hoerensloep geroepen over, voor maar soms ook door een open raam naar medeweggebruikers.
Daar zou je zelf toch ook moe van worden..

Energieverbruik.
Na een ‘goed’ gevulde werkweek van maar liefst 2 – 3 werkdagen blijft er natuurlijk heel veel tijd over om allerlei andere (met name) sociale zaken te ondernemen. Een paar maanden geleden ben ik gestopt om aan al deze sociale activiteiten deel te nemen. Het tempo en de intensiteit is nl. voor iemand met een ‘normale’ werkweek niet (meer) vol te houden. Het heeft even geduurd, maar inmiddels begrijpt ook Frank, dat andermans vrije tijd niet altijd ingevuld hoeft te worden met (door hem bedachte) dingen.
Natuurlijk is bij hem de energie ook wel eens verbruikt na een echte werkdag, het potje ‘leuk’ is dan meestal op bij thuiskomst. Vanaf zo’n moment zit Frank vastgeplakt aan zijn Ipad en telefoon, hangt op de bank en zapt (uiteraard voetbal). Standaard hoor ik op een dergelijk avond vanaf boven heel ‘subtiel’ de chips-la opengaan. Inmiddels weet ik dat die zogenaamde ‘zoutbehoefte”, een mooi excuus is om gedachteloos handen vol met chips naar binnen te stouwen..

Sociaal dier.
De drang om altijd en eeuwig vooral zo veel mogelijk mensen om zich heen te verzamelen is erg dominant. Ons huis in Spanje faciliteert hier goed voor. Hier komen een hele boel mooie eigenschappen van Frank bij elkaar. Met als gevolg: Het liefst 365 dagen per jaar volk over de vloer. ALTIJD en IEDEREEN!
Een paar jaar geleden is deze gastvrijheid in de zomerperiode zo uit de hand gelopen, dat ik een ticket terug naar Duitsland heb geboekt en Frank een fijne week heb toegewenst met al zijn gasten. Wat was het heerlijk en rustig toeven in Duitsland..

Om toch aan onze eigen rust te komen hebben we inmiddels e.e.a. aangepast in onze jaarlijkse planning. Wees niet bezorgd, de gezellige weekenden met bezoekjes van deze of gene gaan gewoon door, maar ik heb wel een stokje voor het begrip ‘ALTIJD’ gestoken! Ieder jaar blokken we een aantal weekenden/weken in onze Rosamar-planning met NIETS en NIEMAND. Lijkt me duidelijk toch. Godzijdank hebben we inmiddels ook een ‘stukje’ in Spanje aangebouwd, onze eigen Royal Suite, heerlijk privé..

Zo kan ik nog wel even doorgaan, helaas mag ik maar 700 woorden gebruiken.
Dus lieve mensen, mocht je toevallig denken, ik heb ook nog wel een treffend voorbeeld, ik daag iedereen uit om het hier te melden. En voor de ‘angsthazen’ onder ons, Frank heeft vandaag een verbod om te reageren.

En ondanks al het bovenstaande ben ik heel dankbaar dat ik – ondanks dat het soms best wel vermoeiend is – een prachtig leven heb, met de allerliefste vent op de wereld!

Marion

image

Down under

Lang, heel lang geleden heb ik bijna 2 jaar in Australie gewoond. Nu deze week mijn favorite uncle Nick en zijn vrouw Joy bij ons in Spanje logeren, komen er weer verborgen herinneringen los. Sweet memory lane.

Eind jaren ’80 was Australia op mijn vakgebied een achterhaalde Engelse kolonie. Terwijl het land over de mooiste groentes, prachtigste fruitsoorten en sappigste steaks beschikte, kookte ze als op een Engelse kostschool. Met mijn hotelo-achtergrond maakte ik razendsnel carriere. Op mijn 2e dag Down Under was ik ambulant kelner en op dag 4 al Restaurant Manager in een 5 sterrren hotel in Canberra. Het kostte weinig moeite om boven het maaiveld uit te komen. Gelukkig draaide ik ook regelmatig dezelfde shift als resident manager Cheryl. Integreren kan ook heel snel gaan..

Na een paar maanden werd ik benaderd om het Franse restaurant Piaf te gaan runnen, waar een talentvolle Zwitserse chef de ballen uit zijn broek stond te koken. We werden maatjes, huurden samen een appartement en waren 12 uur per dag (lunch en diner) bezig om de Aussies te laten genieten van de Europese Gastronomie. Dat viel niet mee, want als we bij de gegrilde krabbepootjes een lauwe waterbowl met een schijfje citroen erbij zetten om je handen schoon te maken, was het bakje meestal leeg als ik aan tafel kwam. Gewoon opgedronken…. Het gebeurde ook regelmatig dat gasten brandwonden opliepen aan tafel. Als je namelijk de slakkentang niet gebruikt om de schelp te klemmen, maar gebruikt om het huisje open te breken, dan springt er weleens een klodder gloeiend hete kruidenboter op je neus. Of wang. Of voorhoofd.

Wat we ook probeerden, Chef Marc raakte met de dag gefrustreerder. Een supermooie Chateaubriand met 5 groentes en 2 verse handgeklopte sausen werd gewoon met een BourbonCoke weggespoeld. De artisjokken met alioli-mousse gingen terug naar de keuken, met als opmerking: ‘We don’t eat fucking plants.’ De heldere paddenstoelenbouillon met een hoedje van bladerdeeg veroorzaken chaos aan tafel, als je er met de lepel boven op slaat…. Marc gooide het bijlte erbij neer, ging terug naar la Suisse en ik trok in bij Uncle Nick en Aunt Joy. Ik ging ook met Nick werken bij zijn cateringbedrijf op het AIS: the Australian Institute of Sports; een soort Papendal factor 10, waar alle Olympic sporters woonden en trainden.

Ik heb met hem de leukste werktijd gehad en veel van hem geleerd. Als er iemand relaxed was en het “no worries mate” volledig naleefde, was het Nick. Basketball-wedstrijden van 10.000 man, rugby voor 50.000 Aussies, optredens van Stevie Wonder, Eurythmics, Cliff Richard, Icehouse etc. etc. We hebben het allemaal gecaterd! Ook diners voor 2000 man kwamen regelmatig voor. Nick stond dan achter de schermen al het keukenpersoneel aan te sturen, terwijl ik op een trapje met een fluitje midden in de zaal de bediening stond te dirigeren. Ik kan nu nog zonder problemen een Boeing laten landen midden in een restaurant.

Maar wie het kleine niet eert, is het grote niet weerd. We trokken al snel de conclusie dat de 8 megagrote ijsblokjes machines van Coca Cola in het binnenstadion 6 vd 7 dagen ongebruikt bleven. En dus bouwden we op een electrische kar een vernuftige constructie. Zodat we in 45 minuten alle machines leeg konden scheppen en 120 zakken ijs van 2 kilo in onze gekoelde aanhanger hadden liggen. Die we daarna in een uurtje bij verschillende tankstations verkochten à $0,80 per stuk. Op weg naar het avondeten van Joy verdeelden we de poet. Een leuke bijverdienste van $300 p.p.p.w. Ik weet niet zeker of we de Australische Blauwe Enveloppen Brigade goed hebben geinformeerd…..

Met de 2 puberzoons Michael en Philip van Nick en Joy heb ik een paar mooie trips gemaakt. Naar een verre achteroom in Queensland, op een landgoed half zo groot als de provincie Utrecht. Vanaf het eerste hek tot aan het huis nog een half uur kangaroos en emus ontwijken. Meteen een lekker schaap mogen uitkiezen welke ter plekke werd ‘kaltgestellt’, waarna we in 1 week het hele beest hebben opgepeuzeld, tot en met de onderpoten toe. ’s Nachts op jacht geweest met professionele kangaroohunters, omdat kangaroos daar echt een plaag zijn. Maar na deze Killing Fields ervaring konden mijn jachtambities de prullebak in. Ik kan en wil niet schieten op iets wat beweegt. Behalve met mijn mond.

Het Down Under-cirkeltje komt deze week mooi rond. De generatie van mijn vader en Nick is langzaam aan het wegvallen. Elk bezoek heeft dan een diepere lading. Nick heeft mij geleerd dat ondernemen niet ten koste van anderen hoeft te gaan. En dat je wel lol moet hebben in wat je doet. En Joy zorgde er altijd voor dat mannen zoals Nick in de rug gedekt zijn. Komt mij bekend voor haha!

image

image

Blanco

Talloze malen is Marion deze week gevraagd of het wel haalbaar was. Ik denk serieus dat er weddenschappen op afgesloten zijn. En eerlijk is eerlijk, ik had er zelf ook niet veel vertrouwen in; mijn hagelnieuwe broek wit houden op de bruiloft van neef Bart.

Zo vaak hebben wij geen bruiloften meer. Ook de 2e ronde is bij veel stellen al beklonken met een intiem feestje in kleine kring. Dat laatste is logsich, want het dunt meestal aardig uit, zo’n scheiding. Daarom waren we zo blij dat neef Bart met zijn Isabel ging trouwen. Een romantische, Andalusische bruiloft met als dresscode wit. Daar is mijn familie wel voor te porren, dus met een man of 20 geven we acte de presence, om de Hollandse roots te vertegenwoordigen tussen 130 locals. Een super de luxe tapas-menu, waanzinnig elegante mensen, heerlijke muziek en als afsluiting uit ons dak in een loungeclub op het strand.. De laatste GinTonics zijn nog onderweg van de slokdarm naar de maag…

Vorig week, tijdens mijn healingweekend in Duitsland, ben ik naar Olaf’s Only for Men gereden om de garderobe compleet te krijgen. Hij was goed geinstrueerd door Marion, die tandenknarsend moest accepteren dat de aankopen zonder haar scherpe selectie-oog gingen plaatsvinden. 25 minuten later stond ik alweer buiten met een garderobe die perfect geschikt is voor deze Spaanse Boda. Ook geschikt als Richard Bucket van Keeping Up Appearances…. Maar het is alsof je Bokito een witte smoking aantrekt, 5 kilo bananen en 3 kratten kiwis geeft en dan eist: niet knoeien! As ik sta te koken, komen er al vlekken op mijn mooiste blouse als ik alleen al naar de truffelolie kijk. Springen tomaten spontaan uit hun vel om mijn broek te besprenkelen. Zitten er meteen schilfers oesters in mijn haar als ik er een paar openkraak.

Ik heb hier een paar weken geleden al eens de loftrompet opgestoken over Andalusia, haar levenslust en passie. Dat alles kwam samen op de bruiloft van Bart en Isabel. Op een rots, hoog boven de stranden, hebben ze elkaar het ja-woord gegeven. De ceremonie, de speeches, de emoties, alles klopte. Later in de middag zijn we afgedaald naar een loungeclub, waar een mix van traditionele Zuid-Spaanse muziek en moderne hits werden gedraaid. Iedereen, jong en oud, op de dansvloer. Heerlijk gedanst en volgens mij deze keer in mijn gebruikelijke lompheid niemand een blauw luik of dikke lip geslagen.

Iedereen was ervan overtuigd dat de eerste vlek er voor de ceremonie al op zou komen. Maar het is 13 uur goed gegaan! Nieuw PR. Ben wel drie keer zeiknat geworden. Door met kleren en al in zee te duiken. Net zoals bijna iedereen, inclusief het bruidspaar en Marion. Moet je in NL eens mee aankomen, met 4 mannen de bruid vastpakken, trappen aftillen en met trouwjurk en al in zee kieperen. Onder luid gejucih van alle gasten. Isabel bleef even lekker dobberen en ging daarna in volle vaart en drijfnat terug naar de dansvoer voor een rondje autenthiek flamengo-dansen. Daar word ik echt heel vrolijk van. VIVIR!

Terwijl Marion nog diep in coma ligt, kijk ik uit over het lelijke gedeelte van Torremolinos. Zelfs de zwaluwen, scherend tussen de betonnen woonkolossen, zien er uit als vleermuizen. We hebben via airBNB een grappig en perfect appartement gehuurd, voor een schappelijke prijs. Als je dat afzet tegen Hostal LaPalmera waar Marloes met neef Jibbe vertoeft, besef je dat de wereld razendsnel verandert. Geen WiFi daar, nauwelijks warm water en een aftandse kamer met Duits jaren ’70 meubilair.
Zelfde prijs als de airBNB, 20% van de ruimte en het comfort. Dan kun je wel zeuren over oneerlijke concurrentie, net zoals bij Ubertaxi. Maar dan word je net als de uitgestorven Dodo: te lui om je vleugels door te blijven ontwikkelen en dan bij de eerste beste verandering meteen opgevreten.

Ik zie nu pas dat mijn rechter ringteen (hebben ze daar een naam voor?) vervaarlijk paars-zwart is en behoorlijk gezwollen. Straks tijdens de lunch eens even rondvragen of iemand weet waarom. Zou ik toch ergens een slachtoffer gemaakt hebben?

Ps. GinTonic vlekt niet haha!

image

Mamsie weekend

We hadden het vorig jaar afgesproken en ongelooflijk, het is nog gelukt ook. Ik ben weer lekker een weekend alleen met mijn moeder op stap.

Afgepeigerd ging ik weer eens op pad en kan alleen mijzelf de schuld geven. Donderdagmorgen om 2 uur bracht ik Marion met haar moeder naar Schiphol voor hun eigen Mamsie-10 daagse in Griekenland. Zelf vloog ik 3 uur later naar Luton met vriendje Roy. Om in de buurt van Oxford een wederom legendarische uitvinding proberen te slijten bij een jolly good English Firm. Ook nog tijd gemaakt voor een sightseeing door historisch Oxford. Het hele stadje ademt eruditie en historie uit. Het moet een euforisch gevoel geven om daar te mogen studeren. Op hetzelfde moment sijpelden er appjes binnen van dolgelukkige Nederlandse geslaagden. Toeval bestaat niet.

De terugvlucht vanaf het chaotische en stinkende Luton Airport was natuurlijk vertraagd en het ritje naar die Heimat werd door het noodweer een aqua-planing challenge. Na het 2e nachtje van 3 uur slaap was het op Weeze Flugplatz een ochtend-drukte van jewelste. Snel Mamsie afzetten en de auto goedkoop parkeren op Verweggistan pakte verkeerd uit. Ik kon met geen mogelijkheid mijn telefoon in de auto vinden. Hollend naar de vertrekhal in de hoop dat mijn moeder het ding alvast had meegenomen. Om daarna, door de stromende regen, terug naar de sloep te ‘sprinten’ om nog eens te zoeken. De klok tikte weg, de vlucht stond op het punt om te vertrekken. Uiteindelijk zonder telefoon, rijbewijs, Creditcards en bankpasjes ( in zo’n handig telefoonhoesje….) door de douane gesjeest.

Natuurlijk zat ik weer naast Helmuth en Andrea, die handjeknuffelend alvast genoten van een weekje Calella de los Alemanes. Mijn moeder was, vermoed ik, blij dat ze op rij 28F zat, ver weg van mijn 6c. Ze was stomverbaasd dat ik niet vloekend en tierend was geëxplodeerd om het telefoon-incidentje. Ze hield er, uit een rijke ervaring puttend, rekening mee dat dat alsnog ging gebeuren… Ik was er gewoon te moe voor. Half mailend en slapend de vlucht doorgebracht. En dan gebeurt vanaf de landing in Girona al jaren hetzelfde. Ik ben thuis. Alles valt van me af. Lopend de auto ophalen omdat mijn Spanse mobiel leeg is? Niet erg. Spaanse bankpas die het niet doet? Who cares. Ibrahim die vergeten is het zwembad en tuin bij te houden? Jammer.

Gister en vandaag spelen wij toeristje in Catalunya. Een magisch bezoek gebracht aan Montserrat, de indrukwekkende abdij met de zwarte Madonna. Ik heb haar even mogen aanraken en om raad gevraagd. Ze fluisterde dat het tempo wel wat om laag mocht…. Dat had ik zelf ook wel kunnen verzinnen. Ik heb haar ook gesmeekt wat extra compassie te schenken aan al mijn dierbaren die de laatste tijd met hun gezondheid tobben. Fluisterend heeft ze me dat toegezegd. Dan komt het goed, want mijn moeder heeft ruim 53 jaar geleden op Montserrat aan haar gevraagd om een gezonde zoon. Waarvan akte.

Het maakt niet uit hoeveel jaloersmakende fotos door Marion worden geappt vanaf een idylisch Karpatos. Wij toeren relaxed door prachtig glooiende landschappen, met uitgestrekte graanvelden en eindeloze wijngebieden. De TomTom uit 2006 herkent geen enkele weg, dus heeft mijn moeder een oude, achterhaalde landkaart op schoot. Net als vroeger, toen mijn vader nog een badstoffen blauwe vakantiepet droeg en de auto bestuurde met zeemleren halve handschoenen. We praten honderuit en rakelen alle reisanecdotes op. Over gammele vouwcaravans en Zweedse muggenaanvallen. Over stinkende plees, vlak naast onze tent aan het Balaton-meer in Hongarije. Boze Spanjaarden halen ons toeterend in, maar wij hebben geen haast en slurpen alle ansichtkaartbeelden in ons op. Life is good.

Vannacht hebben wij in Tortosa in de prachtige Middeleeuwse parador gegeten en geslapen. En nu, gezellig naast mijn moeder in bed, tik ik dit verslagje. Hoe mooi is dat? Alle vermoeidheid is als sneeuw voor de zon verdwenen. Nu maar hopen dat ik geen recidive-gedrag ga vertonen. Of zou ik echt een Catalaanse ezel zijn?

image