Havanna aan de Waal

Het zit erop, Nijmegen komt weer tot rust. 1,5 miljoen mensen hebben de Zomerfeesten bezocht. Zeven dagen lang was Havanna aan de Waal het toneel van een mooi volksfeest.

Het is als Nijmegenaar een must om een dagje of wat mee te maken. Ik heb er dit weekend zelfs Spanje voor opgeofferd. Dat gebeurt eigenlijk nooit. Er is geen verjaardag, bruiloft of ander feest waar we Spaanse weekenden voor laten schieten. En nu langzaamaan de kinderweekenden ook geen noodzaak meer zijn om thuis te blijven, is Ryanair de lachende derde. Jammer dat ze geen Frequent Flyer programma hebben, want dan zou ik de helft van de vluchten nog goedkoper krijgen dan het gemiddelde retourtje van € 65,= wat we nu kwijt zijn.

Nadat ik donderdag nog heelhuids en bijtijds was thuis gekomen, meldde ik me vrijdag rond 14.00 uur op de Via Gladiola bij wat vrienden voor een biertje en een blik op de binnenstromende wandelaars. Opvallend weinig gestrompel dit jaar, dankzij het prima wandelweer. Het zal best een kick geven om zo onthaald te worden. 30 minutes of fame en daarna weer terug naar Ter Apel. Ik ga het nooit meemaken, want krijg al knikkende knieën als ik aan dat colonne-lopen denk.

Een paar uur later ben ik met mijn jongste zussie Piet begonnen aan onze eigen mars. Normaliter blijven wij vrijdagavond weg uit de stad, omdat het er dan veel te druk is. Maar we hadden er zin an, waren goed in vorm en niet kapot te krijgen. Het blijft behelpen, bier in plastic glazen, maar na een stuk of 10 begin het te wennen. Die barrière had ik gelukkig om 18.00 uur al geslecht. Het eten bij restaurant Plaats 1 was een taai pauzemomentje, want na bijna 2 uur kwam pas het hoofdgerecht. De mooie witte en rode wijn(en) nam de irritatie gelukkig weg.

Daarna hebben wij ons bij dochter Marloes en haar vriendinnen gemeld in de Molenstraat, pal voor het podium. Meteen 30 jaar van onze leeftijd afgehaald om net zo hard mee te kunnen feesten. Ging best lekker eigenlijk. Door mijn ongecontroleerde dansmoves vloog er hier en daar wel wat bier door de lucht, maar mijn omvang voorkomt dan escalatie. Terugduwen heeft ook geen zin, want ik sta met drank op steviger in mijn schoenen dan de fundering van de Eiffeltoren. Barbapapa on tour.

Via het Koningsplein (propvol), het Faberplein(allemaal oude 50+-ers..), Het Hertogplein (Bennie was net weg) kwamen we bij Matrixx at the Park. Heerlijke vette muziek van bekende DJ’s, waar je trommelvliezen van gaan fluiten. Om ons heen superjonge kids, die ruim aan de pilletjes zaten. Ik zag overal oogpupillen ter grootte van verbrande hamburgers. Gelukkig hadden ze allemaal mijn dansmoves. Langzaam raakte mijn balkje vol en na een korte tussenstop op de Waalkade en een zompig Frietje Mayo koersten wij op de flat van mijn zussie aan. Ik had ergens besloten dat het logeerbed daar reëler was dan mijn Duitse kribje… Na 12 zware uren ging het licht letterlijk en figuurlijk uit. De laatste BaCo kostte echt moeite…

Na een kort nachtje liep ik vanmorgen vroeg door een verlaten en spiegelgladde stad. Ik zag de laatste nachtbrakers voorover gebogen staan. Hier en daar ook het typerende Ryanair-rolkoffergeluid van vertrekkende lopers. De geur van de stad drong ongewild en ongewenst mijn neus binnen. De weeïge zweem van schraal bier, de zwavelgeur van urine, de barf-plakkaten van teruggesprongen broodjes Shoarma. En overal afval. Bergen afval, die in snel tempo werden weggewerkt door de helden van de DAR, de Nijmeegse afvalverzamelaar.

De geuzennaam Havanna aan de Waal heeft Nijmegen te danken aan zijn links politieke karakter. Dat vindt zijn oorsprong in het studentenleven van de jaren 60, gevolgd door de krakersbeweging, Radio Rataplan en veel activistische groeperingen . Het grootste aantal Syrische vluchtelingen is in Nijmegen opgevangen. Niet iedereen is er blij mee, want zakelijk MKB krijgt door het linkse stadbestuur moeilijk dingen voor elkaar. Elk voordeel heeft zijn nadeel. Maar het is een stad om trots op te zijn.

Mijn lever heeft gister plots besloten een week dienst te weigeren. Ook typisch Nijmeegs.. Volgend weekend in Spanje maar eens proberen of het weer mag. Cava is vast gezonder dan plastic bier.

-1,5

Ik kan er zelf niet meer omheen. Marion ondertussen ook niet. Haar vingertoppen raken elkaar ternauwernood op mijn rug, als ze mij na 10 dagen celibaat stevig vastpakt op het vliegstripje van Girona. Met de mentaliteit van een wervel loze kwal heb ik er weer 10 kilo aangeplakt. In 3 jaar tijd..

Natuurlijk was ik 3 jaar geleden vastberaden om onder die magische grens te blijven. Alle 3 mijn meiden waren trots op me, want heel veel fiducie hadden ze er niet in. Ik heb nogal vaak terugvalverschijnselen. Recidive-gedrag. Een zak chips van 200 gram als een hongerige piranha in 3m15sec naar binnen jakkeren. Een reep nep-chocolade van € 0,89 bij de Lidl zonder af te breken tegen de huig klappen. Ik word ondertussen weer vrolijk begroet bij de bekende tankstations aan de A-2, A-12 en A-15. Hij is er weer, de crisis is achter de rug. De saucijzenbroodjes worden weer huizenhoog opgestapeld.

Had ik het kunnen voorkomen? Is mijn ruggengraat dan echt zo poreus? Voelde ik me niet beter toen ik zoveel lichter was? Gaf het geen voldoening om 7 km op de hardloopband te ‘rennen’ in 35 minuten? Eerlijk antwoord? NEE. Godallemachtig, wat miste ik die guilty pleasures. Wat werd ik chagrijnig van die granen- en zadenmeuk in die gore 0,0001 % vet yoghurt van dr. Oetlul. Wie heeft er ooit bedacht dat selderij een eetbare, vochtafdrijvende groente is i.p.v. de taaie onkruid-broer van de brandnetel? Hoe kun je nou Chateaubriand knagen zonder Béarnaise-saus. Of oesters slurpen zonder Chablis? Bier drinken zonder gezouten pinda’s?

Ik ben opgegroeid in de Horeca. Ik holde altijd uit school via het drankenbuffet naar de privé-trap, om een gebakje te bietsen. Bakte op 11-jarige leeftijd mijn eigen friet, om 5 uur ’s nachts in een pikdonkere keuken. Maakte dan eerst een 4-kleuren ijsje met aardbeiensaus omdat het frituurvet nog niet warm was. Nam hele schalen met overgebleven bittergarnituur mee naar mijn slaapkamer als ik proefwerkweek had. Troost eten, met de paplepel ingegoten. Nutteloos voedsel, zonder nadenken wegmalen. Terwijl het avondeten voor ons gezin van 6 in één RVS-schaaltje paste, zo weinig…

Ik vertoon de laatste jaren trouwens weer hetzelfde puberale gedrag als toen. Dan spuit ik de snoep- en zoutlade van de servieskast in met Silicone Spray, zodat hij minder kraakt. Ik til dan de zak chips eruit, zoals een grijpautomaat op de kermis. En maak hem om de hoek van de eetkamer open, om herkenbaar geluid te voorkomen. Maar ik ben niet heel goed in stiekem, want als ik de volgende ochtend nog in bed lig, trapt Marion de nog openstaande lade hard dicht. Val ik weer door de mand. En van gêne ook maar uit bed. Ook eet ik hele stapels toastjes van LU (bij voorkeur die rode met zongedroogde tomaatjes en zeezout) op. Pakje voor pakje. Toen ik laatst op de ingrediëntenlijst keek, kwam ik erachter dat ik beter Paprika Chips van Croky had kunnen vermorzelen. Heeft bijna nog minder calorieën..

Ik kan steeds beter dagen zonder alcohol, soms zelfs een maand. Het roken is ondertussen ook teruggebracht tot een paar stomme weken per jaar. Ik ben trouw aan vrouw, kinderen en vrienden. Waarom mag ik dan niet gewoon eten wat ik wil? Wanneer ik het wil? Zoveel als ik wil? Waarom word ik dan gestraft met het uiterlijk van een aangespoelde walrus? Krijg ik een cupmaat waar menig vrouw jaloers op is? Staan de meeste T-shirts irritant ‘open’ onder de navel? Is een pelikaan jaloers op de opvangcapaciteit onder mijn kin? Waarom, in godsnaam waarom? Is er een oplossing? Is er al een wonderpil, die eetbeheersing onnodig maakt? Graag tips naar beckhoven@live.nl

Leuk als jullie nu allemaal een glimlach op jullie slanke smoel hebben. Maar ik koop er niks voor. Ben vorige week van ellende weer naar diëtiste Marloes geweest. Opvolgster van Pleun. Er had duidelijk een overdrachtsgesprekje plaatsgevonden. Al mijn valkuilen kwamen op tafel (zonder lekkere hapjes). Eerlijk gezegd ben ik er nog niet helemaal klaar voor, maar wanneer wel? Als ik mijn veters niet meer kan strikken? Laten we maar klein beginnen. 1,5 kilo in de eerste maand. Nog best een uitdaging. Je merkt het, aan de motivatie ligt het niet….

Cocodrilo Violeta

Het is geen straf om weer een paar dagen in Spanje te zijn. We zouden vandaag in de buurt van Macchu Picchu zijn, maar die trip van een maand door Peru en Bolivia reizen, hebben we een jaar uitgesteld. We hadden eerst een andere reis af te ronden, zoals jullie vorige week wellicht gelezen hebben.

April is ook de laatste maand dat Medelanders hun belastingpapieren moeten inleveren. Voor mij persoonlijk elk jaar weer een hoogtepunt, want het blijft mijn favoriete sport om dat zo ingewikkeld mogelijk te maken om het maximale eruit te halen. Dat is een overblijvertje uit mijn faillissement van 20 jaar geleden, toen de Blauwe Brigade zo hard heeft tegengewerkt dat ze uiteindelijk met lege handen achterbleven. Ik trouwens ook, vandaar dit jaarlijkse kat-en muisspel.

Ook dit jaar was het invullen weer een feest. Omdat ik in Duitsland woon, kan ik niet in de normale aangifte-systematiek meehobbelen en moet dus speciale formulieren invullen. Dit jaar voor het eerst ook digitaal beschikbaar, een hele vooruitgang! Maar omdat Marion officieel in Nederland woont en dus niet op hetzelfde adres staat ingeschreven, gaat het koppelen van de twee aangiftes net zo traag als een aflevering van Boer Zoekt Vrouw.

Ik ga altijd op zoek naar de software fouten, want iedereen weet dat Overheid en ICT geen gelukkige combi is. Bij de politie is het al jaren een puinhoop, maar ook de nerds van “Mooier kunnen we het niet maken, wel Makkelijker” doen leuk mee. Ik kijk altijd eerst wat me het beste uitkomt door wat proefschermpjes in te vullen. Bij Marion’s aangifte kon ik wel invullen dat ik al 95 jaar met haar getrouwd ben, maar scheiden kon pas vanaf haar 16e. Dat ik als schuilnaam Friemelaar (zonder voorletters) had ingetypt, was wel okay.

Maar niets overtreft de Spaanse bureaucratie. En dan vooral het Ministerie van Verkeer, waar Tránsit onder valt. Een soort van RDW (Rijks Dienst Wegverkeer), maar lomp en groot omdat ze alles onder hun lamme vleugels hebben: rijbewijzen, autopapieren, APK en ….(je raadt het al) verkeersboetes. Daar botsen we tegen een ondoordringbare muur. En met mij vriendjes Gerard en Jan die ook met Spaanse kentekens rondtoeren.

Als je in Spanje geflitst wordt, krijg je een bon van bv.€100 thuisgestuurd. Als je dan per ommegaande betaald, hoef je de helft maar over te maken. Zo blij zijn ze in Spanje als dat gebeurt. Als je dat niet doet, proberen ze nog drie aanmaningen sturen naar je huisadres. Daarna geven ze het uit handen aan de Spaanse Fiscale Opsporingsdienst, een relikwie uit Franco-tijden. Want die weten je, net als vroeger, altijd te vinden..

Dat is ze gelukt, want in korte tijd heb ik onder dwang drie van dit soort verkeersbonnen moet aftikken. Per stuk opgelopen tot €360,=. Het equivalent van 40 keer met Marion dagmenuutje peuzelen bij San Segura in Sant Feliu. Marion is voor de zekerheid meegegaan toen ik verhaal ging halen bij de boete-Gestapo, bang dat ik weer foute jeugdzondes zou begaan. Omdat zij wel snapt dat iemand met paarsblauwe luiken niet meewerkt.

Al snel was duidelijk dat deze drie bonnen van najaar 2015 waren en er nog meer onderweg zijn. Carmen, de baliedame, printte een pakket van 22 pagina’s uit, dat wij kunnen gebruiken om restitutie aan te vragen. Want Carmen zag meteen waar het fout was gegaan: het adres waarop Marion’s Spaanse auto is geregistreerd, bestaat niet en is incompleet. Een Spaanse RDW-medewerker heeft het gewoon, na een zware lunch en dito siësta, verkeerd in zijn PC-scherm getypt.

Nu is het dus zaak om dat bij Tránsit om aan te passen en geld terug te vragen. Volgens Carmen gaat dat minimaal een jaar duren. Alleen al het maken van een afspraak is een hels karwei. Dat kan alleen digitaal, 14 dagen vooruit, alleen ’s morgens, in Girona, enz. enz. Ik krijg daar een knagend Paarse Krokodil-gevoel bij, maar dan de Spaanse variant: Cocodrilo Violeta.

Ik heb ook een appeltje te schillen met de boerenlul van het dorpspostkantoor. Die weet verdomd goed dat wij postbus 772 hebben, ook al staat het niet op de aangetekende brief met verkeerd adres. Er wonen nl. niet veel Maria van Beckhoven’s in Macanet… Misschien ga ik vandaag even bij de burgemeester langs. Dat werkt hier vaak beter.

Retteketet

Voorjaar. Je hoort ’s morgens hier en daar al een vogeltje fluiten. Beetje stroef nog, maar de vrouwtjes kunnen vast wennen. It git aôn. Ook Marion krijgt dan voorjaarkriebels.

Na een hectisch weekje op de Apenrots (a.i.) en 1500 km kris kras door Nederland, was ik gaar én kwetsbaar. Als een gedwee schaap liet ik mij gistermorgen ontvoeren naar een beddenwinkel. Nu de Rosamar Royal Suite ook voorzien is van een hernia-proof, traagverende en lichaamsvormende matras blijkt ineens unser Deutsches Bettgestell veel te hard voor 50+ krakende wervels. We gingen dus op zoek naar een zachte opleg-dekmatras. Of zoiets.

De keurige dame die ons opving was waarschijnlijk net ervoor bij kapsalon Betty Biuty Hair uit Elst weekend-fähig gemaakt. Alle lokken zat strak gesprayd tegen de schedel en zouden daar nog wel een week kleven. Iets te serviel legde ze een paar demo-lapjes op een bed om door ons te laten testen. Ik liet Marion voorgaan, omdat het mijn natuurlijke neiging is om hardop te winden als ik op bed ga liggen. Leek me nogal ongepast in zo’n lege TL-balk toonzaal. De keuze was gelukkig best snel en unaniem gemaakt. Omdat ze mijn vraag om 50€ korting niet zelf mocht beslissen, liep ze naar de filiaalhouder die iets verderop twee Betuwse tokkies hielp.

Terwijl ik gebiologeerd naar deze struisvogel keek, fluisterde Marion dat hij leek op Mr. Humphries van de oude TV-serie Are You Being Served? Het klopte als een bus, het was hem! Hij huppelde op zijn teentjes als een balletdanser naar de PC. Hij hield zijn arm in een hoek van 90 graden recht voor zich uit, terwijl zijn linkerpols slap naar beneden hing. Zijn donkerblauwe terlenka broek zat hoog opgetrokken tegen zijn navel. Maar het meest fascinerende was zijn gezicht. Ik ging wat dichter in zijn comfortzone staan om de details te bespioneren. Schijnbaar had Betty Biuty ook een knippende nicht, want er lag geen zwart geverfd haartje scheef op zijn kruin. Zijn onnatuurlijk hoog opgetrokken minuscule wenkbrauwen waren jaren geleden stevig gelift, maar er waren geen littekens meer te zien. Hij keek je aan alsof hij ter plekke een rectaal onderzoek onderging.

Er was nog iets wat ik niet thuis kon brengen, maar ineens zag ik het. Mr. Humphries had de meest perfecte bakkebaarden ooit bij een levend wezen aangetroffen. Van een onsterfelijke schoonheid, inktzwart en metrisch perfect. Ze hadden de vorm van een Indonesische dolk en de uiteinden waren scherper dan de puntjes van Dali’s snor. Ik schat dat deze nachtrustkoning 2 uur per dag besteedt aan zijn neukteugels. Ik wilde ze haast ongemerkt aanraken om te kijken of ze echt waren, toen hij mij plots aankeek en om geduld vroeg. Schijnbaar zat de knop €50,= korting niet standaard op zijn PC. 10 minuten later was het toch retteket, exit Beter Bed.

Marion had de smaak en moed te pakken en loodste me naar de lokale Intratuin. De eerste nawinterse zaterdag boven de 11 graden worden daar de rekken gevuld met totaal overbodige prullaria: 3 krokusjes in een tinnen mandje met dor mos voor € 12,99, een gifgroene plastic tuinschep voor € 4,99 (kostprijs € 0,034)of een stronk tuinafvalhout voor € 3,99. Ik liep snel naar de kleine huisdieren-afdeling om ontroerd naar de cavia’s en marmotten te kijken. Ooit heb ik Bert, mijn cavia met Donald Trump look, vermoord door in blinde paniek de deur dicht te gooien voor de aanstormende Rottweiler Borak. De voorkant van Bert eindigde aan een andere kant van de deur dan de achterkant… Hij was 15 cm langer geworden en zijn iele smalle tongetje hing uit zijn mondje…..

Van een afstandje zagen de hokken er gezellig gevuld uit, maar het was wel heel stil. Er zaten namelijk alleen stenen beeldjes in. Het zag er koddig en knullig uit. De Intratuin verkoopt geen kleinvee meer en verwijst naar het dierenasiel. Goede zaak natuurlijk, maar zo kan ik mijn jeugdtrauma natuurlijk niet verwerken. Twee treurige grasparkieten en een futloos setje miniduifjes zaten als laatsten droevig te wachten op een laatste kans. Voor hen was het twee voor twaalf.

Met een brok in mijn keel en een kokosdeurmat van € 9,99 in mijn hand stapte ik iets later in de auto. Maar de lente komt eraan en ook ik voel kriebels. Nog geen idee welke, maar daar kom ik aankomende week wel achter.

Nr. 115

Soms is de kale waarheid bizarder dan de meest onwerkelijke fantasie. Dan overkomt je iets wat je in de verste verte niet had kunnen verzinnen of zien aankomen. Dus vandaag deze disclaimer: Het volgende verhaal is niet gebaseerd op fictie. Elke gelijkenis met werkelijke personen is niet louter toeval.

De Apenrots brengt mij weer op onverwachte zakelijke adressen. Afgelopen woensdag bezocht ik het Bronovo-ziekenhuis in Den Haag. Het had voor mij een beetje mystieke grandeur, omdat Bronovo het favoriete ziekenhuis is van de Oranjes. Trix komt er vaak, alle prinsesjes van Lex en Max zijn daar geboren. Toch leek het eerder op een regionaal ziekenhuis zoals in Boxmeer of Emmen. Het was rommelig, niet af en best klein. Ongetwijfeld is het medisch wel een hoogvlieger.

Na afloop zou ik Tessa, ex-kamergenote van Anne-Roos, ophalen op de chique Bezuidenhoutseweg. Daar loopt ze stage bij een lobby-kantoor en zo konden wij op de weg naar Utrecht vast bijpraten en het plannetje uitwerken om te stoppen met de studentenflat in Utrecht. Iedereen waait uit in het voorjaar en dus gaan we de sleutel inleveren. Logisch toch?

Ik arriveerde iets voor het afgesproken tijdstip en parkeerde mijn opzichtige Duitse hoerensloep strategisch net voorbij nr. 115, het nummer dat Tessa had doorgegeven. Na een minuutje of 10 besloot ik even te melden dat ik er al was. Ik had geen haast, maar het leek me logisch. Onder het huisnummer hing een bescheiden naambordje met een vage Duitse naam, die mij niets zei en ook niet paste bij het grote statige herenhuis. De deur ging open en een aardige 60-plusser, type minister Ronald Plasterk, deed open. Een warm deken daalde op mij neer door zijn extreem vriendelijke welkom. Hij vond het fijn dat ik was gekomen.. Ik gaf aan dat ik Tessa kwam ophalen, maar ‘Zachte Ronald’ nam mij zachtjes bij de arm mee naar de immense kamer en suite. Ik twijfelde even, maar liep gedwee mee naar een groot houten bureau.

Daar vroeg ‘Rachel’, een lief pratende Indische mevrouw van mid dertig, of ik de presentielijst wilde tekenen. Ik keek haar verbaasd aan en herhaalde dat ik alleen Tessa kwam ophalen. Ze legde omslachtig uit dat het puur voor het ontruimings-protocol diende. Licht geïrriteerd zette ik alleen mijn voornaam en tijd (18.00 uur) op papier en liet de kolommen achternaam, telefoonnummer en e-mail blanco. ‘Zachte Ronald’ stond ineens weer naast me en leidde me naar een plots klaargezette extra stoel. Ik keek perplex om me heen en zag toen pas een keurige kring van 12 mensen in dezelfde ruimte zitten. Op Gispen-stoeltjes staarden ze, een tikkie bedeesd, mij aan. Toen was ik er klaar mee!

Ik zei luidkeels dat Tessa maar naar de auto moest komen, omdat ik daar wel ging wachtten. ‘Zachte Ronald’ probeerde zachtjes mijn bovenarm vast te pakken en ‘Lieve Rachel’ fluisterde dat Tessa zo wel zou komen. Ik rukte me los, trok de deur open en liep met forse pas en bozig naar de auto. Terwijl ik Tessa appte, kwam ze net van de andere kant aanlopen. Ik vroeg haar waarom ze niet op 115 was, maar we kwamen tot de conclusie dat ze het verkeerde nummer doorgegeven had, want ze werkte op 101. In de auto vertelde ik haar, ondertussen gekalmeerd en weer vrolijk, wat me was overkomen. Proestend van het lachen beschreef ik de personages op de Gispen-stoeltjes. Allemaal nette, kakkineuze mannen en vrouwen, tussen de 40 en 60. Ze zaten er duidelijk niet op hun gemak.

Tessa googelde de naam en het adres en ging bijna dood van het lachen. “Truberdorffer”, op nummer 115, was een chique particuliere verslavingskliniek. En ik was vlak vóór hun eerste meeting aan komen waaien. En had natuurlijk zwaar ontkennend gedrag (‘Tessa ophalen’) vertoond. In mijn Apenrots-kostuum was ik hét voorbeeld van een coke-snuivende zakenman, die de druk niet meer aankan. Geheid dat ik als voorbeeld ben gebruikt van de noodzaak én de ernst om je verslaving onder ogen te zien. ‘Want we willen toch niet als Frank eindigen..’? Hebben jullie die wallen gezien..’?

Hoe ironisch, zo vlak voor het einde van mijn Dry January. Voor de eerste keer in 40 jaar een maand geen drank. En dan precies bij “Truberdorffer” op 115 aanbellen. Ik krijg er dorst van….

XXL

Hèhè, het zit er weer op. Heb er altijd een hekel aan. Maar met een beetje mazzel ben ik er weer voor een maandje of 12 van af. Ik ken weinig mannen die er lol aan beleven.

Ik heb het niet over de inauguratie van Agent Orange Donnie Trump. Ben wel een beetje bang geworden. Dat opgeheven wijsvingertje met die zijwaarts weggeklapte pink. Gevalletje extreme narcist, die geen tegenspraak duldt. Dat wordt nog wat. Ik word ook niet warm van die strakgetrokken golddigger met Oostblok-look naast hem. Had ze met die heksennagels die rode stropdas niet wat korter kunnen strikken? Of druppelt hij een beetje na, zodat die das mooi voor zijn natte kruis hangt?

Gisteren is het Marion weer gelukt om mij mee te krijgen om kleren te kopen. Meestal kan ik het een paar maanden vooruit schuiven, maar dan zijn alle smoezen op. Dan wordt het tijd om Olaf te appen, om te kijken in welke winkel hij staat. Want ik heb geen zin om aan een snotblaag van 22 uit te moeten leggen dat broekmaat 52 altijd halverwege mijn turbodijen klem komt te zitten. En dat een neongele slimfit-blouse met trendy bruine stippeltjes geinig is voor André Hazes jr., maar bij mijn buik open gaat staan als de patrijspoort van een cruiseschip.

Marion weet dat ze binnen een uur toe moet slaan om al ‘haar’ kledingwensen te vervullen. Ik krijg snel wat aangereikt om te passen. In het piepkleine pashokje maak ik altijd ruzie met de kapstokjes. De helft van mijn pasvoorraad valt er telkens van af en bij het over mijn hoofd aantrekken van een overhemd (scheelt knoopjes losmaken) blijf ik standaard met een mouw in zo’n haakje hangen. Klotsend van het zweet is irritatielevel 1 bereikt. Ondertussen heeft ‘de kledingcommissie’ koortsachtig overleg gevoerd wat prioriteit heeft en haalbaar is. Ik ben de afgelopen 20 jaar Olaf één keer uit het oog verloren en heb toen een tijdje zielloos rondgelopen in saaie kantoorpakken. Ik rij nog liever naar Leipzig als hij daar staat, dan strak van de stress een vreemde mannenwinkel binnenstappen. Brrrr, angstzweet…

Ik snap niet wat er leuk is aan shoppen. Het is gewoon stom. Je gaat toch niet voor je lol in je ondergoed in bedompte, muffe, verticale doodskisten staan? Om vestje6, hemdje13 of legging21 te passen? Dagen achter elkaar? Ga dan breien of punniken. Zamel kleding in voor vluchtelingen uit de US. Maak soep voor Gülen-aanhangers. Koop een enkeltje voor die maffe Gambiaanse president. Als ik maar niet al die winkels in hoef. Laat mij thuis. Of desnoods aan het eind van de rit met die tassen lopen. De sporadische keer dat ik wel mee hobbel met Marion, voelt ze feilloos aan wanneer het geduld op is. Dan houd ik in een volle winkel het kitscherigste naveltruitje omhoog met luidkeels de woorden: “En deze dan?” Ik hoef steeds minder vaak mee…

Na precies 68 minuten was ik gister klaar en goed geslaagd. Zelfs voor mijn tijdelijke terugkeer op de Apenrots weer een pak erbij gekocht. De beloning voor Marion is dat ze thuis in mijn kledingkast oude kledingstukken mag vervangen voor de nieuwe aanwinsten. En dat is maar goed ook, want ik kan moeilijk afscheid nemen. Ik zal een oude trui pas weggooien als er een chloorvlek bijkomt aan de voorkant. Of als de kraag van een oud overhemd begint te rafelen. Een poloshirt met 10 mottengaten kan nog prima dienen als 3e reserve grasmaai-hemd. Een oude spijkerbroek kan nog voor motorrijden gebruikt worden. Wel jammer dat ik in 2001 mijn motor heb verkocht, maar je weet maar nooit.

Ik kan gelukkig altijd in de uitverkoop slagen, want mijn maat blijft meestal wel over. Ik was even een X-je kwijt, maar die heb ik er de afgelopen twee jaar met verve weer aan gegeten. Pleun is al een tijdje uit beeld, want ik sta al drie weken droog en heb zelfs geen sigaar meer aangeraakt. Wel spannend of ik over twee weken de bindingen van mijn skischoenen zelf nog dicht kan krijgen. Maar misschien is de après-ski wel zo gezellig dat ik ze ’s avonds helemaal niet uit hoeft te doen. Einde drooglegging.

Moviemutsen

Even de aandacht afleiden van de bloedstollende finale van de Amerikaanse verkiezingen. Geen debat rondom Zwarte Piet, want jullie weten toch al waar ik sta in deze verharde discussie. Ik zoom vandaag in op het treurige bevolking groepje Duffe Duiven met kort pittig kapsel.

In de wintermaanden pakken Marion en ik tijdens de ‘Duitse’ weekenden regelmatig op zondag een filmpje. Ergens rond de klok van 14.00 uur zijn we dan in filmhuis Lux om een film met inhoud te gaan bekijken. Geen James Bond of Pirates of the Carribean, maar het aangrijpende Still Alice of het ontroerende Amour. Afgelopen zondag was Tonio aan de beurt, na het gelijknamige boek van A.F.Th. van der Heijden over zijn in 2010 verongelukte zoon. Ik weet al bij voorbaat dat ik met dikke keel en dito ogen de zaal uit zal lopen, maar dat past bij zo’n emo-zondag.

Het nadeel van zo’n movie-middag is dat oudere mutsen uit hun woonkooitjes tevoorschijn komen, die ik meestal alleen bij de Albert Heijn ontwaar. Daar kwam ik nooit, maar sinds kort doe ik daar met mijn vader een wekelijks rondje. En dat is geen sinecure voor een ongeduldige vijftiger. Met rolstoel voor en karretje achter probeer ik dan slalommend zeurderige voorkruipsters te ontwijken. Soms lijkt het wel een computergame. Dan richt ik het scan-apparaat als een pistool op hinderlijke treuzelaars en ruim deze bonus-Bertha’s denkbeeldig uit de weg. Ik blaas dan even in de loop en hang het wapen terug in de holster van het karretje. Na een half uur is mijn kookpunt bereikt. Ik duw alles wat beweegt dwars door de poortjes van de zelfscan-kassa naar buiten en adem eerst heel diep in, ternauwernood hyperventilatie ontlopend. Mission completed, enemy killed.

Aan de bar van Lux drong een pluizendame van rond de 60 opzichtig voor. Grauw, halflang haar lag verdwaald op een Perzisch tapijt, dat als sjaal fungeerde. Haar kleurenspectrum met veel aubergine en legergroen was aan de herfst aangepast. Ze kwam €0,15 tekort om de kaneelthee en niet gefilterde appelsap af te rekenen en zei, zonder blikken of blozen, dat dat later wel kwam. De hipster achter de bar was dit blijkbaar gewend van zijn clientèle, want ik werd meteen erna geholpen. Met onze drankjes in de hand gingen we ruim op tijd op de gereserveerde stoelen zitten.

Al snel stroomde de zaal vol met opvallend veel dames rond de 60 met een kort pittig kapsel. Ze waren zo te zien allemaal op zaterdag bij kapper Ronnie KortCoupe geweest. Hardop pratend gingen ze op zoek naar een mooi plekje. Ik miste de clou van drie trailers door hun geklooi. Ze struikelden over jassen, konden stoelnummers niet vinden, liepen drankjes omver en vertoonden bovenal gênant egocentrisch gedrag. Jeanet en Colette gingen samen naar de film en hadden schijt aan iedereen. En maar klagen over de jeugd, asielzoekers, asociaal gedrag….

De ergste muftuffen moesten wel 4 keer verkassen, omdat ze vertikten op hun eigen stoel te gaan zitten. En elke keer weer dezelfde kreet: ”je kunt het toch gewoon proberen?” Marion legde zalvend haar hand op mijn gebalde onderarm, want het antwoord brandde op mijn lippen: ”je kunt ook gewoon proberen thuis te blijven en niemand lastig te vallen!” Wat een debiele dozen! Toen de film begon zaten ze recht onder het grote scherm te mokken, tot hilariteit van iedereen. Ergens merkte een andere burgertrut bij de titelpagina op: “nu gaat het beginnen!”

Tijdens de climax van de film ging de mobiele telefoon van Cactus 13 af. Het duurde bijna een minuut voordat ze de Blackberry uit haar tas had gevist, omzichtig alle prullaria en vrouwelijk gereedschap ontwijkend. Ongegeneerd gingen ze minuten lang zitten appen, waarbij de felheid van haar display een landingslamp van een Boeing 747 nabootste. In de weerkaatsing van het scherm zag ik alle vooroordelen samenkomen: piekerig rood-paars haar, zure snuit, truttensjaaltje met een stewardessenstrik erin, halve prijs-bril van Pearl. Gelukkig fluisterde Marion dat de film mooi was en ze had helemaal gelijk. Prachtige verfilming met intens voelbare emoties. Een briljante Pierre Bokma en een indrukwekkende Rifka Lodeizen.

En nu kijk ik dus regelmatig naar de Facebook-site Lekker Pittig Kort Kapsel. Omdat ik er dan in ieder geval nog om kan lachen. Tot ik weer in de AH kom….

anti-kort-kapsel

Tijdpijn

Was het nou een uur terug of vooruit? En heb ik dan meer of toch minder geslapen? En weet iemand waarom we dit twee keer per jaar doen? Wat is het nut ervan? Poepen de koeien beter? Of is wintertijd bedoeld als verplichte winterslaap?

Okay, ik geef het toe, ik ben gewoon te laat. Tenminste, als jij vanaf 7 uur zit te wachten op een onsamenhangend setje woorden. Ik had gisteren een feessie, want vriendje Frank werd 50. Nog een jong pikkie eigenlijk en één van de laatste vrienden die toetreedt tot de woest aantrekkelijke 50+ club. Blij dat ik eindelijk zijn kids en familie weer eens heb gezien. Sommige vriendschappen lopen al 30 jaar en ontspinnen als een rode draad om een gezamenlijke tijdslijn. Gelukkig reed Marion terug, want na 12 bier draaide mijn tong plots 180 graden in mijn mond en kwamen er alleen nog bralklanken uit.

Dat komt omdat ik moe ben. Van het werken. Ja, die zag je niet aankomen, he? Ik had grote tijdsdruk om een nieuw project op te leveren en na weken van door buffelen is de deadline gehaald. En nou maar hopen dat het goed genoeg is, want dan ga ik samen met de familie van Roekel leuke cateringdingen doen in Arnhem. Ook al ben ik een echte Nimwegenaar, het kost me geen moeite om in Ernem geld te verdienen. Jammer is dan alleen dat ik telkens langs de muziekvissenkom moet rijden. Ach ja, verschil moet er zijn; daar treedt bakvissenidool Justin Pieper op en in het Goffertpark bands als Pink Floyd, U2 en de Rolling Stones. Enough said.

Het is alweer 10 jaar geleden dat ik vrijwillig van de apenrots ben afgestapt. En de voornaamste reden was tijdsgebrek. Altijd te weinig tijd voor de echt belangrijke dingen. Als ik ’s morgens om 6 uur de straat uitreed en een vuilniswagen blokkeerde de weg, wist ik al dat het een moeizame dag zou worden. Die 5 minuten konden mijn dag versjteren en mijn tijdschema verkloten. De godganselijke dag van hot naar her en pas om 19.30 uur het knisperende geluid van mijn oprit- grind weer onder de leasewielen. En dan was meestal mijn tekst op en Marion zat tegenover een kauwende mummie. Stapels parkeerboetes op tafel om continu “vuilniswagen”-tijd in te halen. Toen Marion en ik samen drie maanden sabbatical in Spanje hadden doorgebracht, was ik eruit. Werken was bedoeld om (goed) te leven en niet andersom.

Spanje helpt daarbij. Waar wij in Nederland geïrriteerd op ons horloge kijken als iemand een kwartier te laat binnenkomt (“we zijn maar vast begonnen..”), komt een Spanjaard uit beleefdheid altijd iets te laat. Zo spreken ze dat ook af: “Vengo sobre las 6! (Ik kom rond 6 uur). De nuance is klein maar essentieel; Het woord sobre betekent bijvoorbeeld ook ‘over’. Hij zal dus niet komen vóór of precies om 6 uur, maar erover heen. Kan ook half 7 worden. Deze tijdsinterpretatie zou ons leven in Nederland een stuk relaxter maken. Ik kom zakelijk meestal wel op tijd, want dat wordt verwacht. Het gevolg is dat iedereen reserve tijd inbouwt om maar op tijd te kunnen komen. Dat is dus echt verloren tijd, die je ook kunt besteden aan een powernap langs de snelweg of wat minder gehaast je vorige afspraak afraffelen.

Vandaar de titel tijdpijn. Het is geen bestaand woord, maar dekt voor mij de lading. Ik kan slecht tegen korte termijn stress. Mensen die met mij werken, weten dat en voelen het aankomen. Rondvliegende toetsenborden, zwevende mobiele telefoons, stuiterende muizen. Ik heb bewondering voor mensen die continu tien ballen in de lucht moeten houden. Ik krijg er pijn van in mijn kop. Tijdpijn. Want er is niets zo kostbaar als tijd. In ons drukke leven zijn er zelden momenten om even niets te doen. We kunnen het ook niet, want het voelt meteen als lanterfanten. Een schuldgevoel omdat je tijd verkwanselt.

Ik heb tegenwoordig wel tijd om even bij te lullen. Te vragen hoe het met je is. Tijd om naar mijn dochters te rijden om een beetje te helpen met de studie. En zeker de laatste tijd aandacht voor mijn ouders. Nu het nog kan. Want verloren tijd kun je nooit meer inhalen.

omgangsvormen-maandagmorgen-excuus

Hobbyclowns

Ineens waren ze overal. Binnen 24 uur veroverden horrorclowns wereldwijd het nieuws. Als een soort Zika-virus (ook van die rare maskertjes, vooral bij baby’s..) waaide het viraal over alle continenten. De wereld hield zijn adem in, burgeroorlogen werden stilgelegd, Donnie Trump hield zijn handen thuis, want: een paar hersenloze debielen verkleden zich als Bassie en zwaaien met een Bart Smit-bijl…

Het blijft een relaxed gevoel om je oprecht te kunnen verbazen. Een soort jeugdige onbevangenheid. Het heerlijke getintel tussen je benen als je razendsnel langs het gymtouw naar beneden zoefde, op je 11e. Hoe kan het toch dat we van een paar clowns in een angstpsychose raken? Burgemeesters zetten noodverordeningen in, buurtwachten lopen patrouille en zelfs een knokploeg staat paraat in Putten. We maken ons eventjes druk om wat treitervloggers en gefrustreerde studenten. Dan slaan we 800 doden in Haïti en 600 verdronken kinderen tussen Libië en Italië snel over, omdat er een nóg grotere dreiging op ons afkomt. Clowns.

Ergens in Australië of de VS kijkt iemand nog naar Poltergeist of oude Chucky films. Verveelt zich, heeft geen vrienden of hobby’s, sociaal onaangepast, gepest in zijn jeugd, bullebak van een vader, licht sadistische moeder, woont in een caravan, verlaten door zijn enige vriendin ooit, eelt op zijn vuist. Hij googelt wat, koopt een clownspak op E-bay, smeert een beetje schmink op zijn smoel en gaat met een plastic kettingzaag de straat op. Om mensen het apelazarus te laten schrikken. Wat een fucking looser ben je dan. Als je dat bij mij doet, ga ik helemaal op tilt. Stop ik pas met rammen als je neus in je bilspleet zit. Dat is mijn Pavlov-reactie. Niemand die het thuis nog probeert. Ik kan zo ongelooflijk schrikken, dat ik out of control ben. En als je schrikt, neemt je primitieve brein het over van je normale denken. Mooi, want dan ben ik dus ontoerekeningsvatbaar als ik iemand vermorzel. Krijg ik TBS en kan ik lekker bij Leen in Jonker Boys ZAT. 1 gaan voetballen.

Ik snap de lol niet om anderen te laten schrikken. Ik zie soms ook megafoute You Tube-filmpjes van jongens in een djabbalah die ineens een rugzak tussen argeloze mensen bij een bushalte gooien en tegelijkertijd “Allahu Akbar!” schreeuwen en wegrennen. Stenigen zou dan een prima straf zijn. Wat zegt het over je karakter als je er zelf lol aan beleeft om een ander extreem te laten schrikken? Ben je onbetrouwbaar? Sadistisch? Heb je een minderwaardigheidscomplex? Ik heb me suf gezocht, maar kan nergens een goede psychologische uitleg vinden. Het maakt ook niet uit als je het bij mij doet. Je hoeft daarna namelijk nergens meer heen. In je rolstoel. Sturend met je kin.

Terug naar de horrorclown. Clown Milko Steyvers van circus Renz vindt dat het beroep wordt aangetast door de horrorclown. Ik heb zijn foto onder deze kolom geplaatst. Wie is er hier nou de horrorclown? Lijkt wel op Kwalbert die Gordon verwijt een valse nicht te zijn. “Elf, elf, elf; wat je zegt dat ben je zelf”. Milko beweert dat hij juist liefde en humor komt brengen en geen griezelclown is. Kijk nog één keer naar zijn foto. I rest my case…

Het mag duidelijk zijn, ik heb een teringhekel aan clowns. ALLE clowns. Deze horror-hype is snel voorbij en dan komt die pedo van MacDonalds weer uit de fastfood-schuur. Engerd. Je laat je kind toch niet op de schoot van zo’n creep zitten! Evenmin bij die andere trouwens, die met die maffe rode jurk, puntmuts en gouden speer met krul. Ik ken geen leuke clowns. Ooit, in mijn zalencentrum de Laak-tijd kwamen Bassie en Adriaan voor veel knaken optreden. Wat een geldgeile chagrijnige horken. Ik keek in mijn jeugd ook niet naar Pipo de Clown. Intens saaie lul, zonder humor. Jankverhaal met Mammaloe en ik geloof ook een dochter. Ik was gelukkig al snel aan Catweazle toe. En de Sjef van Oekel-show. Waldolala, legendarische TV. “Evert van der Pik, zit niet met je achternaam te spelen!” Dat was pas stoer om te roepen op het schoolplein van de St. Antoniusschool, in de 5e klas!

Of je nou horror- of hobbyclown bent, blijf maar uit mijn buurt. Beter voor ons allebei. Bewaar je verkleedpartij maar voor Carnaval. Dan heeft de alcohol mijn schrikfobieën plat gelegd. Kus ik je nepneus. Als die niet in je bilspleet zit.

clown2

Uitsterven

Het was een mazzeltje. De hele week op zoek naar iets leuks en luchtigs. Als tegenhanger voor een zware week. En gister, in de zaterdag-editie van de Gelderlander, lachte de foto mij toe: Pooh is bevallen van een kerngezonde zoon. Moeder en ZZN (Zoon Zonder Naam) maken het goed.

Voordat je twijfelt aan je actuele showbizz kennis en gaat googelen; we hebben het hier over Maleise tapirs. In diergaarde Blijdorp. Daar zaten ze al 18 jaar te wachten op nageslacht. Niet raar dat het zolang duurde, met een moeder die Pooh heet. In veel talen komt het dan toch uit het verkeerde gaatje. Als er al wat uitkomt, want tapirs zijn einzelgängers. Geen behoefte aan sociale contacten, laat staan aan seksuele avontuurtjes. Pap en Mam zoeken elkaar alleen tijdens de voortplantings-ceremonie op. Net zoals reuzenpanda’s. En daarom is het volkomen terecht dat ze met uitsterven worden bedreigd.

Sinds het ontstaan van de wereld is je genen doorgeven altijd survival-voorwaarde nr. 1 geweest. Zelfs een tijgermug, klein gluiperig onderkruipsel, zoekt het bloed op waar de meeste voedingstoffen voor de eitjes in zitten. De mens heeft aan de functionele sexuele daad nog een beetje lol toegevoegd. Moeten we blij mee zijn, want behalve bij primaten wordt er alleen dwangmatig gewipt. Maar tapirs zijn een evolutionaire schande. Één keer per jaar op een stuk oerwoud van +/- 15 km². op zoek naar een vrouwtje. In slakkentempo, want hollen kunnen deze fatso’s niet echt. Niks gevonden? Volgend jaar weer proberen. Wel gevonden? WOP: Wippen Ontbijten Pleite! Het vrouwtje loopt daarna 400 dagen zwanger te zijn. En dan poept Pooh er een foeilelijk kind uit. Die niet eens op Papa of Mama lijkt. Gewoon Mindfuck in de natuur. En ja, dan word je met uitsterven bedreigt. Dûh!!

Ook de Dodo, vast onderwerp in de biologieles op de lagere school, is daarom uitgestorven. Deze plofkip avant la lettre was zo lui geworden dat hij niet eens meer kon vliegen. Waggelde een beetje op een tropisch eiland rond. Ik denk dat de laatste Dodo’s een BMI van ver boven de 35 hadden. Aan het spit druipte er eerst 3 liter buikvet uit, voordat het vlees gaar begon te worden. Ik denk niet dat we iets gemist hebben de afgelopen 200 jaar. Doei doei Dodo.

Ik weet dat het tegen het zere been is van dierenliefhebbers, maar er zijn nog wel een paar beesten die van mij mogen afvallen. Mollen bijvoorbeeld. Hufters zijn het. Slopen je gazon voor een paar wormen. Ga g.v.d. lekker in een weiland wroeten, blinde kip! Ook kwallen mogen allemaal dood. Stelletje ruggengraatloze etters. Beetje sneaky ronddrijven om dan te zuignappen op een argeloos been. Nog eentje dan. Duiven! Smerige schijtlijsters, ze poepen alles onder. Je krijgt de verschrikkelijkste ziektes van duiven, vraag maar aan dr. House. En dat eeuwige monotone “roekoe”. Ga een vrolijk deuntje fluiten of houd je snavel.

Terug naar de obese tapir. 300 kilo halen ze makkelijk. Ze lijken een beetje op afgezaagde giraffen. Maar als je de foto goed bekijkt, zie je gewoon dat het een ontzettend dom varken is. Een IQ van 18 of 19, meer zal het niet zijn. Kleine debiele kraaloogjes. Oren in de vorm van een zo’n zeepbakje, aan de muur naast de wastafel. En dan die scheve snuit, alsof ze de rest van de slurf eraf gesneden hebben. Maar het ergste is nog zijn jas. Van voren zwart en het achterste gedeelte spierwit. Waarom die foeilelijke schakering? Het lijkt me niet echt een schutkleur. Trouwens, wie wil dit nepvarken überhaupt opeten? Wie is zijn natuurlijke vijand? Ik denk toch echt zijn eigen libido. De tapir voegt helemaal niets toe aan deze wereld. Vreet alleen malse, sappige blaadjes en twijgjes. Ja, daar hebben we nog een paar honderd soorten van. Die er wel grappig uitzien. Een sabelantiloop of een Afrikaanse olifant bijvoorbeeld.

Stel, we splitsen de mens uit naar allemaal verschillende soorten, vanzelfsprekend zonder kleur als kenmerk te gebruiken. Gewoon op karaktereigenschappen ingedeeld. Dan krijg je er al best veel; de Vrolijke, de Optimistische, de Positieve, de Aardige, ga zo maar door. Allemaal goede rassen. Maar welke rassen zouden jullie dan vanaf willen? Laten uitsterven? Definitief laten verdwijnen uit onze wereld? Ik ben nieuwsgierig!

image