¡Adios y muchas gracias!

Het was een soort cliffhanger, de laatste zin van mijn column vorige week. Stoppen op je hoogtepunt? Welk hoogtepunt dan? Sommige volgers zullen al de conclusie hebben getrokken: Frank trekt de stekker uit zijn wekelijkse gewouwel.

En om maar meteen antwoord te geven: klopt! Dit wordt voorlopig de laatste wekelijkse Vroeg Op Zondag. Na zes jaar en bijna 300 columns ga ik er minimaal zes maanden mee stoppen, met een grote kans dat ik ook daarna niet wekelijks terugkom. Het voelt een beetje als het afscheid van Edwin Evers bij radio 538; je zit er al een tijdje tegen aan te hikken, hebt er toch vaak lol in, maar er ontstaat ook een sluimerende onrust. Bij mij was het niet anders.

Meestal schreef ik op zaterdagavond de hoofdmoot van mijn verhaal, die op zondagochtend werd gefinetuned en upgeload op www.vroegopzondag.nl. Daarna de link koppelen aan Facebook en lekker met de dag beginnen. Pas later op de dag keek ik naar de reacties en deelde ik gul likes uit bij elke comment. Iedereen blij.

Het was meestal een leuke zoektocht naar onderwerpen en vaak lagen die voor het oprapen. Zoals deze week. De klimmers-file op weg naar de top van Mount Everest, het kleutergeleuter in het debat tussen Rutte en Baudet, de non-emigratie van Volkert van der Graaf of de arrogante machtspelletjes van Trump. En dan heb ik het nog niet over het ego van Kwalbert van der Linden.

Maar steeds vaker zat ik zaterdag wanhopig te peinzen waarover ik in godsnaam ging schrijven. Weer over Gordon? Over mijn clubje? Over bejaard Witte Mannen Gedrag? Catalaanse toestanden? Onbegrijpelijk vrouwelijk gedrag? Mijn zakelijke blunders? Het was geen echt writer’s block, maar het kostte meer en meer moeite. Dat lijkt me niet de bedoeling van een hobby.

Maar het ergste is nog dat ik zelf bij het nalezen sommige stukjes gewoon ronduit slecht vond. Ik weet dat het niet elke week raak en lollig kan zijn, want zelfs mijn voorbeeld Youp schrijft niet elke week weergaloos. Maar de kwantiteit (wekelijks een stukkie) ging vaker ten koste van de kwaliteit (humor, raak, scherp). Misschien raken mannen boven de 55 wel verstrikt in hun eigen zelfspot en gaan knorrigheid en zeurderigheid de boventoon voeren.

Ik ben een paar keer benaderd om mijn columns voor een breder publiek in de media te schrijven. Ik kreeg hyperventilatie bij het idee dat de deadline dan alles overheerst en ik vond/vind ook dat ik er niet goed genoeg voor schrijf. Het leuk vinden om zondags even tegen jullie aan te zeiken is echt wat anders dan wekelijks op de achterpagina van de Metro te pronken.

En al die mislukte zakelijke uitstapjes buiten mijn vakgebied betekenen ook: schoenmaker blijf bij je leest. Verkoop broodjes en salades, nog een kopje koffie erbij, maar blijf weg bij de Vegas Towels, Nailhoovers, Milkshakemachines etc. etc. En dus ook geen carrière als schrijver of betaald columnist. Kansloos.

En dus ga ik ermee stoppen. De aankomende tijd plaats ik nog wekelijks een oude column van de afgelopen jaren, die ik zelf leuk vond. Kunnen jullie langzaam afkicken. Mischien laat ik me soms onverwachts nog verleiden om Patty Brard als presentatrice van het Eurovisiesongfestival 2020 in Almelo af te zeiken. En natuurlijk blijf ik de reisverhalen posten, omdat ik ze gebruik om alle reisindrukken van me af te schrijven. Alle columns kun je trouwens terug vinden op mijn website.

Maar voor nu is het klaar. Dank voor jullie morele support, geestige opmerkingen en vaak terechte kritiek. Zondags weer wakker worden zonder verplichting. Ben benieuwd wat Marion ervan gaat vinden…

Ding-a dong!

Hé hé. Eindelijk. Tjonge jonge. Wat een opluchting. En wat een explosie van opgekropte frustraties. We hebben die FUCKING OOSTBLOKKERS eindelijk terug gepakt met hun naai-stemgedrag. Alle ballen op Duncan!

Elk jaar wijd ik wel een column aan het Euronies-stomfestival. Meestal omdat de Nederlandse inzending ons de risée van Europa maakt en ons diplomatiek naar het niveau Noord-Korea brengt.  Dan komen we aankakken met Sieneke (die Nimweegse tokkie), drie relnichtende Tobbers in glitterpakken, wauwelende Waylon of de 3JS, drie Volendamse droeftoeters. Soms zetten we een Pythosaurus in een vogelverschrikkerspak op het podium en noemde haar dan Treintje (of Trijntje). Sjezus, wat stonden we vaak voor lul. En toch dachten we telkens serieus een kans te maken..

Dat laatste is een typisch Nederlandse ziekte: ZELFOVERSCHATTING. We zijn kampioen voordat er gespeeld is. Of vinden onszelf zo goed dat het niet anders dan winnend kan worden afgesloten. Vaak nemen we in een soort arrogantie-modus lui de laatste hordes, om dan op de streep nog ingehaald te worden door een dood gewaande tegenstander. Die wél de mentaliteit heeft tot het uiterste te gaan én desnoods een hartinfarct krijgt om te winnen. Die met het mes tussen de tanden het licht in je ogen dooft. Fuck, toch weer verslagen.

Daarom worden we zelden kampioen. Voorbeelden zat: 3 WK-finales, maar nooit gewonnen. Ajax vorige week eigenlijk ook. Joop Zoetemelk. Tom DuMoulin in de Tour de France. Max Verstappen tot nu toe. Amsterdam als Olympische stad. Soms zijn we dan teleurgesteld, maar best vaak vinden we als tweede eindigen ook prima. Best goed eigenlijk toch? Het is de Hollandse ziekte, want er is niets erger dan tweede worden. Ik ben in sales-trajecten liever 8e dan 2e. Je hebt in beide gevallen niks, maar als 8e kun je nog besluiten om alles voortaan helemaal anders te gaan doen of de conclusie te trekken dat je nooit gelukkig was geworden bij die klant. Als 2e blijf je malen: waar heb ik die paar punten gemist?

En waarom heeft Dun Kan het wel gered? Dat is simpel: bescheidenheid en geen arrogantie. Hij wilde absoluut winnen en had de kwaliteiten, maar stak pas zijn handen in de lucht toen de Swedish Wous Maffia als een verbijsterde zombie in de camera keek. De meeste Nederlanders hadden in shock naar de voting gekeken. We hadden toch al de vakjury gewonnen? De bookmakers wezen ons toch duidelijk als winnaar aan? De rest was toch bagger? Arcade was toch het mooiste nummer ooit?

Kortom, we waren alweer kampioen voordat de laatste stemmetjes waren geteld. Maar deze keer hadden we Dun Kan. Klaargestoomd door Ilse de Lange uit Almelóóó (het licht staat op rood, het licht springt op groen: in Almelóóó is altijd wat te doen). Ik krijg altijd jeukende huidschilfers in mijn boxershort als ik haar zie of hoor, maar ik geef het toe: het heeft schijnbaar Dun Kan geholpen. Misschien is een carrière achter de schermen voor Ilse een goede oplossing, dan hoef ik geen talkpoeder meer te gebruiken.

Onder de bezielende leiding van quizmaster Gerard hebben wij gekeken naar het spektakel. Professionele puntenlijstjes invullend en vakkundig commentaar gevend. In onze eigen scores kwamen Nld., Zweden, Noord-Macedonië en Zwitserland vaak in de top 5. Italië, Australië, Denemarken en IJsland restte slechts vileine hoon. Maar het is wel een generatie-dingetje, want ons jongste jurylid Anne-Roos had voor die landen juist wel een hoge klassering verwacht en lachte hard om ons zurig gezeur over zoveel gepruts.

Dun Kan maakt ons trots en laat ons zien dat je op kwaliteit en zonder arrogantie ver kan komen. Dat zal niet altijd lukken, want volgend jaar sturen we Li’l Kleine om een soort Italië-act te doen en dan worden we in de voorrondes verslagen door een zingende Litouwse Reus verpakt in een condoom, een schreeuwende Albanese dwerg met glazen benen of een loensende kolibri uit Rusland die Vladimir heet. Het duurt minstens 45 jaar voordat we het songfestival weer  winnen.

Maar dan hebben mijn meiden allang het wereldwijde franchise concept Duncan Donuts verkocht  dat ik gisteren ben begonnen. Want je moet wel snel toeslaan als je 1e bent geworden. Meteen cashen. En zo snel mogelijk stoppen. Op je hoogtepunt. Ga ik ook doen. Daarover volgende week meer…

 

Kofferitis

Even geen sport of actualiteit deze week. Na het debacle van Brakkelona dinsdag (volkomen terecht uitgeschakeld door een beter Liverpool) niet eens meer de moeite genomen om naar Ajax te kijken. En de verschrikkelijke aso’s die in een geel hesje onbeschoft het torentje binnenliepen, hebben zichzelf vakkundig buitenspel gezet. Niemand die ze nog maar een beetje serieus neemt. Droeftoeters.

Vandaag ga ik afdalen naar een klein, duister hoekje van het menselijk brein. Daar waar kortsluiting ontstaat tussen logica en bizarre gedachtenkronkels. Waar het menselijk handelen tekenen vertoont van neurotisch, voorgeprogrammeerd gedrag. Waar je je voor schaamt, als het jezelf betreft. En om het ijs te breken, geef ik alvast een persoonlijk voorbeeldje: ik ruik aan mijn sokken, voordat ik ze in de wasmand doe. Om te ruiken of het een zware dag was. Ik had ook gewoon in de spiegel naar mijn wallen kunnen kijken. En toch ruik ik aan mijn sokken…

Gister, op Eindhoven Airport, was het een drukte van belang. De nieuwe systematiek, waar je zelf de koffers moet inchecken aan een onbemande balie, zorgt bij veel mensen voor een oksel klotsend stressmomentje. De instructies zijn niet duidelijk, de rij achter je mort dat het lang duurt en dan gaat ook om de haverklap het systeem in storing. Er liepen talloze service-meisjes van rond de 25 en gezien hun uiterlijk waren ze allemaal dochters van de zaad donerende dokter Karbaat: hetzelfde truttige knotje, dezelfde treurige vleeskleurige panty’s onder de dodelijk saaie blauwe knierok en een verveelde, bijna hautaine blik in de ogen. De storingen werden niet verholpen. En service verlenen door mensen te helpen met inchecken stond schijnbaar niet op pagina 125 van de manual.

Als je dan een pondje teveel in je koffer hebt, krijg je een bonnetje en mag je 30 meter verderop tandenknarsend in de volgende rij gaan staan om de boete te betalen. Ook daar zaten vijf Karbaat-dames, maar slechts twee balies waren open. Wel stond er op een knullig bordje dat er trainingen plaatsvonden om in de toekomst nóg betere service (pagina 266 van de  manual) te kunnen verlenen. Met ingehouden woede sloten we aan bij de volgende rij om door de douane te komen om daarna te rennen naar de gate. Daar stond gelukkig geen rij meer en we ploften net op tijd in de vliegbus naar Girona.

Ik weet dat het inpakken van een koffer voor veel vrouwen een extreem stressvolle gebeurtenis is. Hoeveel truitjes neem ik mee? Welk ondergoed past bij dat zomerrokje? Zal ik een poncho meenemen, just in case? Welke slippers/sneakers/pumps passen er onderin de koffer? Is een badpak ook handig, naast 4 bikini’s? Mag de Hamman-scrub van Rituals mee in de handbagage? Heb ik een strapless BH nodig in Marrakesh? Zijn drie rollen mascara-remover van de Hema wel genoeg voor een weekendtrip? Neem ik naast de krultang ook de ladyshave en de epilator mee? Hebben ze wel granola in Valencia? Hoeveel ondergoed moet er mee voor 5 dagen? Ligt de Jan of de Linda al klaar?

Ik ken die stress niet. Nooit gehad. Er zijn maar drie dingen belangrijk om te kunnen reizen: paspoort, telefoon, geld. Met een paspoort kom je het land uit, op de telefoon staat je ticket en met geld koop je evt. extra ondergoed, Hamman-scrub, mascara-remover en granola. Ik weiger ook pertinent om een week van te voren al mijn spulletjes op de logeerkamer klaar te leggen. Neurotisch perfectionisme. Misschien is het ondankbaar naar je partner, die wel de moeite neemt om niets te willen vergeten. Maar toch is het credo: doe jij lekker jouw ding, maar verwacht niet dat ik er aan mee doe.

Is het de oertijd die heeft bepaald dat vrouwen zich wel druk maken over de reisdetails en de mannen niet? Was het een kwestie van “die mammoet moet dood” tegen:  “help!!! die dode mammoet weegt 1300 kilo, kunnen wij zijn oorsmeer gebruiken als scrub, hoe verdelen we het vlees in 200 porties, wie trekt Mammoet’s jas uit, is zijn teennagel geschikt als vijl, kan ik van zijn borstharen een kek truitje maken?”

Kofferitis, de stress van koffers pakken,  bestaat echt.  En alle goede intenties worden door het andere geslacht besmuikt weggelachen. Omdat de bestemming belangrijk is, niet de weg er naar toe. Het gaat om de finale. Auw.

Doof? Bluf!

Ze werden op een presenteerblaadje aangereikt deze week, mijn onderwerpen. Twee totaal verschillende onderzoeken in de categorie WTF (Wat Triggert Frank) en één bizar levensverhaal.

Het eerste onderzoek ging over de eerste letter van je achternaam en je kansen op een succesvolle carrière. Kort uitgelicht concludeerde dit Amerikaanse onderzoek dat je betere cijfers op school, snellere uitnodigingen voor goede banen en betere promotiekansen krijgt als je Aa (van der) heet in plaats van Zomeren (van). Lekker dan..

Ik vond het altijd wel relaxed op school om te weten dat ik het eerste half uurtje niet aan de beurt was en kon profiteren van de vroege fouten van de  ‘van Beckhovens’, ‘de Frielings’ en ‘de Baasen’. Wel lastig dat die spugende, jurkendragende Dominicaner monnik soms onverwachts achteraan het alfabet begon om zijn grootste vijand wakker te schudden. Ik eindigde dat jaar met een 3 voor Duits…

De logica achter dit onderzoek is dat de aandacht verslapt. Dus bij CV nr. 25 of Toets nr. 31 (want op alfabet gelegd) ben je minder positief of scherp. Ik herkende het meteen, die verslapping. Maar wel precies omgekeerd. Ik word juist luier, aardiger en leg de lat stukken lager. Dus als je Smits, Tielbeke of de Vries heet: gewoon even wat langer wachten en het komt goed. Bij mij dan.

Het tweede onderzoek heeft veel raakvlakken met de achternaam-variant. Het blijkt dat bluffende mensen vaker iets voor elkaar krijgen dan zijn objectieve en bescheiden tegenpool. Vooral rijkeluis jochies hebben er een handje van, waarschijnlijk gekopieerd gedrag van hun bluffende vader. Aardje naar zijn vaartje klinkt dan heel toepasselijk.

Ook hier krijg ik een deja-vu gevoel, al ben ik niet van rijke komaf.  Bang ben ik nooit geweest om hier en daar mijn argumenten wat kracht bij te zetten met je reinste kolder of duimzuigerij. Zonder blikken of blozen. Zeker als het ging om commerciële gevechten met concurrenten. Of zoals vriendje Bob altijd zegt: als lullen pudding is, is Frank dr. Oetker.

Thuis hoef ik dat bluffen niet meer te proberen. Marion kent al mijn trucs en mijn dochters trappen er ook niet (meer) in. Komt ook omdat ik ze geleerd heb altijd voor hun eigen mening op te komen, kritisch te zijn en niet onnodig afhankelijk te worden van anderen. En ze zijn nu op leeftijd dat ze dat allemaal als eerste op hun vader toepassen. Wat je zaait…..

Maar mijn echte held van de week is die 84-jarige Amerikaan die het 60 (!) jaar heeft volgehouden om te doen alsof hij doof was. Omdat hij het gezeur van zijn kersverse vrouw al snel zat was. Wat een held! En wat een opoffering! Het gezin met 2 kinderen ontwikkelde zelfs een eigen gebarentaal. 

Misschien zijn de inmiddels volwassen kids wel over de flos van het bedrog, maar het kan zijn dat ze hun vader volkomen begrijpen en ook gek werden van hun babbelzieke moeder. Opa is in ieder geval niet meer Oostindisch doof en heeft een zware echtscheiding en rechtzaak voor de boeg. Ik ben benieuwd hoe hij zich daar uitbluft. Hopelijk had hij een rijke vader. Zijn achternaam heeft hij in ieder geval niet mee. Wilson…

Een paar jaar geleden moest ik op dringend aanraden van mijn dames naar orenboer Schonenberg. Er waren ernstige twijfels gerezen over de werking van mijn zintuig. Ik reageerde laat of nauwelijks op niet aflatende verbale tsunami, waarmee ik elke dag werd overspoeld. Helaas viel ik gelijk door de mand, want ik was gewoon selectief doof: niets horen als het niet uitkomt. Er was even opluchting dat er niets met mijn flappers aan de hand was, maar het sloeg al gauw om naar pissigheid over mijn apathische houding.

Maar hoe zeg je als man dat je rolluik dicht gaat bij teveel detail-info? Dat de nieuwe contactlensen van de zus van de oom van de buurvrouw van je ex-klasgenoot je echt geen moer kunnen schelen? Ga je er tegen in? Zeg je gewoon: boeiuh! Durf je gewoon opzichtig en verveeld te gapen?

Misschien durfde Wilson dat allemaal niet, 60 jaar geleden. En dan is doof spelen wellicht een betere optie dan bluffen. Toch?

Wegwee

Zo, Blue Monday overleefd. Het waren, sinds onze terugkomst uit Gambia, eigenlijk 12 Blue Mondays; grauw, beetje sneeuw, koud, druk op de weg, stress op het werk. Het warme gevoel van de binnenlanden van Gambia is dan ver weg. Als sneeuw voor de zon..

Gistermorgen, op de wiebelige trap van de Ryanair bus in Girona, prikte diezelfde zon brutaal in mijn ogen. Als eerste voorzichtige signaal dat de winter zijn dominante positie aan het verliezen is. In Catalunya worden calcots, die heerlijke bovenmaatse lenteuitjes die je zwartgeblakeerd van de open haard eet als een nieuwe haring, weer volop verorberd. We hebben ooit een werkwoord verzonnen voor de penetrante winden die ze veroorzaken: calcoteren. Je knalt jezelf als het ware het voorjaar in.

En we zijn weer compleet, met zijn vieren. Marloes is meegevlogen en gisteren hebben we Anne-Roos opgehaald van het treinstation in Barcelona, samen met 3 oversized koffers. Haar Erasmus-studietijd aan San Jorge Universiteit van Zaragoza zit erop en ze kan binnenkort haar bachelor-diploma ophalen. Deze trotse vader voelt ook een ietsjepietsje jaloersheid. Haar volgende levensfase  gaat nu van start, de (werk)wereld zal worden ontdekt , idealen kunnen nog worden omgezet in daden.

Vrijdagavond zat ik met zes oud-studiegenoten van de Hotelschool in Wageningen een eenvoudige blauwe hap te eten in Arnhem. Het is bijna 35 jaar geleden dat wij onze, voornamelijk benevelde studiejaren hebben beeindigd. We hebben nog dezelfde humor als vroeger en iedereen neemt, haast onmerkbaar, weer de identieke positie in als in onze schooltijd. Maar de tand des tijds heeft zichtbaar diepe groeven in ieders gelaat achter gelaten. 

De tweede helft van de vijftig klopt op onze deur en daarmee het laatste decennium van een werkbaar leven. Voor het eerst in mijn leven merk ik bij mezelf dat leeftijd een issue is geworden. Ik heb de afgelopen tien jaar redelijk relaxed geleefd en heel veel vrije tijd gehad. Mijn interim-klussen gingen gepaard met fantastische vergoedingen, waardoor drie dagen werken per week meer dan voldoende was om heel aangenaam te leven. Veel vrije tijd is dan geen luxe, maar de norm.

En toch heb ik in december de knoop doorgehakt en ben weer vol voor het ondernemersschap gegaan. Nog één keer het kunstje doen en volle bak erin. Ik ben al twee jaar met de Groene Artisanen bezig, maar had de financiele veiligheid van de interimklussen aangehouden om geen salaris uit een beginnend bedrijf te onttrekken. Maar het knaagde, aan twee kanten. Was ik het interimgeld nog wel waard als mijn aandacht er niet helemaal lag? En was ik wel echt aan het ondernemen, als parttimer?   

Sindsdien heb ik elke dag wel een keertje spijt en elke nacht een slapeloos momentje om een onbenullig detail dat niet uit je dakpan wil: “ Heb ik van de reiskosten van Marielle wel betaald? Heb ik die flutmail van die zeiksnor al beantwoord?  Heb ik de vakantievervanging van Els in Eindhoven wel geregeld?” Ik zit weer ‘s avonds aan de huiskamertafel door te werken en met maatje Bob te appen over van alles en nog wat. Alle tegeltjes kunnen weer aan de muur: Groeien kost geld. De kosten gaan voor de baat. Ik wens je veel personeel toe.” 

Mijn lichaam, jarenlang fysiek mishandeld door mijn grenzeloos Bourgondische gedrag, krijgt er nu nog een psychische aanval uit onverwachte hoek erbij: stress. Niet echt verstandig in je 57e levensjaar. Het wordt tijd om snel een nieuwe balans te vinden. Zowel op de weegschaal als in mijn hoofd. Gelukkig heeft Dry Januari al twee kilo winst opgeleverd, maar voor de volgende tien moet ik toch echt een plan maken. Want na 40 jaar ineens geen suiker meer in je koffie doen is leuk, maar zet te weinig zoden aan de dijk. Misschien Pleun weer eens bellen?  

Wellicht ben ik wel zo melodramatisch vandaag, omdat ik last heb van een nieuwe aandoening. Het heet Wegwee, als tegenhanger op Heimwee. Het gevoel, na een mooie reis of buitenlandse ervaring, om na een week alweer weg te willen. Even thuis hallo zeg en dan hopsakee> next adventure: Hoe zou het zijn in Noord-Korea? Is Mongolië raar? Colombia nog gevaarlijk? Sierra Leone al hersteld van de burgeroorlog? Patagonia met een Jeep te doen? Het is een sluipmoordenaar, die Wegwee.

Maar in 2019 gaat er niks van komen. Aan de bak. Met mijn bedrijf en mijn lichaam. Schop onder mijn gemakszuchtige hol. Eindelijk weer.

Kaboem!

We knallen richting einde jaar. Letterlijk dan, want er wordt weer voor een godsvermogen aan vuurwerk gekocht.

Ik heb er helemaal niks mee, met dat afsteken van nutteloos kruidpapier. Dat is geen toeval, want in mijn jeugd op de Goffert was het strikt verboden. We hadden een rietkap op de boerderij en dat was het enige rieten bouwwerk in het Goffertpark dat nog niet in de fik was gevlogen. Elke vuurwerkknal werd door mijn vader ritmisch beantwoord met een nog grotere knal om mijn oren. En als ik een keer, ver van huis, onwennig een minuscuul rotje aanstak, vergat ik het meestal op tijd weg te gooien. Ik heb als toetsenboordkrijger maar twee vingers nodig bij het typen, maar het had er best sneu uitgezien als dat ook de enige twee aan mijn handen waren geweest.

Vanuit heel Nederland komen ze naar Kranenburg rijden om enorme hoeveelheden vuurwerk te kopen. Gisteren stond er letterlijk een file rondom het dorp op weg naar één van de 10 verkooppunten (!). Voor honderden euro’s worden de winkelwagentjes vol geploft. En eerlijk is eerlijk, het had een hoog Tokkie-gehalte. Schijnbaar is het afsteken van veel vuurwerk voor veel mensen dé manier om een kleurloos jaar af te knallen. Waarom zou je anders een netto maandloon uitgeven voor een half uurtje lol?

Of is het een stoute jongensdroom? Sta je weer op het schoolplein met de grootste knikkers te pronken? Wil je de buurt even laten zien wat Harrie van Vinexstraat 12-24 allemaal durft? Zoals de debiele tweestrijd tussen Scheveningen en Duindorp. Honderden mannen zijn daar sinds 2e Kerstdag bezig om pallets op te stapelen voor een vuurtje op oudjaarsnacht. In totaal liggen 100.000 pallets aan elke kant, die soms met vrachtwagens  vanuit Duitsland worden aangevoerd. Zijn we nou helemaal van de pot gerukt? Knettergek geworden? Dit kun je toch gewoon verbieden als burgemeester?

Het enige doel is om het hoogste vuur van Nederland te maken. Tienduizenden vluchtelingen liggen in Oost-Europa en Turkije in niemandsland te vernikkelen in de winterkou en wij steken 5 miljoen kilo hout in de fik voor een potje ver pissen. Nog afgezien van CO2 uitstoot en klimaatschade is het gewoon een volkomen zinloos volksvermaak. Duizenden manuren van gezonde blanke mannen om een vuurtje te stoken in plaats van diezelfde pallets met vrachtwagens naar de koukleumers te brengen. Waarom wordt er niet massaal geprotesteerd tegen deze waanzin? Of durft niemand zijn mond open te doen? Bang om te worden afgeblaft als links elitaire betutteling?

Je raadt het al, ik zit oudejaarsavond gewoon binnen. We zijn voor de eerste keer in vijf jaar weer eens in die Heimat. In Spanje heb je op oudjaarsavond geen last van vuurwerk, want daar wordt alleen op San Juan, de kortste nacht van het jaar in juni, geknald. Ik ben er zeker van dat de discussie over vuurwerk een vergelijkbare richting op gaat als die van Zwarte Piet: uiteindelijk wint het gezond verstand en passen we het aan naar acceptabele normen. Dus over een paar jaar mag je met je knalrotzooi naar een ver afgelegen industrieterrein, waar je samen met 1000 andere diehards stoer kunt doen. Drie mobiele operatie-units erbij om afgerukte vingers terug te plaatsen en lege oogkasten dicht te naaien. Meteen afrekenen graag, zodat mijn ziektekosten premie niet omhoog gaat.

Ja maar Frank, jij bent toch zo’n liberale knul die voor vrijheid van het individu is? En jij roept toch altijd dat je niet alle risico’s kunt uitbannen? En sommige dingen gewoon moet durven accepteren? En dat vrijheid en beteugeling elkaars tegenpolen zijn. Een contradictio in terminis. Klopt, maar steeds meer mensen kunnen de hedendaagse vrijheid niet meer aan. Omdat ze weg lopen voor de verantwoordelijkheid die er aan gekoppeld zit. Als je het spel wilt spelen, moet je je wel aan de regels houden. En daar zit de kneep. We zijn alleen nog maar bereid ons aan de regels te houden als ze goed uitkomen. En als ze niet goed uitkomen, dan hebben we er gewoon schijt aan.

Maar volgende week rond deze tijd, zijn we geland op Gambiaanse bodem en gaat er een andere wereld voor ons open. Het belooft een knallende ontvangst te worden!

 

Back to the future

Hij heeft me toch aan het denken gezet, die Ratelband. Aanvankelijk lachte ik zijn rechterlijk verzoek om twintig jaar jonger te worden verklaard hooghartig weg. Weer zo’n domme actie van een sneue BN-er. Maar in de loop van de week sloeg de twijfel toch toe. Stel nou dat..?

Het is niet zo dat ik het erg vind om ouder te worden. Niet voor niets is mijn columnisten-hobby ontstaan uit de slogan: YOGO: You Only Get Older. Als nuchtere tegenhanger van YOLO. Het is namelijk één van de weinige zekerheden in het leven, ouder worden. Hoe dat gaat gebeuren is vooraf niet in te schatten, maar de klok zal onverstoord doortikken. Het is net een zorgpremie: je weet nog niet hoeveel hij volgend jaar omhoog gaat, maar stijgen zal die.

Ratelband, de opper-narcist van Nederland, wil afdwingen dat hij 20 jaar jonger wordt verklaard. Als je je geslacht en naam wettelijk kan veranderen, waarom dan niet je leeftijd? Best origineel bedacht, toch? Nu hij voor de 8e keer vader wordt op 69-jarige leeftijd, wil hij liever de klok terugdraaien. Back to the future. Ook bij DWDD mocht koekenbakker Emile deze week zijn podium opeisen, vergezeld door de slimme advocaat Jan-Hein Kuijpers, bekend als strafpleiter van Holleeder en dus wel gewend aan mafketels.

Als ik er 20 jaar van af mag halen, kom ik net voor de zwaarste periode van mijn leven uit. Faillissement, jong vaderschap, scheiding, dubbele baan; ik heb daarvoor en daarna nooit meer zoveel afgezien. Achteraf gezien heeft het me gelouterd en veel levenservaring gebracht, maar het nog een keertje over doen trekt me niet echt. En om de afgelopen 20 jaar in zijn geheel over te doen, hoeft ook niet. Been there, done that. Ik ben nogal van de nieuwe uitdagingen en de onontdekte kanten van het leven.

Hoe serieus kom ik over als er nu ineens 35 in mijn paspoort staat? Welk gedrag hoort daar dan bij? Moet ik weer naar Hök-avonden van bands als Normaal? Bovenop de Apenrots als de Opper-baviaan op mijn borst rammen? Alleen maar uit zijn op succes en het winnen van deals? Moet ik Marion weer het hof gaan maken? En die 20 kilo er weer aan vreten en zuipen? Godallemachtig, wat een hels karwei. Bob Hope zei het ooit treffend: “Middle age is when your age starts to show around your middle.”

Er is eigenlijk maar één reden waarom ik liever geen blanke, corpulente man van 55 wil zijn: we hebben zo’n slecht imago. We zijn boos op iedereen, onbeschoft en bedreigend op Social Media, behoorlijk denigrerend naar minderheden, grijpen ze vaak bij hun poessie, luisteren nooit naar een andere mening, hebben overal commentaar op, zijn egoïstisch en heb NUL zelfreflectie. NUL? Eerder min twintig!

Vorige week waagde Saskia Noort het in haar column om een ironische link te leggen tussen de nieuwe talkshow van de simpele rechtse provocateur Robert Jensen en zijn doelgroep: de boze witte man. Wat er daarna gebeurt, is de realiteit van vandaag de dag. “Laat jij je maar lekker door een neger nemen, linkse grachtenkut”. “Jouw dochter loopt straks in een boerka.” Het was voor Saskia het moment om Twitter vaarwel te zeggen, want dat is dankzij Trump steeds meer de spreekplaats van de Angry White Man geworden. 71% van het extremistische geweld in the US komt door rechts extremisme. Bijna allemaal blanke mannen met rassenhaat als drijfveer.

Ratelband’s wens lost niets op. Hij lijkt nu wel een beetje op leadsinger James Hetfield van Metallica, maar hij zal niet ineens op Tinder de hottie van de maand worden. Je voelt je als vrouw toch een beetje bescheten als je op je eerste date erachter komt dat die leeftijd gekocht is bij een rechter, toch? Je geboortejaar blijft 1949 of wordt dat dan aangepast naar 1969? Economisch gezien is het wel interessant. Dan werkt iedereen namelijk 20 jaar langer en geniet nauwelijks van AOW en pensioen. Op je 87e mag je dan stoppen met werken en twee jaar later val je naast je rollator dood neer.

Kortom, laat mij er maar gewoon 55 zijn. Mijn geest doet af en toe nog een onvoorspelbaar puberaal dingetje dat de omgeving scherp houdt. Zolang het duurt…

PS: superdank voor alle snelle bijdragen voor “Ibi-Hadja 2019”. Heel erg blij mee!

Hiephoi

Ik heb er nooit last van gehad. Tot voor kort. Het is gaan knagen en als een miezerig ettertje achter mijn oogkassen gaan zitten. De ene dag ben ik er ook meer mee bezig dan de andere. Misschien is het goed als aanstaande maandag voorbij is. Het is dan ook nog eens Black Monday. Meest deprimerende dag van het jaar. Tuurlijk….

Ik word 55. En voel me door dat getal voor het eerst van mijn leven oud. Want dan is de 60 wel heel dichtbij aan het komen. Toch? Ik voelde me altijd een jonge hond en keek vaak een tikkie meewarig naar oudere vakgenoten. En nu merk ik, sensitief als nooit tevoren, dat ik zelf zo word aangekeken. Op mijn werk, gister door het Groesbeekse kapperinnetje van 20, bij het stoplicht, in de supermarkt. Nu het Spaanse zomerbruin de vermoeidheid niet meer kan maskeren, is der Untergang zichtbaar geworden. Oude man, wallen, grijs, Michelin-vormen, stijf in de heupen, kromme rug. Kortom, een zombie. Zal ook wel geen toeval zijn, die eerste drie letters van het woord zombie en mijn achternaam…

Vijf jaar geleden stond ik er anders voor. Spetterend groot feest gegeven samen met Sweet Eighteen dochter Anne-Roos. Beetje freewheelen met mijn meisje tussen Spanje en Nederland, prima cateringadvies-klusje bij Noord-Hollandse jagers, gezonde ouders, overlopend van vrije tijd en energie. Ik kluste nog lekker zelf aan mijn stulpjes en ging wel drie keer per week naar de fintnix. Marloes beetje helpen met de studie of het tussenjaar van Anne-Roos in Barcelona stimuleren. Ik kon toen niet bevroeden dat de tand des tijds al een paar jaar later leegtes in mijn omgeving veroorzaakte of dat een terugkeer op de Apenrots een reëel gevaar werd. Het is maar goed dat het (nog) niet mogelijk was om in je persoonlijke toekomst te kijken. Ik was dan depressiever geworden dan Barbie…

En nu? Hoe kom ik uit deze troosteloze circle of life? Wat moet ik gaan doen om niet verder weg te zakken in het eindeloze moeras van grijze voorspelbaarheid? Zelfs Facebook heeft haar voorgestelde berichten aan mij zomaar aangepast tot omroep MAX-niveau. Ik kreeg deze week een promo-video binnen voor een dubbel gewatteerde mannenslip, die druppels opvangt. De Duits sprekende man liep vrolijk rond op een golfbaan in een veel te strakke stretch broek en was overduidelijk links dragend. Hij pochte dat alles immer trocken blieb und keine Tropfen hinter lasst. Arschloch……

Achteraf is dat concert van Metallica in Antwerpen waarschijnlijk een laatste stuiptrekking geweest. Een persoonlijke afscheidstournee na 40 intensieve jaren van Praede Diem. Ik had een paar jaar geleden ook al Carnaval afgezworen, nadat het laatste bezoek aan Oeteldonk was geëindigd met 4 frikandellen en een gemiste laatste trein naar Nijmegen. Het herstel kostte daarna zoveel niet-facturabele dagen dat het eerder op Carna-verval leek. Was ook bang dat ik verward zou worden met Benno L, die Bossche badmeester. Die woont tegenwoordig in Kranenburg…

Welke belevenissen zitten er nog in het vat voor de aankomende vijf jaar? Ik ga in ieder geval nog een paar mooie reizen maken, maar komen er nog nieuwe items op de bijna lege bucketlist? Met mijn petekind Thijs naar een seminar van Richard Branson op Virgin Island? Met mijn drie dames via het Noorderlicht naar New York? Meet and Greet met Kim Yong Un? Vrijwilligerswerk in Jemen? Marathon van Tokyo lopen? Vrede stichten met mijn Duitse oud-buurman Hermannnn?

Ik pieker me suf wat de voordelen kunnen zijn van 55+, maar ik kom niet ver. Ja, ik zal nog wat rustiger gaan reageren naar medeweggebruikers, maar je moet wel op de rechterbaan blijven. Ik zal ook wat minder fanatiek anti—Madrid zijn, maar als je al halverwege het seizoen op 19 punten staat is het ook best zielig. En misschien ga ik wat vaker een maandje geen alcohol doen, want het bevalt prima.

Of zou ik gewoon te weinig zonlicht krijgen? Tekort aan vitamine D? Of Vitamine E(spaña)? Hoe dan ook, doe geen moeite morgen. Laat me met rust. Ben de hele Black Monday onderweg en pas na 23.00 uur thuis. Telefoon op stil, voicemail uit, geen Social Media. Net als Hendrik Groen. Wie? Ja, die…

Geniaal

Iedereen heeft stopwoordjes die hij (te) vaak gebruikt. Soms onbewust, meestal dwangmatig. Het is best irritant. Je wilt ze vermijden, maar ze komen als verbale diarree altijd als eerste uit je mond. Ik gebruik doorlopend het flutwoord ‘geniaal.’ Maar daar wil ik na deze week graag vanaf.

Vroeger, op de Goffertboerderij, verhuurden wij vijf tennisbanen en hadden we een authentieke terreinknecht in dienst. Thijssen was zijn naam, vader van negen kinderen. Drie keer daags werden de gravelbanen geveegd en gesproeid, tussendoor deed hij allerlei hand- en spandiensten voor ons horecabedrijf. Maar na elke vier woorden zei hij ‘Widdewel’ (weet je wel?). Omdat iedereen hem ook Widdewel noemde, dacht ik tot mijn 7e jaar dat het zijn voornaam was. Toen wist ik het wel..

Het is een onlogisch bruggetje, maar ik wil toch even naar het Amerika van Trump toe. Hij heeft het toch al een jaar volgehouden en dat is gezien de chaos best knap. Ik weet dat er Trump-fans onder mijn lezers zijn die het allemaal fake-news en een samenzwering van de oude politiek vinden. Maar ik heb een wat simpeler oordeel: Trump is een levensgevaarlijke gek met een kort lontje. Een verwend rijkeluiskindje dat niet tegen zijn verlies kan. Of is het een spel, een provocatie?

Een paar maanden geleden stuurde Trump zijn gevaarlijke vriendje en campagnestrateeg Steve Bannon weg. Niet het type dat je graag kwaad maakt, met zo’n schietgrage achterban en zijn ultrarechtse internet-platform Breitbart. Steve heeft meegewerkt aan het boek Fire and Fury dat deze week is uitgekomen. Ik heb grote delen van het boek al kunnen lezen en ben echt compleet verbijsterd. Als ook maar 10% waar is wat er geschreven staat, dan is het nog ongelooflijk. House of Cards en Homeland zijn saaie verhalen vergeleken bij de explosieve werkelijkheid in the White House.

Trump heeft niet eens de moeite genomen om de Amerikaanse grondwet helemaal te lezen en is gestopt bij het 4e amendement. Hij leest geen memo’s, is slecht geïnformeerd, luistert niet, haalt continu zijn eigen oude koeien uit de sloot, is grillig, onberekenbaar en niemand heeft grip op hem. Maar het meest bizarre: hij wilde helemaal geen president worden. Deed alleen een rondje mee om zijn eigen merk Trump sterker te maken. Loosing was winning. Het zou zijn zakenimperium alleen maar sterker maken, daar ging het om. Hij had zelfs zijn barbiepop Melania beloofd dat hij nooit POTUS zou worden. Niemand in zijn campagneteam hield rekening met een overwinning. Ze hebben allemaal tijdens de verkiezingsavond verbijsterd naar de uitslagen zitten kijken. Als verblinde konijnen starend naar de TV-schermen, doodsbang voor de winst.

Donnie had deze week een volstrekt belachelijke tweet over zijn grotere atoom-knop dan die van Kim Yong Un. Je vraagt je af of er niemand is die dergelijke gevaarlijke tweets kan voorkomen. Als president wilde hij de boekverkoop Fire and Fury verbieden, ongehoord in een Westerse democratie. Maar zijn tweets van gisteren spannen de kroon. Omdat er steeds vaker openlijk getwijfeld wordt aan de mentale stabiliteit van Trump, stuurde hij zelf even een geruststellend berichtje. Kijk maar naar de foto bij deze column: Mr President vindt zichzelf “a very stable genius.” Het past perfect in het beeld. Een volmaakt zelfingenomen statement van de machtigste man op deze planeet. Maar het woordje geniaal moet nu wel uit mijn vocabulaire. Ik gebruik het nooit voor mezelf, maar moet er nu wel vanaf. Het is een besmet woord geworden.

En nu? Geen idee, ik kan niet inschatten of The Russian Affair hem nog noodlottig wordt. Ben bang dat hij dat ook overleeft. Hij pronkt ook met andermans veren door de opverende Amerikaanse economie volledig op zijn eigen conto te schrijven. We moeten er maar aan wennen dat we nog een paar rare jaren tegemoet gaan in de wereldpolitiek. Hij zal nog wel een keertje een potje ver plassen met Poetin gaan houden (‘my dick is much longer than his teeny weeny winkler’), Pakistan schofferen (‘all women there have a moustache’) of Prins Harry feliciteren.(‘married a hot chick with great boobs’)

Maar er knaagt iets in mijn hoofd. Is alles wel wat het is? Het is toch gewoon te bizar voor woorden. Zit er nog wat achter? Iets geniaals? Shit. Sorry, laatste keer.

Nieuwe ronde, nieuwe kansen

Het begin is goed. Ik ben 2018 wakker geworden in mijn Barcelona, na een topnacht met veel vrienden. Met een forse slok Cava en de traditionele 12 druiven afscheid genomen van 2017. Ik zal zeker niet de enige zijn, maar het was niet mijn meest favoriete jaar.

Zelfs een geboren optimist ontkomt soms niet aan een gezonde dosis zelfreflectie. Als ik terugkijk op 2017 is duidelijk dat 90% van de tegenvallende omstandigheden door mijzelf is veroorzaakt. Alleen het overlijden van mijn moeder in maart, drie maanden na het verlies van mijn vader, was even verdrietig als onbeheersbaar. Wij weten allemaal dat de Circle of Life betekent dat we eens afscheid moeten nemen van onze ouders. Maar het moment waarop dat gebeurt ligt zelden binnen onze eigen reikwijdte. Niet alles is maakbaar.

Na het afscheid brak voor iedereen een moeilijke tijd aan. Wat rest zijn namelijk louter herinneringen. Zeker de maand december is zwaar. Feestdagen blijken dan gemisdagen en sommige verjaardagen zijn ineens leegtedagen. Toch zijn we erin geslaagd elkaar te ondersteunen als het moet en zijn wij ook als brussen (drie zussen en één broer) erin geslaagd dicht bij elkaar te blijven. Het deed mij persoonlijk erg goed dat de ode aan mijn moeder mijn best gelezen column van 2017 is geworden. Dat had ze prachtig gevonden.

Wat ik een jaar geleden wel had kunnen voorkomen, is mijn tijdelijke verblijf op de apenrots. Was het trots, bewijsdrang of naïviteit? In volle overtuiging heb ik zes jaar geleden besloten dat ik geen zware directiefuncties meer wilde vervullen, na de zoveelste uitputtingsslag met verschillende aandeelhouders. In die zes jaar heb ik leuke dingen gedaan, genoeg verdiend om comfortabel te leven, tijd gehad voor mijn netwerk en voor mensen die het nodig hadden. Elke week bevatte minstens één LALA-dag: Lanterfanten-Aanklooien-Luieren-Avondeten koken. Aangevuld met een ijzeren ritme om elke twee weken minstens een dag of vier in Spanje te zitten.

Dat alles heb ik opgegeven voor een teruggekeerde ‘bad habit’, de RARA-dagen: Rennen-Autorijden-Regeren-Apenrotsen. En eerlijk is eerlijk, in mijn mid fifties kost dat veel meer energie dan pakweg vijftien jaar geleden. Regelmatig stond ik afgepeigerd op een parkeerplaats langs de snelweg op weg naar huis, moeite om mijn ogen open te houden. Vaker dan één keer per maand heb ik niet gefitnest, ondanks mijn jaarkaart. Zijn ze dol op, dit soort leden. Veel te weinig getennist met vriendje Gerard, nauwelijks gegolfd. Wel lekker veel gegeten, dat wel. In plaats van vijf kilo eraf in 2017 dus vijf erbij… Ook mijn rug heeft de aanslag niet overleefd. Alle chiropractie- en fysiotherapie-tegoeden zijn op.

Murphy’s law betekent natuurlijk ook dat er precies in zo’n jaar een zakelijke kans voorbij komt die ik niet wil laten lopen. En dus samen met een paar vriendjes begonnen met een “nieuw” cateringbedrijf: De Groene Artisanen. Ik was wel weer even vergeten dat startups ontzettend veel bloed, zweet en tranen kostten. En dat het niet iets is, wat je er even bij doet. Vroeger niet, nu niet. Maar de aankomende jaren ga ik een groot gedeelte van mijn beschikbare 4 dagen per week besteden aan het leuker en gezonder maken van een bedrijfslunch. En daar kreeg ik vast weer nieuwe energie van!

De weinige keren dat ik deze zomer een weekend bij Marion in Spanje doorbracht, was ik niet bepaald een vrolijke Frans. Gekluisterd aan laptop en e-mail, afwezig in woord en gebaar. Dat is best lullig ten opzichte van je partner, die zich verheugt dat je er een paar dagen bent… Het tripje naar Thailand en Marion’s tijdige noodsignaal heeft ons naar het eind van het jaar geloodst. Nu wordt het tijd om in 2018 ons vertrouwde ritme terug te vinden. Betere balans in alles. Hoe moeilijk kan het zijn?

Dus het lijstje Goede Voornemens 2018 is best ambitieus. Mijn tijdelijke apenrots functie weer inruilen voor een adviseurschap, gezonder leven (zodat mijn navel niet meer op een eindeloze rioolbuis lijkt..), een mooie verre reis maken (Peru/Bolivia, here we come!!), veel en vaak naar Spanje, LALA-dag herintroduceren, tijd voor vrienden en lief zijn voor mijn meisje.

Maar ik ben nu eenmaal een optimist. Het glas zit altijd halfvol in plaats van halfleeg. Behalve in Dry January. Dat wordt de eerste hobbel. Gewoon mijn hoofd erbij houden.