Snieklaas

Sorry. Ietsepietsje te laat. Ik was gister na mijn gastoptreden als Sinterklaas laat thuis. Het slaappilletje deed daarna iets te goed zijn werk. De Sint is blij dat hij weer naar Spanje kan.

Omdat ik dit jaar twee optredens had, ging ik een paar weken geleden op zoek naar een huurpak. Maar de speurtocht op Marktplaats leverde een onverwachte meevaller op. Voor hetzelfde geld kon ik een tweedehands pak kopen, in het mooie Betuwse Winssen. Snel een bod uitgebracht van 60€ en na een kort onderhandelingsrondje kon ik voor een tientje meer het pak, inclusief mijter en staf, op komen halen.

Na enig zoeken kwam ik bij een slecht onderhouden boerderijtje aan, waar de voortuin volgepakt stond met groen uitgeslagen kabouters. De deur werd opengedaan door het kleine broertje van kabouter Plop, wat perfect paste in het beeld van de voortuin. Ik liep achter hem aan naar een soort van woonkeuken. Daar zat mevrouw Plop (perfecte naam voor een vormloos vrouwtje met Kort Pittig Kapsel) voorover hangend aan de keukentafel op haar laptop naar Marktplaats te staren. Ze hadden nog meer rommel in de verkoop.

Via een smal tussengangetje kwamen we in een soort van grote bijkeuken, die onbeschrijfelijk vol stond, lag en hing met alles wat je in een mensenleven verzamelt als je nooit iets weggooit. In een flits ging het door mijn hoofd dat de leegverkoop misschien gedwongen was omdat ze naar een piepklein zorgaanleunwoninkje moesten vertrekken. Plop toverde achter uit een kast zonder deur het pak tevoorschijn en ging daarna in allerlei dozen op zoek naar de mijter, handschoenen en het witte onderkleed. Hij wist de weg in het labyrint en vrij snel stonden we weer naast zijn theelepelvrouwtje in de keuken. Na het korte beleefde afscheidsgesprekje en de betaling stond ik buiten met mijn nieuwe aanwinst.

Thuis lag Marion in een deuk toen ik het voor het eerst aantrok. Het versleten pak was bijna net zo oud als Snieklaas zelf en stonk enorm. Qua uitstraling leek ik het meest op Hans Teeuwen in de hilarische scene bij Debiteuren-Crediteuren van Jiskefet. We hebben snel de pruik en baard in een emmer met chloor gezet, want het kriebelen leek te komen door de aanwezigheid van klein kruipend ongedierte… De mijter werd groter gemaakt, de mantel buiten gehangen, het onderkleed en handschoenen belandde voor het eerst in hun bestaan in de wasmachine. Maar ik was dolblij met mijn aanwinst.

Afgelopen maandag had ik mijn eerste optreden bij collega-directeuren tijdens een twee-daagse hei-sessie. In de kookstudio waar we ’s avonds een mooi diner probeerde te realiseren, wandelde na het voorgerecht een shabby Sint naar binnen, die meteen om een fles witte wijn vroeg en die ik in één teug achterover klapte. Ik had de chefkok van de studio gevraagd om een lege fles half met water te vullen en die op verzoek aan te geven. De meeste collega’s zagen met angst en beven hun moment met de Sint tegemoet en ze kwamen niet bedrogen uit. Ik heb me heerlijk uitgeleefd en had gedichten gemaakt die ik zonder Sint-pak niet zou durven te zeggen. Het was dikke pret.

En gisteren was dan tijdens het jaarlijkse kadootjes- en surprise familiefeest met de familie Kuiper het voorlopig laatste optreden. Volkomen onverwacht kwam ik als Sint binnen. Alleen Marion zat in het complot. Omdat deze avond in de loop der jaren langzaamaan is uitgegroeid naar een afzeikparade, kon ik ook hier heerlijk los. Wetende dat ik genoeg aanleiding heb gegeven in 2017 om zelf ook aangepakt te worden. Soms is aanvallen de beste verdediging. Gelukkig maar, mijn gewicht en te harde werken kwamen erg vaak aan bod.

Maar na 2 optredens en 25 gedichten gaat de Sint binnenkort uitgeput terug naar Spanje. Het griepje dat hij opliep twee weken geleden in de eindeloze guurheid van november, is nog steeds niet weg en maakt langer functioneren lastig. Er is ook geen lol meer aan. Het is schier onmogelijk om overal op tijd te verschijnen als je de halve dag vaststaat in een file.

Dus als iemand volgend jaar wil optreden als Snikkelkaas; ik heb een prachtig pak. Als nieuw. Voor 25€ te huur. Zonder beestjes, ruikend naar Robijn lavendel. Ik hoor het wel!

Can Prat, het huis van de buren

Totaal gesloopt ben ik vrijdag in Spanje aangekomen. Een stevige griep, gecombineerd met eindeloze autoritten en veel te veel werk, hebben het laatste restje energie uit mijn lichaam geperst. De batterij raakt leeg.

De landing in Girona duurde een half uur langer vanwege de sneeuwbuien. Ondertussen klapten mijn oren uit elkaar door de combinatie van cabinedruk en verstopte oorbuisjes. Na een snelle pizza-lunch in het dorp ben ik meteen doorgereden naar Gualba, in de bergen van Montseny, voor mijn eerste Spaanse begrafenis ooit. Adriana Comas Blanch, beter bekend als Tetina, is op 89e jarige leeftijd overleden. En weer is in 2017 een bijzonder iemand heengegaan.

In de jaren ’70 hebben mijn Spaanse ‘ouders’ Ria en José Can Berenguer, een 300 jaar oude boerderij, gepacht in het Montseny-gebergte, 50 km boven Barcelona. Mijn hele jeugd hebben wij daar vakanties door gebracht. Er was geen stroom, leidingwater of telefoon, maar wel veel natuur, gezelligheid en drank. En elke dag kwamen we wel een keer bij de buren, Tetina en Pepe. Zij woonden in Can Prat, 3 kilometer verderop. Het waren aristocraten, met veel grondbezit en familiekapitaal. Ze hadden ondanks alles een sobere levensstijl en Pepe werkte als professor aan de Universiteit van Barcelona. Het is in Nederland niet voor te stellen, maar hun grondgebied in de bergen was meer dan 1000 hectare en besloeg twee bergen, talloze waterbronnen en eindeloze bossen.

Elke zomer was er in Gualba het Festa Major, het dorpse zomerfeest. Op het grote plein werd twee avonden een traditioneel dansfeest met orkest georganiseerd, waar we met la Familia Can Prat glorieus acte de présence gaven. Op mijn 18e verscheen ik er met een knipperend vlinderstrikje.. De vrouwen van de drogisterij en de bakker kregen onderling ruzie welke dochter van 14 met mij mocht dansen. Laat in de nacht probeerden we dan beneveld de berg weer op te komen, een slingerende onverharde route langs ravijnen en rotsblokken. Mijn in elkaar geknutselde Alfasud 1.5tii eindigde een keer met afgebroken schokdempers tegen een rotswandje, waarna ik er 2 uur overdeed om in het pikdonker zwalkend de berg op te lopen.

Ook met mijn meiden hebben wij veel zomervakanties in deze bergen doorgebracht. Elke dag was er wel een wandelingetje naar Can Prat. Om eieren te halen, de geiten te gaan bezoeken of een biertje te drinken met Pepe en Tetina. Dat eindigde meestal met zelf gebrouwen ratafía, een kruidendistellaat waar je amandelen kramp van krijgen. Ooit zaten mijn vader en Pepe heftig met elkaar te discussiëren, waarbij Pepe in vurig Catalaans oreerde en mijn vader halsstarrig Gronings bleef praten. Ratafía doet dat met je.

Toen Pepe een paar jaar geleden overleed, hoopten hun kinderen Adriana en Carlos dat ze hun moeder Tetina konden overhalen om bij hen in Barcelona te komen wonen, waar nog wat familiebezit voor handen was. Het was kansloos. Tetina wilde alleen nog voor de boodschappen en de zondagse kerkdienst de berg verlaten. Haar huis, de bijgebouwen en de verpachte boerderij waren het begin en zouden ook haar eindbestemming worden. In alles deed ze me denken aan de personages uit de boeken van Isabel Allende: Malena, het Huis met de Geesten. Altijd was je welkom, moest je wat mee-eten en vooral ratafía wegslobberen. Soms doet het woord markant iemand nog tekort.

De afscheidsdienst, in het kerkje van Gualba uit het jaar 1099, was sober en streng katholiek. De piepjonge priester was door zijn gewaad en baard een spitting image van Jezus. Achter het altaar was een adembenemend mooie fresco op de kale kerkmuren te zien, die zo uit het Museo Nacional de Catalunya leek te zijn verdwenen. Na de mis gingen we allemaal naar de begraafplaats, waar de kist ter plekke in de vrijgemaakte nis werd geduwd en meteen met cement werd dicht gemetseld. Nog een korte omhelzing en de ceremonie was voorbij. Ieder ging weer zijn eigen weg. Voor Nederlandse begrippen een kort en sober afscheid van 60 minuten. In Spanje is binnen 48 uur na overlijden alles achter de rug. Er is geen tijd voor frivoliteiten.

Maar het verdriet is er voor Adriana en Carlos niet minder om. Onze generatie neemt afscheid van zijn ouders. Vorig jaar op deze dag waren allebei mijn ouders er nog. 2017, het mag voorbij.

Blue Monday

Het heeft ook Nederland bereikt. Na Valentine’s day, het jaarlijkse geklungel van verliefde kneuzen, is nu ook Black Friday over de Grote Plas gewaaid. Je hoeft maar even op You Tube te zoeken, en je ziet filmpjes die de ondergang van de mensheid glashelder in beeld brengen.

Jullie weten dat ik een pesthekel aan winkelen heb. Ik maak ook geen onderscheid tussen nuttig winkelen of fun shoppen, het is allebei ruk. Sinds Marion’s favoriete supermarkt is verbouwd, loop ik regelmatig stampvoetend als een verdwaalde neushoorn door dat doolhof. Ik kan niets meer vinden op de meest logische plek. Vroeger loodste Marion’s perfecte boodschappenlijst mij snel langs de aanbiedingen, maar tegenwoordig lijken mijn looplijnen op die van een dronken struisvogel. Een paar weken geleden ben ik halverwege gestopt en heb daarna een half uur met klotsende oksels in de auto zitten hyperventileren. Het zeikjochie dat om de plakplaatjes vroeg, was toen al huilend naar huis gerend.

Vrijdagmiddag, in de auto onderweg naar het gave nieuwe appartement van Anne-Roos en Philippe in Arnhem, vroeg ik me af welke debiel er dan juist op zo’n dag gaat shoppen. Je weet toch dat de prijzen eerst kunstmatig omhoog worden gepusht om daarna een magere 20 of 30% Black Friday-korting te kunnen geven? Vrouwenlogica (“de 2e was halve prijs…”) en Hebzucht (“nu heb ik het jurkje ook in het zwart..”) zijn een godsgeschenk voor doortrapte marketeers bij Zara, H&M en Primark. Maar zelfs mijn eigen nageslacht is besmet met het onuitroeibare koopvirus. We gingen een hapje Koreaans eten bij Danawa en troffen daar dochter Marloes aan, omringd door 7 tassen…

Naast Black Friday bestaat er ook zoiets als Blue Monday. Dat is meestal de 3e maandag van de maand januari en wordt beschouwd als de meest deprimerende dag van het jaar. Alle goede voornemens voor het nieuwe jaar zijn dan al mislukt, het weer is flut, de dagen zijn kort en de zomervakantie is nog heel ver weg. Voor mij is elke shopdag een echte Blue Monday. Binnenkort moet ik voor mijn jaarlijkse kledingkast-aanvulling mee naar Olav. Na al die jaren voelt hij haarfijn aan wanneer mijn balkje vol en het shoppen klaar is. Het zorgt wel bij Men Only voor een goede Omzet Per Uur, want langer duurt het meestal niet.

Zou er ook zoiets bestaan als Red Tuesday? De dag met de langste files? De novemberdinsdagen maken een goede kans, want het verkeer is de laatste weken om knettergek van te worden. Het zou best helpen als de ANWB vooraf Code Rood afgeeft en dat er dan een rijverbod wordt ingesteld voor rechts inhalende strookwisselaars, nerveuze neuroten die onnodig in het midden blijven rijden en bejaarde eikels die precies op Red Tuesday ’s morgens met de auto hun kleinkind gaan bezoeken. BLIJF G.V.D. THUIS tot 11.00 uur!

Er bestaat al een Witte Donderdag, maar ik betwijfel of iemand nog weet waar dat over gaat. Moest zelf ook even googelen. Het was de dag van Jezus’ laatste warme hap voordat hij verraden werd door Judas. Laten we elk kwartaal een Witte Donderdag in het leven roepen. Als symbolische dag voor al die gluiperige collega’s, die achter je rug om aan je stoelpoten zagen of constant lopen te klikken naar de baas. Het is heel eenvoudig: tijdens de lunch, met al je collega’s om je heen, pak je je glas melk op en geef je dat aan de Judas-collega die hem het meest verdient. Met de mooie woorden erbij: “neem jij maar lekker mijn Witte Motor.” Wedden dat het minder wordt?

Ik heb nog geen duidelijke kleur en thema in gedachten voor een woensdag. Misschien kunnen jullie mij een handje helpen. Zwart, blauw, rood en wit is al vergeven. Nijmegen heeft al wel een variant, Roze Woensdag, het jaarlijkse LBGT-feestje tijdens de Vierdaagse. Ik heb hoge verwachtingen van jullie bijdrages, die ik graag bij de comments zie.

Ik zie net dat Blue Monday in 2018 op maandag 15 januari valt. Lekker dan. Ben ik jarig en val ik aan de verkeerde kant van de vijftig. Heb er nooit zo’n last van gehad, maar dit keer wordt het wel een depri-dagje, zeker omdat het Dry January wordt. Gelukkig zit ik in Spanje. In de uitverkoop….

Girona

Het heeft jullie allemaal goed gedaan he? De manier waarop ik vorige week zwaar in de boot ben genomen. Het werd nota bene één van de meest gelezen columns van dit jaar. Leedvermaak doet het altijd goed in ons grijze kikkerlandje. Fijn..

Over een uurtje ga ik een potje tennissen met grapjas Gerard. Natuurlijk ben ik nog niet begonnen met mijn wraakacties. Al zijn psychische sensoren staan op scherp. En zijn arsenaal aan alarminstallaties ook, denk ik. Ik heb wel een paar briljante tips gekregen. Ook uit Gerard’s entourage. Dank daarvoor.

Na een voor ons eindeloze afwezigheid van 4 hele weken stapten wij gisteren van de vliegtuigtrap af op Girona Airport, pardoes de felle zon en warme lucht in. Om meteen naar Girona te rijden, voor een handjevol boodschappen en afspraken. Girona is een beetje het Haarlem van Catalunya. Grote broer Barcelona slokt alle aandacht op, maar Girona is verfijnder, authentieker en overzichtelijker. En daarnaast ook de rijkste stad van Spanje, waardoor het winkelaanbod breed en divers is. De meeste toeristen slaan deze stad over, maar het is echt de moeite waard. De eerste wijntjes op het zonovergoten centrale plein van Girona (dat al decennia het Plein van de Onafhankelijkheid heet) maakte ons na een vermoeiende week een beetje rozig, maar ook blij en gelukkig.

Marion moest snel door naar de kapper. Ik kreeg het dringende verzoek daar pas veel later naar binnen te lopen. Haar Catalaanse kapster Helena was de vorige keer vurig met mij in discussie gegaan en knipte ondertussen vrolijk verder, zodat één kant van Marion’s haar een paar centimeter korter eindigde. In de categorie Vrouwen Met Een Pittig Kort Kapsel. Toen ik me vanmiddag meldde, was de (vrouwelijke) burgemeester van Girona, Martha Madrenas, net vertrokken met een door Helena fris geknipt en geföhnt kopje. Ze is een goede vriendin van Carles Puigdemont, de ‘gevluchte’ Catalaanse president, die (vóór Marta) zelf 6 jaar burgemeester van Girona was.

Op 7 december vindt er een pro-Catalaanse demonstratie in Brussel plaats. Daar zit angsthaas Puigdemont af te wachten of hij en 4 andere ministers door België uitgezet gaan worden naar Spanje, waar hij meteen achter de tralies zal verdwijnen. Het is haast niet voor te stellen in Nederland, maar in Spanje kan het gewoon. De Spaanse premier Rajoy zou eigenlijk achter slot en grendel moeten zitten voor zijn rol in een zware corruptiezaak, maar doet net of zijn neus bloedt. In heel veel opzichten is Spanje nog een bananenrepubliek qua machtsverhoudingen, bestuur en wetgeving. Kapster Helena vroeg of ik vanuit Nederland met bussen naar Brussel kon komen om zoveel mogelijk steun te komen geven voor de Catalaanse onafhankelijkheid. Toen ik zei dat ik geen separatista was, viel het stil in het kapperszaakje….

Na een fantastische buitenlunch zijn we huiswaarts gereden. Rosamar stond er nog, er hing geen bordje aan het hek…. De aankomende dagen gaan we de opgelopen culinaire achterstand inhalen. Het grappigste is vandaag de Kliekjesdag bij de Belgen in Romanya de la Selva. Ons favoriete restaurant gaat ’s winters vijf maanden dicht en wij schuiven samen met onze mede-smulpapen Gerard en Lenny aan om de overgebleven gerechtjes van de menukaart op te peuzelen. It’s a dirty job, but somebody got to do it.. Maandag wordt het samen met vriendje Robert laven bij restaurant Granja Elena in Barcelona, een verborgen parel. Bah.

Ik heb het geluk dat ik in horecaomstandigheden ben geboren en opgegroeid. Eten en drinken heeft van jongs af aan altijd een belangrijke rol gespeeld. Tot mijn 30e stond kwantiteit onbetwist bovenaan: als het maar veel en vaak was. De laatste vijftien jaar gaat het vooral om de kwaliteit: als het maar oprecht en puur is. We hebben steeds vaker de neiging om door de weeks gezond en mager te eten en ons met name in de Spaanse weekenden te verwennen. Dat kan hier in Spanje echt voor de helft van een Nederlandse restaurantrekening. Mooi, want dat is dubbel genieten!

Ik weet zeker dat ik dit één van de slechtst gelezen blogs van dit jaar gaat worden. Niet grappig, saai en taai onderwerp, non-info. En toch heb je het gelezen tot hier haha. Daar heb ik dan leedvermaak over. Staan we weer quitte. Tot volgende week.

House for sale

Mijn dochters zijn er gek op, dat MTV-programma Pranked. Mensen worden goed in de maling genomen, verwonden zichzelf met een bizarre actie of worden zwaar aan het schrikken gebracht. Het zal je maar gebeuren…

Afgelopen dinsdag zat ik in een strategische apenrots-sessie met 100 man. Beetje bizarre locatie, want de rouwkapel werd ’s middags commercieel benut als conferentie-locatie. Alle denkbare grappen werden gemaakt (“ben benieuwd van wie we nu weer afscheid gaan nemen..” / “dadelijk komt onze eigen Jezus aanvliegen”), maar je moest voorzichtig zijn, want het galmde nogal.

Vlak voordat de Belgische wervelwind Leo Bormans zijn inspirerende visie op Geluk ging toelichten (voor de liefhebbers: http://www.theworldbookofhappiness.com/) kwam er nog een appje binnen. Van amigo Gerard: “is het echt waar? Waarom?”. Daarbij een foto van mijn Spaanse huis met op het hek een levensgroot TE KOOP-bord van een makelaar uit Blanes. In de volgende 60 seconden kreeg ik een hartverzakking, een zenuwaanval, uitval naar de linker kant, zweetdruppels op mijn kop, klamme handen en moordneigingen. Marion appte ook nog, geschrokken: “Wat nu?”

Het kopen en registreren van een huis in Spanje is geen eenvoudig klusje. Omdat de nieuwe eigenaar alle schulden van het huis overneemt, is het zaak alles vooraf goed te regelen. Wij hebben zelf in 2005 Rosamar gekocht van een malafide kabouter en zijn onverzorgde heks. Beetje gedeald, donker gekleurd geld gebruikt en tijdens het ondertekenen van de koopacte bij de notaris alles nog on hold gezet omdat het uittreksel van het kadaster niet klopte. Het was tricky.

Toen ik een week later wilde beginnen met verbouwen, bleek ik afgesloten van water en elektra. Kabouter Calvete had het voorgeschoten geld niet gebruikt om de laatste rekeningen te betalen. Ik ben naar zijn ijzersmederij gereden en kreeg hem net te pakken voordat hij via de achterdeur probeerde te ontsnappen. Terwijl ik hem een halve meter van de grond tegen de muur hield, heb ik hem verteld dat ik óf de volgende dag mijn geld had óf dat ik zijn kinderen wel een keer van school ging ophalen. Keurig betaalde hij de volgende dag en ik heb hem nooit meer gezien. Beter..

De afgelopen jaren hebben wij andere problemen, omdat ons huisnummer wordt verwisseld met een huis verderop in de straat. Dat huis is na de crisis onteigend, verlaten, gekraakt en regelmatig komen deurwaarders bij ons beslag leggen. Ik heb al een keer bij de lokale rechter de openbare verkoop tegen gehouden. Dit alles ging door mijn hoofd tijdens de Geluk-sessie bij die blije Belg. Ik had Gerard nog geappt om het bord er meteen af te halen, maar hij meldde dat het niet gelukt was omdat er net politie aan kwam.

Tijdens de pauze belde ik de makelaar in Blanes, die zeer verbaasd was dat een Nederlander zo’n arsenaal aan Spaanse scheldwoorden beheerste. Hij vroeg mij een fotootje te appen, want wist nergens van, kende de straat niet etc. Ik riep nog iets in de trend “amigo de Rajoy”…. En appte het fotootje van Gerard. Binnen 1 minuut had ik antwoord: “de foto klopt niet, het is een oud bord, kun je niet even gaan kijken?” Toen ik antwoordde dat amigo Gerard dat al had gedaan en het bord er niet af kreeg, appte hij : “het bord is gefotoshopt, je wordt in de maling genomen.”… En ineens ging bij mij het licht aan: ik was geprankt. Door mijn (ex-)vriendje Gerard….

Omdat ik er de laatste tijd weinig ben, verveelt Gerard zich een beetje en dat is ook een beetje mijn schuld. Dus werd het volgens hem tijd om eens wat vrolijks te doen. Beetje huisvlijt achter de PC en vriendje Frank hapt in een Betuwse kapel naar adem. Eerlijk is eerlijk: geniaal. Ik ben er vol ingestonken. Wat een f.cking briljante grap.

Maar Gerard komt de aankomende 12 maanden ogen en oren tekort. Overvliegende drones boven zijn Can Pastera, 50 roze flamingo’s in zijn zwembad, 20 zigeuner-caravans op het achter-terrein, gerechtelijke bevelen van boze makelaars i.v.m. inbreuk op huisstijl, dagelijks bedelende Gambianen aan zijn poort, troosteloos varen zonder matroos, een kudde wilde zwijnen op zijn gazon, een dagelijks voorbij komende gierwagen.

Niets is onmogelijk, want het spel is op de wagen: it gît aon!

Hard metaal

Soms doe je dingen waarvan je niet weet wat je als vijftiger bezielt. Ik had maanden geleden impulsief ja gezegd tegen vriendje Harm om mee te gaan naar een concert van de Amerikaanse metalband Metallica in Antwerpen. Even iets anders als Earth, Wind & Fire of Feest-DJ Ruud.

Vrijdagmiddag reden Harm en ik in het bezit van twee VIP-tickets naar Antwerpen. Toen de reservering maanden daarvoor per mail binnenkwam, vroeg Marion hoeveel tickets het voor dat bedrag waren. Het eerlijk antwoord (1..) deed haar verzuchten dat je daarvoor 4 retourtjes Girona kon kopen. Ze was al stomverbaasd dat ik naar een heavy-metal concert wilde gaan, ondanks dat ze niet snel van slag is door mijn onvoorspelbare gedrag. Ze schaart het in de categorie LATE-LIFE CRISIS..

We sliepen in het hotel van vriendje Jan-Willem, die als General Manager van het Ramada Plaza Hotel werkt. Even bijgepraat, een snel biertje en op naar het Sportpaleis. De taxi maakte een rondje van 20 minuten en eindigde € 20,= later weer voor de deur van het hotel. De Ring stond zoals altijd helemaal vast. Tramlijn 6 was al stampvol met rockers, maar we pasten er nog bij. Ik kreeg een eerste indruk van the Metallica Crowd; 30-60 jaar oud, veel zwarte kleding met stickers, reusachtige tattoos en meer haar in de nek dan bovenop het bolleke. Maar deze rockfans gaan met elkaar om als één grote familie; vriendelijk, nooit agressief, gul, hoffelijk naar dames en stoer. Het spreekwoordelijke Ruwe Bolster, Blanke Pit is voor deze groep uitgevonden. Superrelaxed allemaal.

Het VIP-arrangement bestond uit een buffet, een paar drankjes, poster en T-shirt in een aparte backstage-room, vol met Metallica-relikwieën. We lieten de kans lopen om in de Innercircle te gaan staan, voordat de zaal opengesteld zou worden voor de rest. We wilden liever dicht bij de bar en de toilet staan. Om 19.00 uur stonden we klaar voor de warming-up act. Ik heb me kapot gelachen; een zooitje ongeregeld ging headbangend knoeperhard als een gek tekeer. Ik deed de oordempers van Harm in om geen blijvende zoem in mijn hoofd over te houden. De zaal liep langzaam en rustig vol, terwijl de black metal fans helemaal los gingen. Ik was er klaar voor!

In de wachtminuten tot Metallica werd de stemming opgewondener, zoefde er al hier en daar wat bier door de lucht en kwamen Harm en ik strategisch dicht bij het podium, wat mooi middenin de zaal stond. De ontlading bij opkomst van de band was echt ongelooflijk. Een diep gebrul steeg op, oergevoelens kwamen los, om me heen stonden stoere kerels als een dartelend hertje te huppelen van blijdschap. En daar tussen stond ik, onwennig en bleu..

De band Metallica is opgericht in 1981 en is dus al 35 jaar aan het rammen. Goede generatie trouwens, want ook the Rolling Stones, U2, ACDC en nog een paar andere oldies treden nog steeds op. En hoe! In een twee uur durend non-stop spektakel ging het hele Sportpaleis uit zijn dak. Oude hits, nieuwe hits, het hele repertoire werd door een uitzinnige menigte meegeschreeuwd. Er werd gecrowdsurfd, bier vloog door de lucht. Ik ben nu nog verbaasd hoeveel energie de mannen op het podium lieten zien. De meeste bandleden hebben net als Harm en ik bouwjaar ’63. Maar drummer Lars Ulrich is werkelijk een onuitputtelijke gek, die zijn publiek briljant bespeelt. Het was gewoon top!

Lang geleden ging ik één keer per jaar ergens in Oost-Nederland naar een hökers-feessie van Normaal. Dat ging er altijd wild aan toe. Je kocht twee bladen bier, deelde er één aan je maten uit en gooide je het volle tweede blad zo ver mogelijk door de lucht. Verborgen in je spijkerbroek zat een tweede T-shirt. Die was hard nodig, want bij het rausen vlak voor het podium werd elk T-shirt ( M/V) aan flarden gescheurd. Door een tekort aan mannen-toiletten werd vaak het tentdoek een stukje opgetild zodat je er makkelijk onderdoor naar buiten kon pissen. En meteen weer twee bladen bier halen. Maar Bennie Joling kwam nooit in de buurt van James Hetfield, leadsinger van Metallica.

Na een paar sluitbiertjes op de markt in Antwerpen, een heerlijk broodje döner Kebab en een kort nachtje knarren zat het erop en keerden we terug naar Nijmegen. Er kan weer iets van de bucket-list. Metallica Live. Om nooit te vergeten..

Mont st. Michel

Het is weer zo ver. Samen met fratello Joost ben ik aan het Michiel-weekend begonnen, ons twee-jaarlijkse tripje Memory Lane naar een plaats in Europa die zijn naam draagt. Als ode aan zijn broer en mijn beste vriend Michiel. En dit jaar is Le Mont St. Michel in Frankrijk aan de beurt.

Het is een dikke zes uur rijden naar Normandie. Maar de tijd vliegt als twee hard werkende vijftigers veel bij te praten hebben, zoefend met een hybrid over dure Franse tolwegen. Ondanks al het doordeweekse ge-app en file-telefoontjes, gebruiken we deze weekenden ook om wat dieper door te dringen tot onze roerbeginselen en werkdillema’s. Het levert, zelfs na 38 jaar vriendschap en 23 jaar gemis, nog verrassingen en nieuwe inzichten op.

Vrijdagmiddag hebben we gebruikt om de D-day stranden van Normandië te bezoeken. Ik ben er al een paar keer geweest, maar het blijft me fascineren. Duizenden jonge Amerikanen, Engelsen en Canadezen hebben daar, op de stijle kliffen van Omaha, Utah, Juno of Gold Beach, het leven gelaten voor onze vrijheid. Kansloos afgeknald op het strand, vanuit zwaar gepansterde bunkers op de hellingen. Als je er een keer geweest bent, snap je wellicht mijn oneindig trieste gevoel dat deze dappere jonge kerels niet ouder dan gemiddeld 22 jaar zijn geworden. De waanzin van een (wereld)oorlog, ontstaan vanuit haat naar andersdenkenden. Let’s never forget.

De volgende ochtend gingen we, minder fruitig als verwacht als gevolg van een copieus diner met alle Franse topspijzen en wijnen, naar het hoofddoel: Le Mont St. Michel. In 1981 was ik er voor het laatst geweest, met mijn vader als kadotripje voor het ter nauwernood halen van mijn HAVO-diploma. Een weekend vol ongemakkelijke stiltes, want zoveel hadden we elkaar niet te vertellen. Ik kon mij nog wel herinneren dat je toen je auto parkeerde op een zompige zeebodem, waar net de vloed was weggetrokken en dat je om 17.00 als de wiederweerga weg moest sjeesen om niet door de vloed te worden meegesleurd. Das war einmal.

Le Mont St. Michel anno 2017 is een strak georganiseerd massa-event, wat begint op het immense parkeerterrein, ver buiten de kritieke vloedlijn. Met hypermoderne shutllebussen wordt de wereldbevolking afgezet voor de hoofdpoort van het eiland. De Berg is een onvervalste tourist-trap geworden, met het hele arsenaal aan souvenirshops, fastfoodmeuk, saaie massa-menu restaurants en prulleriawinkels. En ondanks dat, is het de moeite waard. De ligging in een eindeloos groot wad vlakbij de Atlantische oceaan, de unieke bouw op een rots met talloze smalle straatjes en oude huisjes en de immense abdij St. Michel op de top zijn absoluut een must-see.

Nadat we een kaarsje hadden aangestoken, werd het tijd om de steeds voller wordende rots te verlaten. Joost had nog een trouvaille in petto, het vissersplaatsje Cancale, 50 km verderop. Beroemd om zijn oesters, kokkels, krab en ander soortig heerlijk zeefruit. Met stip op 3 bij Trip-Advisor stond restaurant à Contre Courant. We laveerden buiten slim door de lange wachtrij, installeerden ons aan een miniscuul tafeltje en bestelden de grootste Plat de Fruits de Mer Exceptionelle met een fles Chablis. We hebben er precies 2,5 uur over gedaan om alles op te krijgen, met hulp van een tweede fles Chablis…. It’s a dirty job, but somebody has to do it. En verder, Eurocard, Mastercard.

Straks rijden we terug en gaan we op de terugweg alvast filosoferen over de volgende bestemming. Wordt het Saint Michael’s in Schotland? Of Michaël’s kerk in Galata op Cypres? Elk Europees land biedt wel een mogelijkheid om deze traditie voort te zetten. Om te zorgen dat we sommige dingen niet vergeten. Dat we blijven mijmeren hoe de wereld er mét een afwezig iemand uit zou hebben gezien. Bekenden of onbekenden, zoals de dappere duizenden op Omaha Beach.

Maar laat ik vrolijk eindigen. Het is geen straf om een paar dagen met je beste maat te laven, te lachen en elkaar te challengen. Om oude koeien uit de sloot te halen en een smeuige, nieuwe kleur te geven. Old soldiers never die.

Ryanne

Rommelig weekje achter de rug. Thuis veel kluswerk gedaan. Muurtje schilderen hier, plafondgaten dichten daar. En daarnaast zijn we allebei weer in het winterritme terecht gekomen. Met lange intensieve werkdagen, gezond eten en vroeg naar bed.

Als beloning zijn we dit weekend naar ons andere thuis gevlogen, na een absentie van zes hele weken. Nog nooit zo lang Rosamar in de steek gelaten, het was bijna een onwennige ontmoeting met een verre neef. Gelukkig had de Catalaanse “kwestie” onze status niet besmet en werden we welkom geheten door de buren. Er is iets blijvend beschadigd in de Catalaanse maatschappij, maar wij gaan ons Nederlands DNA inzetten om er goed uit te komen. Een beetje meewaaien, doorbuigen en terugveren.

’s Winters vliegen we meestal van Eindhoven, omdat Ryanair dan de Weeze-route naar Girona eruit gooit. Afgelopen maand hebben ze er onverwachts nog wat routes uitgegooid, zo’n 2000 (van de 100.000). Iedereen sprak er schande van, maar ik verbaas me nergens over bij Ryanne. Ze hanteren nog steeds het nagenoeg uitgestorven Amerikaanse sales-principe Triple F: Find them, Fuck them, Forget them.

Ik denk dat Ryanne de beste psychologen van de wereld in dienst heeft. Ze kennen het menselijk gedrag door en door en maken daar onbeschaamd gebruik van. Onze krenterigheid is hun succes. Wij hebben een hekel aan dierenleed, maar kopen wel de kiloknaller van de Jumbo. Kinderarbeid vinden we walgelijk, maar 70% van alle Esprit-shirtjes wordt door Aziatische kindjes in elkaar geflatst. En alle meuk van de Action is binnen een week kapot en dus weinig duurzaam, maar wel lekker goedkoop. Schijnheiligheid, ook zo’n mooie Nederlandse eigenschap.

Een grove schatting leert dat Marion en ik ergens volgend jaar ons 1000e Ryanair-enkeltje gaan boeken. Maar ik verwacht geen bloemen, gratis reischeque of een gouden Loyalty-Card. Sterker nog, ik denk dat hun BIG DATA systeem ons in het mapje ‘Assholes’ heeft geplaatst. Met daarbij een algoritmische analyse wanneer we meestal boeken, tegen welke prijs, welke route en met welke extra’s. Er valt te weinig aan ons te verdienen, want met een gemiddelde van €60,= per retourticket zitten we onder hun break-even point. Marion is hun vijand, want die heeft het spelletje door. Hoe? Hier volgen haar tips & trics.

1. Niet telkens naar dezelfde vlucht blijven speuren om prijzen te checken. They are watching you! Kijk nooit de 2e keer rechtstreeks op je gewenste datum als je gaat zoeken op de Ryanair-site.
2. Boek niet op zondag of maandag. Het hele weekend wordt er naar vluchten gekeken en naarmate het drukker wordt (ook zonder boeken), gaat de prijs omhoog.
3. Meestal op woensdag gaan de prijzen omlaag. Omdat dan het “in het weekend kijken en maandag aan de baas vragen”- effect voorbij is.
4. Gebruik een andere plek (ander IP-adres) om te boeken dan waar je gezocht hebt. Het cookie-effect zorgt voor prijsverhoging: “hédaar heb je Frank weer, die wil op 3 februari vast nog naar Girona…”
5. Pak een rustig moment om te boeken. Elk foutje wordt je fataal. Als je voor anderen moet boeken, vraag per Whatsapp een foto van hun ID/paspoort. Dan heb je zeker de goede voornaam en achternaam.
6. Denk na of je wel naast elkaar wilt zitten. Dat kost extra, maar in het vliegtuig nog iets ‘ritselen’, wordt steeds lastiger. En dat is logisch, want als ik wel betaald heb om op een bepaalde stoel te zitten, sta ik hem niet af voor een treurmoeder die niet kan lezen.
7. Denk goed na over je bagage. Koffers zijn duur. Binnenkort moet je wellicht ook je (gratis) handbagage-koffer afgeven bij de check-in balie.
8. Lees alle info goed (op de site en het ticket). Door de regels continu te veranderen ontstaan er steeds nieuwe “verdienmomentjes” voor Ryanne.

En als je eenmaal aan boord zit, doe het Gordon-lapje voor je ogen en sluit je af voor de buitenwereld. Koop geen koffie (recyclede tuinaarde), neem geen frites (hangen als een bosje dode narcissen over de rand van het bakje), vergeet de goede doelen-loterij (80% is voor Ryanne zelf), ruik niet aan de oksel van je buuf. Val snel in slaap en droom lekker van de 1st Class Lounge van Emirates. Dan is die twee uur zo voorbij.

Ryanne heeft ons zomer-vakantiehuis omgetoverd naar ons 2e permanente thuis. Je hoort mij niet klagen!

Klussen

Ik ben er weer ingetrapt. Dacht dat ik ervan verlost was. Dat ik alles al had ingericht, vertimmerd, verbouwd, in elkaar geknutseld, geschilderd, gestuct. Terwijl de Nederlandse zomer nog wat nasputtert, zijn wij ons Duitse stulpje aan het pimpen. Slik..

Als je ouder wordt, hoop je dat levenservaring helpt om goede keuzes te maken. Dat doorhalen tot 5 uur ’s morgens een week ellende oplevert. Dat een 60-urige werkweek leidt tot dutjes langs de snelweg om heelhuids thuis te komen. Dat je de taaiheid van een start-up beter niet meer kan aangaan. Blijkbaar ben ik toch een Catalaanse ezel, die zijn kop blijf stoten. En dus werd ik vrijdag weer meegesleurd naar de fastgood tempel Ikea. Met een indrukwekkende waslijst aan kǻsten, stœlen, bedmöbels en prøllebakken. En (altijd weer) de onmisbare afwasborstels…..

Ik haalde nog één keer diep adem, voordat ik de trap opliep. Er waren nogal wat jonge gezinnetjes met kids in buggy’s, maar ook met loslopende peuters. Als die hollend voor mijn voeten komen, heb ik de natuurlijke neiging om ze te tackelen, zodat ze met hun kin precies op de Nekkrǻck-tǟfel klappen. Omdat ik het vrij stiekem doe, krijg zo’n kwalkind ook nog een oorvijg van zijn vader: “dat krijg je ervan als je zo holt.” Ik geef dan de vader een bemoedigend en complimenterend knikje, terwijl ik het kind strak aankijk.

We gingen vlot en geroutineerd door het doolhof, waarbij Marion slim de kussenafdeling meed. Tegen 18.00 uur kwamen we bij het restaurant aan. Onwetend besloten we een snelle hap te halen. Ik sloot aan in de buffetlijn voor warme gerechten, terwijl Marion een plekkie in de rumoerige foodhal zocht. Om me heen kijkend zag ik vooral families, maar ook zakenmensen met stropdas en een groepje studenten. Ik zag ook verdacht veel rollators, zonder oudere mensen. Het bleken Ikea-Food trolley’s te zijn, waar je op drie levels je bladen met warme meuk kan opstapelen. Ik bestuur nog liever, na mijn 13e hersenbloeding, een full-automatic rolstoel met mijn kin dan dat ik achter zo’n foodrek op wieltjes loop.

De keuze was niet reuze. De glibberige Ikea-balletjes waren favoriet, maar ik zag er ook een paar van de rollators af stuiteren. Ik koos vier zompige stokjes Saté en nam voor Marion een stukje Roodbaars mee, in een onbestemde glazig-witte saus. Samen met twee lege glazen, die je onbeperkt mag vullen bij het dranken-buffet, was de schade €15,50. Het kostte geen drol, maar het smaakte er wel naar. De saté-stokjes hadden dezelfde veerkracht als de stuiterballen en de baars was vroeger misschien wel rood geweest. Blijkbaar zijn we door betaalbare, goede lunch-menuutjes in Spanje verwend geraakt… Snel de spullen in de Duitse sloep geladen en in die Heimat gefahren.

En dus heb ik gisteren als een ware routinier alle möbel-mök in elkaar geflatst. Elke keer denk ik dat het de laatste keer is, maar eigenlijk tegen beter weten in. Om de 5 jaar gaat bij Marion de nest-verbeter-drang kriebelen. En dan is er maar één remedie; afplakken-schuren-verven-sausen. Haar planmatige aanpak levert een gedetailleerd schema op, dat weken lang ons leef ritme bepaalt. Het zal jullie niet verbazen dat ik met name het grove werk doe, en Marion het fijnere precisiewerk voor haar rekening neemt. En dan sta ik wel eens te keuvelen, lekker leunend tegen de net gelakte deuromlijsting. Maar eerlijk is eerlijk, het huis knapt er heerlijk van op. Mijn rug wat minder.

Zolang mijn dochters nog studeren, zullen wij in de wintermaanden nog veel in Nederland/Duitsland zijn. En dan moet ons 80-jaar oude Duitse huis af en toe een lik verf hebben. Da’s niet erg, maar kost wat meer energie dan vijf jaar geleden. Ook omdat toen altijd mijn vriend Hans meehielp om het tempo erin te houden. Elke muur, elke vloerplank, elke deurpost is wel eens door hem bewerkt. Samen hebben we oneindig geklust om van een ouderwets Duits hutje een heerlijk comfortabel huis te maken. Hans had deze week 50 moeten worden. God, wat had ik hem er nu graag bij gehad.

Dus is klagen over ouder worden, hard werken en stevig klussen eigenlijk onzinnig . Want er zijn teveel jonge mensen, die graag nog hadden geklaagd over simpele dingen. Die heetten Michiel, Hans, Louis of sinds deze week Anne. Ze worden gemist.

¿QUÉ PASA?

Ik heb het lang voor me uitgeschoven, maar ik wil toch een keer de Catalaanse situatie uitleggen. Dus als je geen zin hebt in een taaie analyse, klik dan gauw naar een gemiste uitzending van Boer Pakt Vrouw of de nu al legendarische nieuwe soap De Sauna. Het wordt een helse klus.

De Catalanen en de Castilianen zijn nooit vrienden geweest. Daarvoor zijn de culturele verschillen te groot. Al vanaf de vroege Middeleeuwen is er wantrouwen, zijn er oorlogen gevoerd en hebben ze elkaar gehaat. De Catalanen dreven met name handel rond de Middellandse zee en maakten deals met iedereen waar ze geld aan konden verdienen. Net Nederlanders. De Castilianen waren altijd aan het veroveren, oorlogen aan het voeren en gewend om met harde hand de boel te onderdrukken. Kijk maar naar de manier waarop ze te keer zijn gegaan in Zuid- en Midden Amerika na de ontdekking door Columbus.

In 1714 verloor Catalunya, na een lange en bloederige strijd met het Castiliaanse koningshuis, de oorlog en haar onafhankelijkheid. Barcelona werd bijna met de grond gelijk gemaakt en de volgende 150 jaar waren de Catalanen weer gedoemd om hun eigen identiteit te verbergen. Dat gaat ze trouwens elke keer prima af, want ze zijn het historisch gewend. Na elke verloren oorlog (eigenlijk nog nooit één keer gewonnen) gaan de Catalanen zo snel mogelijk over naar de orde van de dag en lekker zaken doen. Het zijn geen vechters.

Rond 1900 brak er weer een nieuwe “vrije” periode aan, die ook veel onrust en chaos bracht. Na het uitroepen van de republiek was de maat vol bij de conservatieve Castilianen en ontstond er een bloedige burgeroorlog. Generaal Franco, in het begin stevig geholpen door Nazi-Duitsland, veroverden vanaf Marokko langzaamaan Spanje. De republikeinen vochten voor wat ze waard waren, maar in 1939 vielen de laatste bolwerken, Barcelona en Madrid. Vanaf dat moment beheerste de wraak van dictator Franco op de verliezers tientallen jaren het dagelijkse leven in Catalunya. Één miljoen Spanjaarden werden uit de armere gedeeltes van Spanje (met name uit het Zuiden) naar Catalunya verhuisd. Alleen thuis en in het stadion van Barcelona (teveel mensen om op te pakken) durfden men Catalaans te spreken. Er was continu angst en de haat naar het centrale Spaanse regiem is daarna voor altijd gebleven.

Na de dictatuur ontstond er vrij snel een prille democratie met (weer) een Castiliaanse koning. Er kwam een nieuwe grondwet met beperkte autonomie, er werden voorzichtige stappen vooruit gemaakt. Catalunya werd al snel de grootste motor van de Spaanse economie, maar men vond altijd dat ze er vanuit Madrid weinig voor terug kregen. De economische crisis van 2007 raakte Spanje hard. Catalaanse politici gingen steeds harder roepen om meer zelfbestuur. Ook onderhandelingen met de Spaanse regering over o.a. een nieuwe grondwet verliepen stroef. Toen ze er na 4 jaar toch met elkaar uit waren gekomen, wonnen de conservatieven (Partido Popular van premier Rajoy) de verkiezingen en werd (bijna) alles teruggedraaid. Koren op de molen voor de separatisten.

Er is één voorbeeld wat typerend is voor de verhoudingen. In 2011 nam het Catalaanse parlement een wet aan dat stierengevechten vanaf dat moment in Catalunya verboden waren. Dat was logisch, want Catalanen waren er nooit dol op geweest, maar na de burgerloog werd het “meegenomen” uit Zuid-Spanje door al die migranten. De Partido Popular was tegen en startte een procedure bij het Hoge Spaanse Gerechtshof om de wet te verbieden. En met succes, want in 2016 besliste het Gerechtshof dat stierenvechten Cultureel Spaans Erfgoed (..) was en dus overal moest worden toegestaan, ook in Catalunya. “Zie je wel,” zeiden de Catalanen, “zo gaat het altijd hier in Spanje.”

Het referendum van vorige week is conform de Spaanse Grondwet (die van 1978) onwettelijk en dat klopt. Dan kun je eigenlijk niet gaan stemmen en geen onafhankelijkheid uitroepen. Het is de Catalaanse politici zwaar aan te rekenen dat ze die richting hebben gekozen en het Catalaanse volk op ramkoers naar de afgrond hebben geleid. De regering in Madrid, hoe krampachtig of dom ook, heeft alle juridische troeven in de hand en zal zeker ook door de EU gesteund worden.

En nu? Het is bijna grappig en typerend voor het Catalaanse karakter, maar het gaat ze heel veel geld kosten, die onafhankelijkheid. Want bedrijven willen weg uit Barcelona. En als je de Catalaan in zijn portemonnee treft, gaat hij draaien. Of twijfelen. Of bewegen. Dus zal die eenzijdige onafhankelijkheidsverklaring er, denk ik, niet komen. De Catalanen willen nu weer praten, maar dan staan ze ineens wel zwak. Want in Madrid kunnen ze niet luisteren, anders hadden ze al eerder voor een dialoog gekozen i.p.v. alleen maar ‘NO!’ zeggen.

Er is een gapend sociaal gat geslagen in Spanje, niet alleen in Catalunya. Ook in mijn dorp merk je de ondemocratische hardheid bij de fanatieke JA-stemmers. Het waren dus ook geen eerlijke verkiezingen, want NEE-stemmers bleven weg. Die 90% JA-uitslag is een farce. Wat wel overblijft is dat de meerderheid nog steeds boos is op regering in Madrid. En op de Koning, want die heeft geen enkele handreiking gedaan om het conflict op te lossen. De Spaanse samenleving is verdeeld en ontwricht.

Wat doe je als volk (of minderheid) met wetten waar je het niet mee eens bent en die je niet veranderd krijgt? Rosa Parks pleegde in 1955 een onwettelijke verzetsdaad door te weigeren haar zitplaats in de Amerikaanse bus af te staan aan een blanke. Blijf je praten? Begin je een revolutie? In een democratie gaat het niet alleen om de meerderheid, maar vooral ook om de rechten van de minderheid. Vraag maar aan Erdogan of Poetin hoe ze omgaan met hun wettelijke meerderheid.

Ik pretendeer niet dat mijn uitleg hierboven compleet is of de waarheid. Het is maar mijn mening. Ik ben geen Catalaan, maar voelde me er tot nu toe altijd prettig. Het is triest dat falende politici met een verkeerde agenda zoveel schade kunnen aanrichten als nu in Catalunya is gebeurd. Hopelijk pakken de gematigde Catalanen weer de draad en het leven op. Op zoek naar een gezamenlijke oplossing in een democratisch en wettelijk kader.

Dat ik te laat ben vanmorgen, heeft niets met de complexheid van deze column te maken. We hadden gisteren een topbruiloft van onze society-tandarts Ruud. Wat een feest, wat een heerlijke band met vooral Surinaamse muziek. Ik heb op zondag nog nooit zo los in mijn heupen gezeten haha.

En oh ja, sorry voor het lange epistel. Volgende week beter, okay?